nieuws

Vormt Fernand Huts met Engelse tomaten een concurrent voor Belgische telers?

nieuws

Het afvalverwerkingsbedrijf Indaver, in handen van de Antwerpse ondernemersfamilie Huts, heeft in Engeland een installatie geopend. In de plannen is ook de bouw van een serrebedrijf opgenomen dat verwarmd zal worden met restwarmte uit de afvalverbrandingsoven. Het toekomstige tomatenbedrijf heeft een productiecapaciteit van 30.000 ton tomaten per jaar. Zou daarmee de vraag naar Belgische tomaten kunnen dalen? Voornamelijk Vlaamse telers exporteren een groeiend volume tomaten naar het Verenigd Koninkrijk.

Vandaag VILT-redactie
Lees meer over:

Het afvalverwerkingsbedrijf Indaver heeft donderdag de grootste site van de groep geopend. Dat gebeurde in het Britse Rivenhall in het graafschap Essex, onder het toeziend oog van CEO Karl Huts, zoon van de Antwerpse havenbaron Fernand Huts. De installatie zal jaarlijks bijna 600.000 ton niet-recycleerbaar huishoudelijk en bedrijfsafval verwerken en omzetten in energie.

Indaver heeft daarnaast ook een vergunning ontvangen voor de bouw van serres naast de fabriek. Warmte, elektriciteit en CO₂ – noodzakelijk voor de groei van groenten – zullen via een pijpleiding vanuit de fabriek naar de serres worden vervoerd. Het uiteindelijke doel is de teelt van tomaten die op de Londense markt verkocht worden. Indaver mikt daarbij op een productie van 30.000 ton tomaten per jaar.

Dat volume kan bijdragen aan een hogere zelfvoorzieningsgraad van het Verenigd Koninkrijk. Het land is een netto-importeur van tomaten en voerde vorig jaar wereldwijd 389.758 ton in. Uit cijfers van agro-marketingorganisatie VLAM blijkt dat België, met 26.848 ton, samen met Nederland en Spanje tot de grootste Europese leveranciers van tomaten behoort. Het exportvolume naar het Verenigd Koninkrijk vertegenwoordigt 12 procent van de totale Belgische tomatenexport.

Export naar UK stijgt

De Belgische export van tomaten naar het Verenigd Koninkrijk zit bovendien in de lift sinds de Brexit. In de periode januari-maart 2026 lag het exportvolume 16 procent hoger dan in dezelfde periode van 2025. De vraag rijst dan ook of het toekomstige serrebedrijf geen concurrent zal worden voor Belgische tomatentelers.

“Wij kunnen niet inschatten of deze nieuwe productie een bedreiging vormt voor de Belgische export. Belgische tomaten genieten in het Verenigd Koninkrijk een sterke reputatie dankzij hun uitstekende kwaliteit, smaak en betrouwbare beschikbaarheid”, klinkt het bij VLAM.

Door tomaten te produceren met behulp van restwarmte daalt de klimaatimpact van de teelt. In de gangbare tomatenteelt wordt voornamelijk gewerkt met warmtekrachtkoppelingen (WKK's). Hoewel deze systemen als uiterst efficiënt bekendstaan, gebruiken ze nog steeds aardgas en dragen ze daardoor bij aan de uitstoot van broeikasgassen in de glastuinbouw.

Vlaamse voorbeeld in Roeselare

In Vlaanderen wordt al jaren onderzoek gedaan naar manieren om die klimaatimpact te verminderen. Ook het gebruik van restwarmte uit afvalverbranding is hier geen onbekend concept. In Roeselare worden bijvoorbeeld twee tomatenbedrijven en het onderzoekscentrum Agrotopia van Inagro verwarmd met restwarmte van afvalverwerker Mirom. Bij de serrebedrijven vult deze restwarmte een deel van de warmtebehoefte in; bij Agrotopia voorziet ze in de volledige warmtevoorziening.

“Dit vormt voor ons een zeer betrouwbare warmtebron en is in staat onze volledige serre te verwarmen”, zegt Maarten Ameye, onderzoekscoördinator bij Inagro. Daarnaast is Agrotopia ook aangesloten op de restwarmte van de WKK-installatie van REO Veiling in het gebouw onder Agrotopia. “Omdat we aangesloten zijn op twee verschillende bronnen, waren technische aanpassingen nodig en moet er nauwlettend op worden toegezien dat beide systemen elkaar kunnen aanvullen wanneer dat nodig is. Zo’n back-up is belangrijk wanneer er onderhoudswerken plaatsvinden of technische storingen optreden”, aldus Ameye.

Daarnaast noemt hij het “positief” dat binnen het Indaver-project ook wordt gedacht aan de levering van CO₂. “Dat is vaak een ontbrekende schakel voor telers. Telers met een WKK-installatie verkrijgen hun CO₂ via die installatie. In bepaalde periodes is er echter geen behoefte aan elektriciteit of warmte uit de WKK, maar wel aan CO₂. Enkel daarvoor de WKK laten draaien is noch duurzaam, noch economisch rendabel.”

Bron: Eigen berichtgeving / Belga

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek