Minister Brouns vervroegt uitrijregeling voor mest op grasland en geeft uitstel voor Mestbankaangifte
nieuwsOmwille van de gunstige weersomstandigheden heeft Vlaams minister van Landbouw en Omgeving Jo Brouns (cd&v) beslist om de uitrijregeling voor mest op grasland te vervroegen naar 9 februari. Stalmest toedienen kon al vanaf 16 januari. Daarnaast heeft de Mestbank ook beslist om de deadline voor de Mestbankaangifte te verschuiven van 15 naar 31 maart 2026.
Vervroegd onder voorwaarden
Zowel Boerenbond, ABS als BioForum hadden er vorige week op aangedrongen om de datum voor het uitrijden van mest te vervroegen. “De bodem is momenteel voldoende daadkrachtig hiervoor. Landbouwers kunnen vandaag uitrijden zonder schade toe te brengen aan de grasmat. Er wordt ook nog heel wat droog weer voorspeld, wat veilige en emissiearme bemesting toelaat. In Wallonië mag nu al worden bemest”, pleitte de landbouworganisatie op haar website.
Boerenbond benadrukte dat het zou gaan om een tijdige, beperkt omvangrijke en agronomisch verantwoorde toepassing, die zowel landbouwkundige als milieukundige voordelen biedt. De vraag sluit volgens de organisatie ook aan bij de geest van het het nieuwe Mestactieplan (MAP7). Daarin werd het principe afgesproken om, waar mogelijk, weg te gaan van een strikte kalenderlandbouw en sterker rekening te houden met reële bodem- en weersomstandigheden. “Vorige week hebben we adviezen van praktijkcentra aan de betreffende diensten afgeleverd, we verwachten snel een antwoord op onze vraag”, klonk het toen nog.
Dat antwoord is er nu. Het kabinet van minister Brouns laat weten dat hij samen met de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) heeft beslist om het uitrijden van drijfmest op grasland toe te staan vanaf 9 februari in plaats van 16 februari. “Door de drogere winter is het mogelijk om dit jaar al vroeger te starten met het toedienen van de zogenaamde type 2-meststoffen op grasland”, klinkt het.
Stalmest toedienen kon al vanaf 16 januari. Voor maïs en aardappelen zonder voorteelt blijft de startdatum wel 16 maart.
Draagkracht van bodem is belangrijk
VLM laat weten dat het belangrijk is om rekening te houden met de draagkracht van de bodem. “Is het perceel nog te nat, dan is het aangewezen om nog te wachten met bemesting. Het risico op schade en bodemverdichting is dan te groot”, waarschuwt VLM. “Dat zou kunnen leiden tot een slechte waterhuishouding en een verminderde grasgroei.” Ook vraagt VLM om meststoffen te spreiden over het groeiseizoen. “In de week tussen 9 februari en 16 februari is een maximale gift van 100 eenheden stikstof uit dierlijke mest toegelaten. Het gras is dan nog maar net gestart met groeien.”
Minister Brouns wijst erop dat landbouwers werken met de seizoenen. “Het is belangrijk dat we in ons beleid durven afstappen van loutere kalenderlandbouw en rekening houden met de weersomstandigheden. Als de temperatuur, de bodem en het gras duidelijk aangeven dat er bemest kan worden, zie ik niet in waarom we onze landbouwers dat zouden verbieden”, stelt hij. De minister benadrukt dat deze beslissing is genomen op basis van wetenschappelijk advies.
Mestbankaangifte is ingewikkelder
Elk jaar moeten land- en tuinbouwers ook een Mestbankaangifte invullen waarin zij de mestproductie, het gebruik, de opslag en de verwerking van mest op hun bedrijf moeten aangeven. Normaal ligt de uiterste deadline voor die aangifte op 15 maart, maar ook hier waren onder meer Boerenbond en landbouw- en milieuadviesbureaus vragende partij voor uitstel. Dat komt er met twee weken waardoor de deadline nu op 31 maart 2026 komt te liggen.
Minister Brouns is er zich bewust van dat er dit jaar bij veel bedrijven extra gegevens worden opgevraagd in het kader van het stikstofdecreet. Zo moeten landbouwers voor het eerst diergegevens per stal doorgeven. Het gaat om de gemiddelde veebezetting, het aantal effectieve standplaatsen, het staltype en de eventuele toepassing van beweiding. Daarnaast moeten rundveehouders ook de ingreep die ze deden, om te voldoen aan de tussentijdse stikstofreductie-doelstelling van vijf procent, doorgeven in de Mestbankaangifte. Het gaat dan bijvoorbeeld om een vermindering van het aantal dierplaatsen, één of meerdere ammoniakemissie-reducerende maatregelen of een combinatie van beiden.
Door deze nieuwigheden in de Mestbankaangifte zijn alle nieuwe functionaliteiten nog niet volledig operationeel. “Zo worden nog niet alle mogelijke maatregelen weergegeven binnen de vijfprocentmaatregel. En tot twee weken geleden kon de balans nog niet worden berekend. Dat laatste is intussen gelukkig al opgelost”, aldus Boerenbond. De landbouworganisatie was ook vragende partij voor een snelle beslissing over het uitstel. “In het verleden werd uitstel vaak vrij laat gecommuniceerd waardoor de druk niet verlaagde bij de studiebureaus.”
Beeld: VLM