62 procent van de vrouwelijke landbouwers ervaart obstakels specifiek omdat ze vrouw zijn
nieuwsBijna twee op de drie vrouwelijke landbouwers zeggen dat ze in de landbouwsector extra obstakels ervaren omdat ze vrouw zijn. Ze botsen vooral op de moeilijke combinatie van werk en gezin, een gebrek aan erkenning en fysiek zwaar werk. Dat blijkt uit een bachelorproef van Odisee-hogeschool, gebaseerd op een enquête bij meer dan honderd vrouwelijke landbouwers uit Vlaanderen en Nederland.
Voor haar bachelorproef Agro- en Biotechnologie onderzocht Falke Gillissen de historische evolutie en de huidige positie van vrouwen in de landbouw. Daaruit blijkt dat de positie van vrouwen in de landbouw de voorbije decennia verbeterde, maar dat volledige gelijkheid nog niet bereikt is.
Brede verantwoordelijkheid, beperkte erkenning
Vrouwen vormen al eeuwenlang een onmisbare schakel binnen landbouwbedrijven. Tot op vandaag combineren vrouwelijke landbouwers nog steeds een uitzonderlijk breed takenpakket. Zo geeft 90 procent van de bevraagde vrouwen aan actief betrokken te zijn bij productie en dierverzorging. Daarnaast staat 65 procent mee in voor administratie en bedrijfsvoering, terwijl ongeveer 70 procent deze taken combineert met zorgtaken binnen het gezin.
Uit het onderzoek blijkt dat veel actieve vrouwelijke landbouwers hetzelfde werk doen als mannen, maar zich niet altijd op dezelfde manier erkend voelen. Slechts 53 procent van de respondenten voelt zich door haar omgeving gezien als volwaardige landbouwer. Zo'n 34 procent voelt zich gedeeltelijk erkend. "Deze deelnemers geven aan dat ze te vaak worden gezien als 'de vrouw van' of 'de dochter van' en niet als boerin", aldus Gillissen. "De man wordt ook vaak gezien als de ondernemer en bedrijfshoofd van het bedrijf. Vrouwen worden daarentegen vaak gezien als ondersteunende krachten, waarbij bovendien wordt aangenomen dat zij over minder kennis beschikken."
Die beperkte erkenning vertaalt zich ook in andere cijfers. Op de vraag 'Heef u ooit het gevoel gehad dat u meer moeite moest doen dan mannen om erkenning te krijgen?' gaf 56,2 procent aan eerder of volledig akkoord te gaan met de stelling.
58 procent van de deelnemers gaf dan weer aan genderongelijkheid te ervaren. Daartegenover zegt 41,9 procent geen ongelijke behandeling te ondervinden ten opzichte van mannelijke collega's. Sommige van deze respondenten gaven wel aan dat ze zichzelf vaker moeten bewijzen. "De mate van erkenning en ongelijkheid is natuurlijk voor geen enkele vrouw hetzelfde", benadrukt Gillissen. "De ervaring is afhankelijk van factoren zoals plaats, tijd, sociale context, cultuur, persoonlijke situaties en andere factoren."
Extra obstakels
62 procent van de deelnemers geeft aan specifieke obstakels te ervaren omdat ze een vrouw zijn in de landbouwsector. De meest aangegeven obstakels zijn combinatie werk–gezin (59%), gebrek aan erkenning (59%) en fysiek zware arbeid (54,3%). Daarnaast wordt ook seksisme of neerbuigende opmerkingen (21,9%) en een ongelijke verdeling van verantwoordelijkheden op het bedrijf (13,3%) vermeld. Een kleiner aandeel van de respondenten duidt op beperkte toegang tot opleidingen of netwerken (2.9%) en beperkte toegang tot financiële middelen.
"Sommige vrouwen gaven ook hun eigen individuele ervaringen mee", aldus Gillissen. "Een vrouw gaf als obstakel aan dat sommige mannelijke collega's beter betaald worden, ondanks hetzelfde werk. Of mannelijke collega's die voortdurend haar of andere vrouwelijke collega's seksueel getint of hatend lastigvallen, tot zwart maken in het sociaal netwerk. Daarnaast haalde een deelneemster ook de praktische moeilijkheden aan met betrekking tot toiletgebruik tijdens de menstruatie."
Vrouwen als motor voor de landbouw van de toekomst
Tegelijk ziet Gillissen duidelijke signalen van verandering. Vrouwen hadden vroeger bijvoorbeeld helemaal geen inspraak in het bedrijfsbeheer noch financiële beslissingsmacht. Dit is niet meer zo. Vrouwen krijgen meer inspraak, erkenning en worden steeds meer zichtbaar.
Vrouwen nemen steeds vaker ook zelf de leiding van landbouwbedrijven op en blijken vaak voortrekkers in duurzame en innovatieve bedrijfsvoering. "Veel vrouwen kijken anders naar landbouw. Ze denken sterker op lange termijn en hebben meer aandacht voor de omgeving en de gemeenschap", zegt ze. "Ze zetten bijvoorbeeld meer in op duurzaamheid, kleinschalige bedrijfsmodellen en lokale verankering."
Toch blijven veel traditionele rollen, sociale verwachtingen en ongelijkheden aanwezig in de sector. Om de kloof tussen de genderongelijkheid te verminderen en het potentieel van vrouwen in de sector ten volle te benutten, is het volgens Gillissen noodzakelijk om hen gerichte ondersteuning, meer erkenning en een betere toegang tot middelen te geven.
Momentum voor verandering
Volgens Kim Schoukens, voorzitter van de Women in Ag Foundation, levert het Belgisch-Nederlands onderzoek belangrijke cijfermatige onderbouwing voor een problematiek die vrouwen in de sector al langer aankaarten. "Het is een belangrijke stap om de kenniskloof te dichten en een sterke basis voor toekomstig onderzoek”, klinkt het.
Ook Leen Beke, coördinator landbouw bij Ferm, benadrukt het belang van meer zichtbaarheid en waardering voor boerinnen en tuiniersters. "Ze combineren ondernemerschap, zorg, administratie, innovatie en familieleven, vaak zonder de erkenning die daarbij hoort. Sterke boerinnen maken sterke landbouw- en tuinbouwbedrijven."