nieuws

Nieuwe cijfers over beschermde natuur in Vlaanderen, Natuurpunt en Groen trekken aan de alarmbel

nieuws

41 procent van de Europees beschermde plant- en diersoorten in Vlaanderen verkeert in een slechte staat van instandhouding. Dat blijkt uit nieuwe natuurrapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek. De resultaten over zowel habitatsoorten als habitattypen doen bij Natuurpunt en bij de partij Groen de alarmbel luiden. "Het huidig beleid volstaat niet: in plaats van de kop in het zand te steken, of erger nog te pleiten om Europese beschermingsregels te versoepelen, zouden we beter eindelijk in actie schieten", aldus Natuurpunt.

Vandaag Jozefien Verstraete
nattenatuur-water-wijmeers-sigmaplan

INBO heeft drie nieuwe rapporten uitgebracht over de staat van instandhouding van de Europese beschermde natuur in Vlaanderen. Uit het rapport over de 46 Vlaamse habitattypes, een natuurtype met specifieke kenmerken en soorten, blijkt dat er nog geen sprake is van een substantiële verbetering van de staat van instandhouding.

 “Ondanks de geleverde inspanningen kan er hoogstens gewag gemaakt worden van een globale status quo: de overgrote meerderheid (40) van de habitattypen verkeren nog steeds in een zeer ongunstige staat van instandhouding”, aldus het rapport. “Twee habitattypen scoren matig ongunstig en twee zijn gunstig.” In vergelijking met het vorige rapport in 2019 gaan er vijf habitattypen op vooruit, maar gaan er tien globaal achteruit. 25 habitattypes blijven stabiel.

Een continuering van het huidige instandhoudingsbeleid is onvoldoende om de achteruitgang te stoppen bij de habitattypes

INBO

INBO benadrukt in het rapport dat de deze graadmeter niet alles zegt, omdat de omslag van ongunstig naar gunstig vaak pas in een laat stadium zichtbaar is. Om te beoordelen of Vlaanderen momenteel vooruitgang boekt, wordt beter gekeken naar de trends van de deelcriteria, dan naar de huidige staat van instandhouding. De staat van instandhouding volgt namelijk het 'one‐out‐all‐out' principe. Daarbij volstaat één ongunstige beoordeling op een deelcriterium om het volledige habitattype als ongunstig te classificeren.

“Echter, ook bij de deeltrends is het beeld niet onverdeeld positief”, aldus INBO. “Er zijn 21 habitattypen waar één of meer deelcriteria positief evolueren, maar er zijn ook 13 habitattypen met één of meer negatieve deeltrends. Vier habitattypen vertonen zelfs tegengestelde trends bij verschillende deelcriteria. De achteruitgang is dus nog niet volledig gestopt. De impact van drukken en bedreigingen blijft bovendien hoog en wordt nog versterkt door klimaatverandering.”

Een continuering van het huidige instandhoudingsbeleid is volgens INBO onvoldoende om de achteruitgang te stoppen of om te keren. “Een substantiële versterking en versnelde uitvoering van het instandhoudingsbeleid, ingebed in een ruimer bio‐ diversiteitsbeleid, is noodzakelijk en urgent”, aldus INBO. “Daarbij moet ook worden overwogen om, waar het bestaande beleid tekortschiet, aanvullend of nieuw beleid te ontwikkelen.”

Een kwart van de beschermde soorten verkeert in goede staat

Naast de habitattypes rapporteerde INBO ook over de 70 habitatsoorten. Dit zijn kwetsbare plant- of diersoorten, zoals vissen, insecten, mossen of zoogdieren die onder Europese bescherming vallen. 29 van deze habitatrichtlijnsoorten (41%) bevinden zich in een slechte staat van instandhouding. Ten opzichte van de vorige rapportage gaan zes soorten achteruit, blijven 14 stabiel en boeken vijf vooruitgang. Voor vier soorten blijft de trend onzeker.

18 soorten (26%) bevonden zich in een gunstige staat van instandhouding. Evenveel soorten (26%) bevonden zich in een matig ongunstige staat van instandhouding.

Boomkikker doet het goed, wilde kat niet

Dat een kleine helft in ongunstige staat van instandhouding verkeert, impliceert volgens INBO niet dat de inspanningen van de laatste decennia geen effect hebben gehad. “De uitgangssituatie bij het in werking treden van de Habitatrichtlijn moet daarbij expliciet worden meegewogen: veel soorten waren toen zeldzaam en uiterst bedreigd, of zelfs regionaal uitgestorven”, aldus het rapport. “Er is vandaag een gemengd beeld, waarbij sommige soorten opnieuw zijn kunnen heropleven.”

Er is vandaag een gemengd beeld, waarbij sommige soorten opnieuw zijn kunnen heropleven

INBO

Zo is de boomkikker geëvolueerd van een zeer ongunstige naar een gunstige staat van instandhouding. Ook de verbetering van de waterkwaliteit in de Scheldevallei heeft geleid tot de succesvolle terugkeer van de fint en tot herstel van diverse andere vispopulaties, wat mede de voorzichtige herkolonisatie door de otter mogelijk heeft gemaakt.

Voor veel soorten verloopt het herstel van de populatie traag. Bij de insecten scoren onder meer de gaffellibel en de gevlekte witsnuitlibel zwak. Ook de vaatplant groenknolorchis en de vis grote modderkruiper staan onder druk. Tot slot scoren ook verschillende zoogdieren, waaronder de wilde kat, de hamster en enkele vleermuissoorten, slechte punten op het rapport.

"Het is essentieel om de huidige inspanningen door te zetten zodat de populaties en leefgebieden zich verder kunnen herstellen en kunnen evolueren tot een gunstige staat van instandhouding”, concludeert het rapport. Voor het herstel van aquatische soorten ziet INBO een grote bedreiging in de toenemende aanwezigheid van invasieve uitheemse soorten, die de effectiviteit van lopende herstelmaatregelen ondermijnt. Andere soorten gaan dan weer achteruit door toenemende milieudrukken, zoals intensivering van het landgebruik, verlies aan structuurrijke habitats en een afnemende voedselbeschikbaarheid. “Deze en andere stressoren, in combinatie met voortschrijdende klimaat- en milieuveranderingen, blijven de herstelkansen van deze populaties ernstig beperken”, klinkt het.

“Geen tijd voor uitstel”

Volgens natuurorganisatie Natuurpunt kan Vlaanderen de natuur nog herstellen, maar moet er nu gehandeld worden: “De cijfers zijn duidelijk: natuurherstel werkt. We hebben geen nood aan getreuzel of verzwakte wetgeving, maar aan concrete uitvoering op het terrein. We moeten de natuur niet alleen herstellen omdat het 'moet' van Europa, maar vooral om onze eigen problemen op te lossen. Investeren in natuur is investeren in onze eigen veiligheid en economie. Het is onze goedkoopste verzekering tegen extremen als waterbommen of aanhoudende droogte.”

Zowel Natuurpunt als Groen zijn kritisch over de houding van cd&v over de Europese milieuwetgeving. “Terwijl cd&v-voorzitter Sammy Mahdi en Vlaams minister van Omgeving en Landbouw Jo Brouns pleiten voor het versoepelen van Europese milieuwetgeving, bewijst dit rapport hoe onverantwoordelijk die attitude is", stelt Vlaams parlementslid Mieke Schauvliege (Groen). "We moeten onze natuurgebieden juist uitbreiden, verbinden en versterken.”

“De Europese regels zijn niet het probleem, maar het gebrek aan uitvoering van de Vlaamse plannen wél”, voegt Diemer Vercayie, beleidsadviseur natuurbeleid bij Natuurpunt, daar nog aan toe. “Het huidig beleid volstaat niet: in plaats van de kop in het zand te steken, of erger nog te pleiten om Europese beschermingsregels te versoepelen, zouden we beter eindelijk in actie schieten. Door regels af te zwakken los je het natuurprobleem niet op, je vergroot het.”

Weide- en akkervogels op historisch dieptepunt, broedvogels tonen licht herstel of blijven stabiel
Uitgelicht
Het gaat niet goed met weide- en akkervogels in Vlaanderen. De populaties glijden af naar een historisch dieptepunt. Dat meldt het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO...
23 mei 2025 Lees meer

Bron: Eigen berichtgeving

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek