header.home link

Termijnmarkt faciliteert prijsafspraken tussen slachthuis en varkenshouder

13 november 2020

De lancering van een nieuw futures-contract gebaseerd op de vierkantsverwaarding van het varken door de CME-termijnmarkt in Chicago en de Europese verplichting om wekelijks de prijzen van de belangrijkste deelstukken te publiceren, opent perspectieven voor prijsovereenkomsten tussen varkenshouders en slachthuizen. Dat zegt Bart Teuwen van producentenorganisatie VPOV en Vaercoop, een coöperatie die zich richt op risicomanagement.

Lees meer over:

Iedere dag moeten álle Amerikaanse slachthuizen de hoeveelheden én prijzen rapporteren van de deelstukken die zij verkopen op de (binnenlandse) markt. Vervolgens wordt het gewichtsaandeel van ieder deelstuk vermenigvuldigd met de deelstuk-prijs, om zo uit te komen op de totale karkaswaarde van een uitgesneden varken. De berekening hierachter werd opgesteld door de overheid in samenwerking met de sector, en is trouwens volledig transparant en beschikbaar voor iedereen.

“Deze karkaswaarde van het uitgesneden varken wordt vervolgens door de Amerikaanse overheid iedere dag gepubliceerd als een index en krijgt daardoor een officieel en onafhankelijk karakter”, legt Teuwen uit. “De CME-termijnmarkt volgde deze index al enkele jaren en heeft nu dus een futures-contract ontworpen dat zijn waarde ontleent aan deze index.”

Dit is van belang aangezien de laatste jaren meer en meer varkenshouders ervoor konden kiezen om deze karkaswaarde van het uitgesneden varken als basis te gebruiken voor hun uitbetaling. Doordat CME, de eigenaar van de termijnmarkt in Chicago, nu ook een futures-contract verhandelt, kunnen varkenshouders ook meteen hun uitbetaling op voorhand “vastklikken”, indien zij dit wensen.

Meer transparantie in de EU

In deze context is het trouwens interessant te melden dat vanaf 1 januari ook in de EU een eerste stap(je) wordt gezet in deze richting. Een Europese Verordening moet tegen dan door de lidstaten omgezet zijn én toegepast worden. Deze EU-verordening verplicht de wekelijkse publicatie van de belangrijkste deelstukprijzen voor varkens: ham, rug, schouder en buik.

“Dus vanaf 1 januari zullen deze deelstukprijzen iedere woensdag gepubliceerd worden”, verduidelijkt Tom Mertens, voorzitter van VPOV. “In Vlaanderen besteedt de overheid het verzamelen van de gegevens uit aan FEBEV. De overheid zal vervolgens op gezette tijdstippen controleren of de door FEBEV bezorgde cijfers correct en representatief zijn.”

Zo wordt informatie ter beschikking gesteld aan alle marktpartijen, ook aan die partijen die omwille van hun zwakkere positie weinig of geen toegang hebben tot informatie

Tom Mertens - voorzitter VPOV en Stijn Merckx - voorzitter Vaercoop

Transparantie en risicomanagement

Volgens VPOV en Vaercoop is dit niet zonder belang. “Ten eerste wordt op deze manier informatie ter beschikking gesteld aan alle marktpartijen, ook aan die marktpartijen die omwille van hun zwakkere positie weinig of geen toegang hebben tot informatie. Nochtans is dit één van de voorwaarden om de keten efficiënt te laten werken”, klinkt het.

Ten tweede is markttransparantie een noodzakelijke voorwaarde om een liquide termijnmarkt te kunnen ontwikkelen, zo stellen beide coöperaties. “Énkel indien er onafhankelijke, actuele en correcte informatie voorhanden is inzake volumes, kwaliteit en prijs zullen traders interesse hebben om te handelen en zo de nodige liquiditeit te voorzien”, zegt Stijn Merckx, voorzitter van Vaercoop.

Wat betekent dit voor de boer ?

Vandaag is de varkenshouder in Vlaanderen een prijsnemer. Bovendien zitten er ook grote schommelingen in de marktprijzen. Dit zorgt ervoor dat periodes van negatieve resultaten en positieve resultaten worden afgewisseld. De steeds grotere prijsvolatiliteit zorgt er evenwel voor dat de risico’s voor landbouwers steeds toenemen.

Een goed werkende termijnmarkt zorgt ervoor dat varkenshouders vaste prijzen kunnen overeenkomen met de slachthuizen

Bart Teuwen - Secretaris VPOV en Vaercoop

Een goed werkende termijnmarkt die ervoor zorgt dat varkenshouders vaste prijzen kunnen overeenkomen met de slachthuizen, kan daar een antwoord op bieden.  Maar als een varkenshouder vandaag de vraag stelt aan het slachthuis om een bepaalde vaste prijs af te spreken voor de afname van zijn varkens, zal het slachthuis helemaal niet geneigd zijn om hierop in te gaan. “Want daarmee zou het prijsrisico volledig bij het slachthuis komen te liggen, wat zij uiteraard niet willen. Maar als het slachthuis dit prijsrisico vervolgens kan verleggen naar een liquide termijnmarkt kan het wél werken”, aldus Bart Teuwen.

En zo werkt het ook in de Verenigde Staten: slachthuizen bieden vaste prijzen aan de boer aan. De boer beslist vervolgens of zij daarop willen ingaan of niet, én voor welk percentage. En als de boer beslist om een deel van zijn varkens te verkopen op een vaste prijs zal het slachthuis dit indekken op de termijnmarkt. “Eigenlijk zoals het vandaag ook al werkt op de grondstoffenmarkt, ook hier in Europa”, luidt het.

VPOV en Vaercoop

Er zijn vandaag twee coöperaties van varkenshouders die actief bezig zijn met prijstransparantie en risicomanagement. Enerzijds heb je de producentenorganisatie VPOV die focust op prijstransparantie en ketenwerking. Daarnaast heb je de coöperatie Vaercoop cv die zich richt op risicomanagement en indekken van prijsrisico’s.

Wie interesse heeft in meer informatie kan beide coöperaties contacteren via info@vpov.be of vaercoop@gmail.com. Ook ketenpartners die interesse hebben in het indekken van hun (varkens)prijsrisico, kunnen contact opnemen. Uit de ervaring van Vaercoop blijkt dat bedrijven actief in de verdere verwerking van vlees hier zeker baat bij kunnen hebben.

In samenwerking met: VPOV / Vaercoop

Beeld: USDA

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek