nieuws

"Landbouwer laatste dominosteen die omvalt"

nieuws
De landbouwer is de laatste dominosteen die dreigt om te vallen in een landbouwsysteem dat kreunt onder de prijzendruk. En door de boer wat meer te betalen verdwijnen die problemen niet. Zo reageert Mathias Bienstman (Bond Beter Leefmilieu) op de Bobby-campagne van Boerenbond, Groene Kring en KVLV-Agra die het brede publiek oproept om enkele centen meer te betalen voor producten van eigen bodem en zo de Vlaamse boeren te steunen. “Boerenbond legt de verantwoordelijkheid bij diegenen die het minst vat hebben op de huidige landbouwcrisis: de consumenten”, aldus Bienstman.
7 juli 2016  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:36
Lees meer over:

De landbouwer is de laatste dominosteen die dreigt om te vallen in een landbouwsysteem dat kreunt onder de prijzendruk. En door de boer wat meer te betalen verdwijnen die problemen niet. Zo reageert Mathias Bienstman (Bond Beter Leefmilieu) op de Bobby-campagne van Boerenbond, Groene Kring en KVLV-Agra die het brede publiek oproept om enkele centen meer te betalen voor producten van eigen bodem en zo de Vlaamse boeren te steunen. “Boerenbond legt de verantwoordelijkheid bij diegenen die het minst vat hebben op de huidige landbouwcrisis: de consumenten”, aldus Bienstman.

Dat Boerenbond zich in zijn Bobby-campagne rechtstreeks tot de consument richt in de hoop dat die iets meer zal willen betalen voor de voedingsproducten die hij koopt, draagt geen structurele oplossing in zich voor de problematische prijsvorming in de sector. Dat schrijft Mathias Bienstman van Bond Beter Leefmilieu in een opiniestuk in De Standaard. “Als niet alleen een Mexicaanse koffieteler maar ook een Vlaamse varkensboer fair trade nodig heeft, dan weet je dat er iets aan de hand is met ons landbouwbeleid, en een paar centjes extra voor een kotelet zullen dan niet volstaan”, zo klinkt het.

“Landbouwministeries en -organisaties spiegelen landbouwers al decennialang voor dat ze bij de winnaars kunnen horen,” zo zegt Bienstman. “Door schaalvergroting en technologische voorsprong zullen zij het goedkoopst kunnen produceren, de lokale markt domineren en een deeltje van de exportmarkten veroveren. Resultaat: de landbouw produceert steeds meer, de overschotten stapelen zich op en de prijzen zijn historisch laag. Terwijl boeren elkaar dood concurreren, komt er voor een paar euro een biefstuk op het bord.”

Kan de consument daar dan veel aan doen? “Kunnen we simpelweg meer betalen uit medelijden met de landbouwer die zwoegt om geen geld?”, zo vraagt Bienstman zich af. “Ons goedkoop voedsel komt tegen een hoge menselijke prijs. En wie trouwens beter kijkt, merkt dat niet alleen de landbouwer wankelt onder de prijzendruk in de landbouwmarkt. Hij is slechts de laatste dominosteen die dreigt om te vallen.”

“Industrieel dierenleed, bovenmatig antibioticagebruik, vervuilde bodems en rivieren, obesitas en welvaartsziekten, een verschraald landschap en een tanende biodiversiteit, de lokale cultuur die verdwijnt: het lijstje is bekend”, gaat Bienstman verder. “Het zijn allemaal effecten van de druk om goedkoper te produceren. Door de boer wat meer te betalen, verdwijnen al die problemen niet.” Bienstman kijkt richting het Europees landbouwbeleid om het een en het ander te remediëren.

“De landbouw hinkt van crisis naar crisis, en dus mag het huidige GLB op pensioen,” zo vindt hij. “We hebben nood aan iets radicaal anders. Daarbij zouden we de verschillende maatschappelijke waarden van de landbouw en voeding moeten erkennen en stimuleren. Aan de ene kant waarderen we dan beter de maatschappelijke functies van de landbouw en landbouwer. Een mooi landschap, een gezonde bodem, een hoge biodiversiteit of minder broeikasgassen zijn net zo belangrijk als voldoende productie. Ze verdienen extra impulsen vanuit de overheid. We kunnen ze niet alleen aan de markt overlaten. We hebben ook nood aan andere landbouwmodellen zoals agro-ecologie.”

“Aan de andere kant ontwikkelen we een voedingsstrategie die over meer gaat dan louter voedselzekerheid tegen de laagst mogelijke prijs,” besluit Bienstman. “Daarbij richt het beleid zich op gezondheid, kwaliteit, meer plantaardige voeding, authenticiteit, de voedingscultuur. Het hele voedingsgebeuren, van de foodies over de horeca tot de grootkeukens in ziekenhuizen of scholen, heeft nood aan een hedendaagse visie en meer vernieuwing. Er is zo veel meer mogelijk dan de enge impulsen die het Europese landbouwbeleid geeft. We moeten naar een hybride model waarbij we de (vernielings)kracht van de markt inbedden, terwijl we maatschappelijke meerwaarden nastreven. Wat meer betalen voor hetzelfde, is dweilen met de kraan open." 

Bron: De Standaard

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek