Zuivelsector wapenen tegen volatiliteit met marktkennis
nieuwsDoor de lage melkprijs heeft de melkveehouderij het laatste jaar geen al te beste tijd achter de rug. Hoewel op lange termijn de perspectieven gunstig zijn, werden er vijf maatregelen getroffen om de crisis in de zuivelsector op korte termijn aan te pakken. Dat antwoordde Vlaams minister van Landbouw Joke Schauvliege op een parlementaire vraag van Jos De Meyer (CD&V). Ze gaf ook mee dat ze de bezorgdheid van De Meyer deelt dat de melkveehouders als ondernemers sterker moeten gemaakt worden. “Een beter inzicht in de marktsituatie en randvoorwaarden creëren voor een stabiel ondernemersklimaat zijn daarbij belangrijk.”
“Wat zijn de toekomstperspectieven van de Vlaamse melkveehouderij in een mondiale volatiele markt”, luidde de vraag van Jos De Meyer aan Schauvliege. De melkveesector ondervindt op dit moment immers heel wat problemen. Na een periode van goede melkprijzen, zijn de prijzen op de zuivelmarkt in een razendsnel tempo gedaald. Bovendien wordt de sector de jongste jaren gekenmerkt door een sterke concentratietendens: tussen 2000 en 2012 nam het aantal melkkoeien in België af met 18,3 procent, terwijl het aantal melkveebedrijven daalde met 46,3 procent. Ook is er een duidelijke productiestijging waar te nemen. Tussen 2006 en 2013 werd 22,5 procent meer melk geproduceerd met steeds minder koeien.
Net zoals de andere veehouderijsectoren, ondervindt de melkveehouderij ook moeilijkheden als gevolg van de stijgende voederkost. Sinds 2006 is de prijs van krachtvoeder met meer dan 60 procent toegenomen en de samengestelde voederprijs steeg met meer dan 80 procent. “Het beeld dat de Vlaamse zuivelbarometer schetst over de economische situatie in de melkveehouderij is in het eerste kwartaal van 2015 dan ook allesbehalve rooskleurig”, brengt De Meyer in herinnering. De opbrengsten zijn lager dan gemiddeld en de variabele kosten hoger. De recente opbrengstdaling is vooral toe te schrijven aan de sterke daling van de melkprijs: van 41,87 euro per 100 liter melk in december 2013 tot 29,2 euro per 100 liter melk in maart 2015.
Minister Schauvliege erkent dat de huidige marktsituatie voor de melkveehouderij niet gunstig is. “Maar aangezien de melkprijs in de Europese Unie daalde, worden we nu wel concurrentieel op de wereldmarkt. Het mag duidelijk zijn dat de export in de eerste helft van 2015 goed loopt.” Ze wijst er ook op dat er het afgelopen jaar al vijf maatregelen zijn genomen om de situatie in de melkveesector te verbeteren. “Na het Russische handelsembargo zijn er een aantal maatregelen gevraagd aan de Europese Commissie, zoals een snelle activering van crisismaatregelen in het kader van het GLB. In totaal hebben Belgische bedrijven steun gekregen voor 8.522 ton boter in particuliere opslag”, zegt de minister.
“Daarnaast heeft de Commissie, op aandringen van de lidstaten, in het najaar van 2014 beslist om naar aanleiding van de boycot 30 miljoen euro extra vrij te maken voor de promotie van landbouwproducten. Specifiek voor zuivel is er 960.000 euro voorzien, waarvan de helft gefinancierd wordt door de EU. Dit geld moet dienen voor exportpromotie gericht op China, Signapore, Indonesië, de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië. Deze groeimarkten werden in samenspraak met onze exportgerichte zuivelbedrijven aangeduid”, legt Schauvliege uit.
Ze wijst er ook op dat er pogingen werden ondernomen om extra landingsmaatregelen te nemen voor het einde van de melkquota. “Om onze Vlaamse melkveehouders zo goed mogelijk te informeren over het risico op superheffing, werden maandelijks alle gegevens van de melkleveringen publiek gemaakt. In samenspraak met de sector werd ook een voorschotsysteem op de superheffing uitgewerkt.” Uit de definitieve cijfers die de minister bekendmaakte, blijkt dat het Belgische plafond met 76 miljoen liter werd overgeschreden. “Dat is dankzij een franchise van 43.328 liter gunstiger dan we op voorhand durfden inschatten.” Schauvliege wijst er ook op dat het juridisch niet mogelijk is om de geïnde superheffing te laten terugvloeien naar de melkveesector. Ze komt terecht in het Europese Landbouwgarantiefonds van waaruit de diverse steunmaatregelen in het kader van de eerste pijler van het GLB worden gefinancierd.
Momenteel organiseert de minister ook verschillende visiedagen om de zuivelsector te begeleiden in het nieuwe tijdperk zonder de Europese quota. “Tijdens die visiedagen treden landbouwvertegenwoordigers, zuivelindustrie, adviesbureaus, banken, experten en overheid met elkaar in gesprek en wordt constructief gezocht naar oplossingen voor actuele problemen en worden nieuwe strategieën uitgewerkt”, klinkt het. Een eerste visiedag vond eind mei plaats en ging over de rentabiliteit in de melkveehouderij. De volgende visiedag, begin juli, gaat over marktstrategieën en afzetstructuren. In het najaar volgt dan nog een derde visiedag.
Schauvliege is van mening dat ook haar administratie voor een goede monitoring en analyse zorgt. Er gebeuren rentabiliteits- en kostprijsanalyses voor melkvee en de Vlaamse zuivelbarometer wordt periodiek geactualiseerd. Recent werd een studie uitgevoerd over de kostprijsanalyse voor het vervangen van melkvee en er is een studie in de maak over de economische impact van schaalvergroting in de melkveehouderij. “Kennis is voor ons de start van een goede onderhandelingspositie en daarom vind ik marktkennis bijzonder belangrijk. Op de website van het departement wordt alle informatie bijgehouden, ook de verslagen van de Europese beheercomités”, beweert de minister. “Maar ik ben bereid om te kijken of we nog andere zaken kunnen doen. Dat is ook de reden waarom we die visiedagen hebben georganiseerd.”
Ondanks de huidige precaire marktsituatie verwacht ze wel dat de markt zal keren. “De analisten zijn het erover eens dat de vraag sneller zal groeien dan de wereldproductie. Alleen al de komende tien jaren wordt verwacht dat de vraag met 36 procent zal toenemen op de wereldmarkt. Dat biedt perspectieven voor onze melkveehouders.” Dat kan ook afgeleid worden uit de investeringen in de zuivelsector. In de zuivelverwerkende industrie bedroeg het investeringsniveau van de laatste vier jaar 138 miljoen euro per jaar. Dat is 55 procent meer dan in de periode 2005-2010. En in de melkveebedrijven werd in de periode 2011-2013 voor 60 miljoen euro geïnvesteerd in de bouw en inrichting van melkveestallen.
De minister liet ook weten dat ze er zich van bewust is dat melkveehouderij zwaar getroffen wordt door de instandhoudingsdoelstellingen en de programmatorische aanpak stikstof (PAS). “We werken nu volop aan een verkleining van de zoekzones zodat een aantal bedrijven niet meer in de oranje of rode categorie zouden vallen. Daarnaast zijn we in een high level werkgroep hard aan het werken aan generieke maatregelen. Dat is ook belangrijk voor de zuivelsector, waar in plaats van specifiek gericht op één bepaald bedrijf, we generiek voor de sector de stikstof naar beneden zouden halen door een aantal generieke investeringen waardoor minder individuele bedrijven getroffen worden”, aldus nog Schauvliege.