Anders vraagt meer zicht op rol van vrouwen in landbouw en versterking van ondernemerschap
nieuwsVlaanderen moet enerzijds meer data voor en over vrouwen in de land- en tuinbouwsector verzamelen en anderzijds het ondernemerschap bij hen aanmoedigen. Daar pleit Anders (vroeger Open Vld) voor in voorstel van resolutie.
In 2024 telde de Vlaams land- en tuinbouwsector 6.183 vrouwelijke zaakvoerders. Daarmee vertegenwoordigen vrouwen 21 procent van het totale aantal zaakvoerders. Een aandeel dat een lichte stijging vertoont want in 2018 was het aandeel nog 19 procent.
“Sectorale verschillen wijzen echter op specifieke drempels en kansen voor vrouwelijk ondernemerschap”, schrijven de indieners van het het voorstel van resolutie (Lydia Peeters, Jasper Pillen, Marianne Verhaert en Eva De Bleecker). Zo staan vrouwen vooral aan het hoofd van pluimveebedrijven en bedrijven met andere graasdieren zoals schapen en geiten. In die sectoren bedraagt hun aandeel respectievelijk 27 procent en 31 procent. Ook in de varkenshouderij en in de groentetuinbouw is ongeveer een kwart van de ondernemingen in vrouwelijke handen. Bij rundveebedrijven ligt de vertegenwoordiging van vrouwen duidelijk lager. Daar bedraagt het aandeel 14 procent bij melkveebedrijven en 12 procent bij gemengde bedrijven met melk en vleesvee.
Als Vlaanderen alleen vrouwelijke bedrijfsleiders zou tellen, was de vooropgestelde ambitie nu al bereikt om vijf procent biolandbouwbedrijven te hebben
Een jaar voor deadline blijft doelstelling 5% bio-areaal veraf
17 februari 2026Sterke vertegenwoordiging in bio
Vrouwen zijn ook sterk vertegenwoordigd in de biosector. Terwijl in de gangbare landbouw 20,7 procent van de bedrijfsleiders vrouw is, loopt dat aandeel in de biosector op tot 28,2 procent. In totaal kiest vijf procent van de vrouwelijke zaakvoerders voor bio. “Als Vlaanderen alleen vrouwelijke bedrijfsleiders zou tellen, had de minister van Landbouw nu al de vooropgestelde ambitie bereikt om vijf procent biolandbouwbedrijven te hebben in Vlaanderen”, merken de vier liberale parlementsleden op.
Over het aandeel vrouwelijke bedrijfsleiders in landbouwbedrijven met een korte keten, hoeveverkoop en andere vormen van verbrede landbouw bestaan vandaag geen publiek beschikbare cijfers. Maar de Anders-parlementsleden nemen aan dat ook in die bedrijfsvormen vrouwen bovengemiddeld aanwezig zijn.
Datalacune
Buiten dat er 6.183 vrouwelijke zaakvoerders en 3.011 vrouwelijke meewerkende echtgenotes waren in 2024, tast Vlaanderen in het duister als het gaat over de totale arbeidsparticipatie van vrouwen op landbouwbedrijven. “Door het gebrek aan genderspecifieke cijfers blijft een belangrijk deel van de bijdrage van vrouwen aan de dagelijkse werking van landbouwbedrijven statistisch onzichtbaar”, schrijven Peeters en co. Volgens hen mag worden aangenomen dat veel vrouwen in de sector geen formele juridische status hebben, terwijl ze wel een substantiële en vaak onmisbare rol spelen in de werking en continuïteit van landbouwbedrijven.
Drijvende kracht achter investeringen?
Volgens de parlementsleden vervullen landbouwersvrouwen vaak een centrale rol in administratie, bedrijfsfinanciën en innovatie op het bedrijf. In welke mate zij doorwegen op investeringsbeslissingen binnen landbouwbedrijven is vandaag niet zichtbaar in de beschikbare gegevens.
Uit VLIF-cijfers blijkt wel dat van de 16.477 productieve investeringen die in 2024 VLIF-steun kregen, er 5.241 plaatsvonden op bedrijven met een vrouwelijke bedrijfsleider. Vergeleken met de gemiddelde investeringen van 2020 en 2021 is dit een stijging van 54 procent. Daarmee stijgt het aantal investeringen bij vrouwelijke bedrijfsleiders veel sterker dan bij mannelijke. Bij mannelijke bedrijfsleiders stijgt het slechts 19 procent. Het aandeel van vrouwelijke bedrijfsleiders bij niet-productieve milieu-investeringen werd niet opgenomen in de resolutie.
De indieners van de resolutie merken daarnaast op dat vrouwen ook een belangrijke rol spelen voor het mentale welzijn binnen het gezin en problemen doorgaans sneller aankaarten bij gespecialiseerde organisaties zoals de vzw Boeren op een Kruispunt. Die rol mag volgens de parlementsleden niet als vanzelfsprekend worden beschouwd.
Landbouwersvrouwen zouden een interessante doelgroep kunnen zijn voor beleidsinitiatieven rond biologische landbouw, transitie-investeringen en mentaal welbevinden. De vier parlementsleden willen met hun resolutievoorstel de Vlaamse regering vragen om de aanwezigheid, impact en concrete bijdrage van vrouwen aan de Vlaamse land en tuinbouw beter in kaart te brengen.
Ondersteun landbouwvrouwen
Daarnaast roepen de parlementsleden de regering op om mentor- en coachingprogramma’s voor vrouwelijke landbouwondernemers te ondersteunen, met aandacht voor financieel beheer, strategische besluitvorming en bedrijfsontwikkeling. Ook vragen ze om vrouwelijke ondernemers in de biolandbouw, korte keten en verbrede landbouw expliciet te ondersteunen.
Verder pleiten ze voor initiatieven die vrouwen aanmoedigen om actiever deel te nemen aan adviesraden en raden van bestuur in de land-en tuinbouwsector. Door in zulke raden te zetelen kunnen ze sterker wegen op het beleid. “Maar door hun hoge werkbelasting en brede takenpakket worden heel wat vrouwen afgeremd om er nog bestuursmandaten bij te nemen. Dat is een gemiste kans”, klinkt het.
De rechtspositie van vrouwen is een structureel aandachtspunt
Landbouwersvrouwen zouden volgens de indieners ook actief en laagdrempelig geïnformeerd moeten worden over statuten, sociale bescherming, pensioenopbouw, eigendom en vennootschapsvormen. “De rechtspositie en het statuut van vrouwen op landbouwbedrijven zijn een structureel aandachtspunt”, klinkt het. “Voor velen biedt het statuut van meewerkende echtgenoot onvoldoende zekerheid op het vlak van onder meer inkomen, sociale bescherming en pensioenopbouw.”
De parlementsleden zien kansen in de toenemende vervennootschappelijking van landbouwbedrijven. “Die juridische vorm sluit vaak beter aan bij de maatschappelijke realiteit en moderne samenlevingsvormen. De land- en tuinbouw vormt immers geen uitzondering op de maatschappelijke evolutie, waarbij het traditionele gezin niet langer de overheersende norm is.”
Het voorstel van resolutie ligt momenteel nog ter bespreking in de landbouwcommissie. Daar moet nog worden gestemd of het naar de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement gaat.
Beeld: Unsplash