Duurzaamheidsbeleid zuivelsector werpt vruchten af
nieuwsZowat 22 procent van de Belgische melkveehouders produceert groene stroom op het bedrijf en 35 procent van de bedrijven haalt de vooropgestelde normen wat betreft maximalisatie van lokale ruwvoederproductie. Dat blijkt uit de duurzaamheidsmonitoring van de Belgische Confederatie van de Zuivelindustrie (BCZ). “De zuivelsector heeft de afgelopen jaren hard gewerkt om de duurzaamheid doorheen de keten verder te verhogen. Onze duurzaamheidsmonitoring toont positieve resultaten aan, maar houdt ons ook bij de les”, zei BCZ-voorzitter Jean-Marc Schevenels tijdens de jaarvergadering van de federatie.
Sinds 1 januari 2014 is de zuivelindustrie samen met de belangrijkste landbouworganisaties gestart met een duurzaamheidsmeting bij de Belgische melkveebedrijven. Uit een lijst van 35 mogelijke initiatieven kunnen de melkveehouders zelf kiezen welke duurzaamheidsinspanningen ze willen leveren. Deze monitoring is niet verplicht, maar volgens BCZ hebben de melkveehouders er zelf alle belang bij omdat de helft van de initiatieven zichzelf terugbetaald. Onafhankelijke auditeurs, die al de bestaande voedselveiligheidscontroles uitvoeren, registreren de inspanningen van de melkveehouders op vlak van duurzaamheid.
“Maar voor deze monitoring beperken we ons niet enkel tot de melkveehouderij. Ook de melkophaling en de melkverwerking worden onderworpen aan controles. Duurzaamheid is immers een continu proces waaraan elk jaar verder moet gewerkt worden, door elk van de drie niveaus”, aldus Schevenels. Via deze objectieve inventarisatie wil de sector aantonen welke inspanningen er geleverd worden en welke vooruitgang er jaar na jaar wordt geboekt. Tegen eind 2016 zouden alle 8.500 Belgische melkveebedrijven moeten gecontroleerd zijn.
In 2014 werden al 2.904 melkveebedrijven geauditeerd. Uit die controle blijkt dat de melkveehouders gedurende het eerste jaar al negen bovenwettelijke duurzaamheidsinitiatieven realiseerden. “Dat is heel wat voor een nulmeting”, aldus de BCZ-voorzitter. “En als we de 1.096 bedrijven die tijdens het eerste kwartaal van 2015 gecontroleerd werden, erbij nemen, dan blijkt dat er al 12 bovenwettelijke duurzaamheidsparameters werden gehaald.” Volgens Schevenels is deze systematische audit om de drie jaar en de sensibilisering die er rond gebeurt, een krachtige tool om de duurzaamheid in de melkveehouderij te verhogen.
Dat blijkt ook uit de rest van de cijfers. Zowat 27 procent van de bedrijven haalt de score voor de ideale gezondheidstoestand van de veestapel en 35 procent realiseert de langleefbaarheidsdoelstelling voor zijn koeien. Op 22 procent van de melkveebedrijven wordt groene stroom geproduceerd en dit voor een equivalent van het verbruik van minstens 5.000 gezinnen. En 35 procent van de bedrijven haalt de doelstelling inzake maximalisatie van de lokale ruwvoederproductie. “Maar er blijven nog heel wat punten over waar vooruitgang mogelijk is”, stelt Schevenels. “Zo laten tot nu toe relatief weinig melkveehouders een energiescan uitvoeren door een erkend organisme.”
Ook op vlak van melkophaling kan de sector resultaten voorleggen. Sinds 2006 is de verbruikte brandstof met 11 procent gedaald per 1.000 liter opgehaalde melk, het aantal uitgespaarde kilometers liep terug met 14 procent en het percentage melkophaalwagens met Euro 5- of Euro 6-norm is gestegen tot 79 procent. Euro 5 en Euro 6 zijn de meest milieuvriendelijke motoren inzake emissie. “We zien wel dat verbeteringen tussen 2011 en 2014 moeilijker worden”, beseft BCZ.
De melkverwerking zag haar CO2-uitstoot per ton product verder dalen, terwijl de totale uitstoot bij de toegenomen productie gelijk blijft. “De overschakeling naar meer milieuvriendelijke brandstoffen zoals aardgas is één van de verklaringen. Na forse dalingen van het energieverbruik in de periode 2006-2012 stellen we de laatste twee jaar een toename vast. Dit heeft te maken met verschuivingen in het productassortiment naar producten die meer energie vergen. Het waterverbruik per ton product kan niettegenstaande de verdere upgrading van ons productassortiment lichtjes verder dalen”, aldus nog de voorzitter van de zuivelfederatie.
Meer informatie: Zuivelrapport 2015