Reportage

Vijf jaar Royal A-ware in België: "Er was meteen een klik"

Reportage

Toen Royal A-ware vijf jaar geleden de zoektocht naar Belgische melkveehouders begon, was het Nederlandse zuivelbedrijf hier nog grotendeels onbekend. Vandaag levert een continu groeiend aantal Belgische melkveehouders melk aan het familiebedrijf. De familie Jacobs uit Meer was de eerste melkveehouder die de stap zette. Een keuze die ze zich nog geen moment heeft beklaagd. “Vanaf het eerste contact was er een klik en die is er vandaag nog altijd.” Samen met Koen Goethals, Manager Melkzaken bij Royal A-ware, blikt de familie terug op vijf jaar aanwezigheid in België en op de uitdagingen en kansen die de sector te wachten staan.

Vandaag Griet Lemaire
Familie Jacobs Royal A-ware

Indrukwekkende groeicijfers

Toen Royal A-ware vijf jaar geleden zijn intrede deed op de Belgische markt, was het bedrijf voor veel melkveehouders nog een nobele onbekende. Hoewel de wortels van Royal A-ware teruggaan tot 1890, is het pas sinds 2010 onder de huidige naam actief. A-ware ontstond na een fusie van kaashandelaars Bouter Kaas en Anker Kaas en groeide de afgelopen 15 jaar uit tot een Europese zuivelspeler van formaat. Vandaag telt het familiebedrijf ruim 5.000 medewerkers, beschikt het wereldwijd over 55 vestigingen in zeven landen - waaronder 23 productielocaties - en verwerkt het jaarlijks meer dan drie miljard liter melk. Om de recente groei te illustreren: vijf jaar geleden ging het nog om 3.000 werknemers en 1,7 miljard liter melk.

Drijvende kracht achter deze indrukwekkende cijfers is een team van mensen onder leiding van topman Jan Anker, die in 1996 een deel van Anker Kaas van zijn vader overnam. Na de fusie tussen Bouter en Anker werd hij CEO van het nieuwe fusiebedrijf Royal A-ware. Naast deze job is Anker ook zelf melkveehouder. Op het Nederlandse eiland Texel en in Roemenië heeft hij twee melkveebedrijven.

1.800 melkveehouders

Royal A-ware geeft geen exacte cijfers over bijvoorbeeld de grootte van het productportfolio of over het aantal Belgische melkveehouders dat melk levert. “Dat is concurrentiegevoelige informatie die we liever niet prijsgeven”, klinkt het steevast. Een cijfer dat wel wordt vrijgegeven, is het totale aantal melkveehouders uit Nederland, België en sinds kort ook Duitsland, Spanje en Italië dat melk levert aan het familiebedrijf. De teller staat inmiddels op zo’n 1.800 melkveehouders. “En dat cijfer tikt elke week verder aan”, zegt Koen Goethals.

Nochtans leveren melkveehouders nog niet zo lang hun melk rechtstreeks aan het bedrijf. In 2013 zet Royal A-ware de eerste stappen om Nederlandse melkveehouders aan zich te binden. Het familiebedrijf had toen een eigen kaasmakerij geopend en was op zoek naar melk voor de bevoorrading daarvan. “We hebben altijd gekozen voor omgekeerde integratie”, legt Goethals uit. “We vertrekken vanuit de klantvraag en bouwen van daaruit de keten op. Daarbij vinden we het belangrijk dat elke schakel correct vergoed wordt voor de waarde die hij toevoegt.”

Koen Goethals Royal A-ware

Als nieuwe speler hebben we de Belgische markt in feite opengebroken, want die was tot dan volledig gesloten

Koen Goethals - Manager Melkzaken Royal A-ware

Voet aan wal in België

Vijf jaar geleden zette Royal A-ware ook nadrukkelijk voet aan wal in België, nadat het eerder al een roomproducent in Merchtem had overgenomen. In 2021 werden niet alleen de poedertorens van FrieslandCampina in Aalter overgenomen, maar de Nederlandse zuivelverwerker ging ook actief Belgische melkveehouders benaderen om melk te leveren aan het bedrijf. Dat zorgde meteen voor onrust op de Belgische zuivelmarkt. “Als nieuwe speler hebben we de markt in feite opengebroken, want die was tot dan volledig gesloten”, duidt Koen Goethals. “We hebben ervoor gezorgd dat de melkveehouders vrij kunnen kiezen aan wie ze hun melk leveren. Onze boodschap is meteen van de start geweest: wij zijn hier voor de lange termijn.”

Die boodschap viel niet in dovemansoren bij de familie Jacobs die tot dan haar melk leverde aan zuivelcoöperatie Milcobel. De familie Jacobs dat zijn Jan en Francine en hun zoon Yves en schoondochter An. Samen runnen ze een melkveebedrijf met 270 melkkoeien. “Toen we van een voorlichter hier op het bedrijf hoorden dat er een nieuwe speler op de Belgische markt zou komen, waren we meteen geïnteresseerd. We waren al lang zoekende naar een alternatief omdat we bij Milcobel niet langer tevreden waren. De melkprijs was slecht en bleef slecht en bij groei van de leveringen moesten we ook telkens extra kapitaal in de coöperatie investeren, terwijl we dat geld wel heel goed zelf op ons bedrijf konden gebruiken”, vertelt Jan Jacobs. “Wat mij betreft is de komst van Royal A-ware een geschenk geweest voor de Belgische melkveehouders”, vult zijn vrouw Francine aan.

Familie Jacobs Koen Goethals Royal A-ware

“Zeg maar Jan”

In het voorjaar van 2021, in volle coronacrisis, nodigde Royal A-ware groepjes geïnteresseerde melkveehouders uit om kennis te maken met het bedrijf. Jan en Francine herinneren zich die eerste ontmoeting nog goed. “Er was meteen een klik.” Ook de aanwezigheid van CEO Jan Anker maakte indruk. “Zeg maar Jan, was het eerste wat hij tegen ons zei”, vertelt Francine. Dat directe en persoonlijke contact met het zuivelbedrijf is voor hen een troef. “We zijn geen nummer meer. Bij een vraag kunnen we meteen met de juiste persoon in contact komen. Die korte lijnen zijn een verademing”, klinkt het.

Persoonlijk contact is volgens Koen Goethals iets waar Royal A-ware sterk op inzet. “Ons team Melkzaken staat dagelijks in contact met de melkveehouders. Wij vinden het heel belangrijk om te weten wat er leeft bij onze melkveehouders. Als bedrijf willen we samen met hen ondernemen.” Ook voor CEO Anker is dat directe contact een prioriteit. “Elk voorjaar en elk najaar organiseren we bijeenkomsten voor onze melkveehouders. Hoewel hij een zeer drukke agenda heeft, is Jan Anker bij elke vergadering aanwezig om een stand van zaken te geven over het bedrijf en de markt.”, vertelt de Manager Melkzaken.

Met realistische en haalbare premies probeert Royal A-ware haar leveraars stappen vooruit te laten zetten op vlak van duurzaamheid. “Het is geen verplichting, maar toch zien we dat de deelnamegraad op ruim 90 procent ligt. Meer dan 80 procent van onze melkveehouders haalt zelfs het hoogste duurzaamheidsniveau”, luidt het. Ook het ondernemerschap van de melkveehouders is een aandachtspunt. Sinds 2022 heeft Royal A-ware ook in België een Dairy Academy. “Samen met acht partners die kennis hebben over specifieke domeinen, bieden we praktijkgerichte workshops aan, exclusief voor onze leveraars. Zo houden ze hun vakkennis op peil, leren ze van elkaar en versterken ze hun ondernemerschap”, legt Koen Goethals uit.

Kapitaal op boerenerf

Hij stelt vast dat het doorgans de iets jongere en iets grotere melkveehouders zijn die voor Royal A-ware kiezen. Ook het bedrijf van de familie Jacobs past in dat profiel. Ze melken 270 melkkoeien en houden daarnaast nog zo’n 300 stuks jongvee en niet-lacterende koeien. Met zoon Yves die in 2014 mee in het bedrijf stapte, is de opvolging verzekerd. Royal A-ware kiest er bewust voor om geen kapitaalinbreng te vragen aan haar leveraars. “Zo blijft het boerenkapitaal op het eigen erf. Zeker voor bedrijven die willen groeien, kan dat kapitaal daar veel nuttiger worden ingezet”, klinkt het.

Is groei nog wel haalbaar nu het stikstofdecreet als een zwaard van Damocles boven de sector hangt? Yves Jacobs maakt zich voorlopig nog weinig zorgen. “Vergunningstechnisch zijn we volledig in orde en 2030 is nog veraf”, reageert hij nuchter. Om de vereiste stikstofreductie van vijf procent reductie te halen, investeerde de familie in een mestrobot. Een onverwacht bijkomend voordeel is dat het bedrijf drie locaties telt. “We hadden plaatsgebrek en het aanbod voor die stallen kwam op ons pad. We hebben niet getwijfeld en zijn daar nu blij om, want het geeft sinds de stikstofperikelen wel wat ademruimte”, stelt Jan.

Ik verwacht dat melkveehouders die vergunningstechnisch in orde zijn een structureel betere toekomst tegemoet gaan

Koen Goethals - Manager Melkzaken Royal A-ware

Koen Goethals stelt vast dat er momenteel nog geen krimp zit in het melkaanbod. “Ik ben ervan overtuigd dat voor wie vooruit wil, er nog steeds kansen zullen zijn. Met genetica en innovatie is veel mogelijk. Bovendien zijn obstakels van alle tijden, ondernemende landbouwers weten hoe daarmee om te gaan. Ik verwacht dat melkveehouders die vergunningstechnisch in orde zijn een structureel betere toekomst tegemoet gaan”, benadrukt hij.

Geen rem op ambities

Stikstof zet dus geen rem op de ambities van het Nederlandse familiebedrijf. “We zijn een ondernemende club”, zegt Goethals. “Groei is geen doel op zich, maar als we opportuniteiten zien, dan grijpen we die.” Onze aanpak is daarbij altijd dezelfde gebleven: we vertrekken vanuit de vraag van de klant en bouwen van daaruit duurzame ketens uit die we zo efficiënt mogelijk organiseren.”

De Nederlandse zuivelverwerker heeft er nooit een geheim van gemaakt dat een eigen kaasmakerij in België hoog op het verlanglijstje staat. Of die er komt op de leegstaande site van Olympia in Pajottegem, daar kan Koen Goethals geen uitspraken over doen. Royal A-ware nam Olympia in 2022 over en voorkwam daarmee het faillissement van het Vlaams-Brabantse familiebedrijf. Aanvankelijk kondigde A-ware een investeringsprogramma aan, maar uiteindelijk bleek de infrastructuur te verouderd. De site sloot begin april 2026 de deuren. Nauwelijks was die sluiting een feit of er doken berichten op over de mogelijke bouw van een nieuwe kaasmakerij in Pajottegem. “Samen met de lokale overheden onderzoeken we de mogelijkheden. We verwachten daar pas dit najaar duidelijkheid over te krijgen”, laat de manager Melkzaken nog niet in de kaarten kijken.

Hoe minder spelers er in de zuivelverwerking actief zijn, hoe beperkter de keuzevrijheid voor de boer wordt. Dat kan nooit een goede zaak zijn

Jan Jacobs - Melkveehouder in Meer

De groeiplannen van Royal A-ware illustreren tegelijk een bredere trend in de zuivelsector, waar schaalvergroting en consolidatie steeds nadrukkelijker aanwezig zijn. Een recent voorbeeld is de fusie tussen de Belgische zuiveloöperatie Milcobel en het Nederlandse FrieslandCampina. De familie Jacobs kijkt met gemengde gevoelens naar deze ontwikkeling. “Hoe minder spelers er in de zuivelverwerking actief zijn, hoe beperkter de keuzevrijheid voor de boer wordt. Dat kan nooit een goede zaak zijn”, vindt Jan Jacobs. “Net daarom zijn we blij dat we vijf jaar geleden voor Royal A-ware hebben gekozen. Iedere melkveehouder maakt zijn eigen afwegingen, maar zelf hadden we de fusie met FrieslandCampina niet zien zitten. We kunnen alleen maar besluiten dat we indertijd de juiste keuze hebben gemaakt. We zitten hier goed”, besluiten Jan en Francine.

Belgische zuivelverwerkers zien rode vlaggen: investeringen en jobs dalen
Uitgelicht
De Belgische zuivelverwerkers hebben een zeer uitdagend jaar achter de rug. Onverwacht hoge melkvolumes, internationale concurrentie en stijgende kosten hebben de marges in de...
gisteren Lees meer

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek