Kans stijgt op vergoeding voor wie minder melkt
nieuwsTijdens een vergadering in Warschau ter voorbereiding van de Europese Landbouwraad eind juni zijn Polen, Duitsland en Frankrijk het eens geraakt dat een financiële stimulans vanuit Europa nodig is opdat melkveehouders zouden ingaan op de productievermindering die volledig vrijblijvend aangemoedigd wordt. Federaal landbouwminister Willy Borsus is tevreden dat landen met een stem die doorweegt in de Landbouwraad het Belgische standpunt bijtreden. “De vergadering van 27 en 28 juni zal beslissend zijn als men de negatieve spiraal van de landbouwcrisis wil doorbreken”, legt hij de lat hoog.
Opmerkelijk, maar daarom niet minder positief, vindt minister van Landbouw Willy Borsus de bocht die Duitsland maakt. Tijdens een overleg in Warschau met de Franse en Poolse landbouwdelegatie, in voorbereiding van de volgende Landbouwraad, scharen de Duitsers zich achter een vrijwillige productiebeperking in de melkveehouderij mét bijbehorende financiële stimulans vanuit Europa. Federaal minister van Landbouw Willy Borsus benadrukt dat hij dit standpunt al sedert de boerenbetoging in Brussel bij de Europese Commissie verdedigt.
Ook de Europese boerenkoepel Copa is pleitbezorger van een financiële stimulans voor een productieremmend systeem dat anders niet kan werken. Wanneer de productie vrijwillig beperkt moet worden zonder dat er een vergoeding tegenover staat, kijken alle landen naar elkaar zoals ook melkveehouders onderling hopen dat de buren op de rem trappen zodat ze het zelf niet moeten doen.
“Het is positief dat belangrijke actoren ons bijtreden”, reageert Borsus op de nieuwe koers die Duitsland vaart en het gemeenschappelijk standpunt met Frankrijk en Polen. “Anderzijds mogen we niet vergeten dat de landbouwcrisis om zich heen grijpt en steeds meer landbouwers in Europa treft. De Commissie kan hiervoor niet langer doof blijven en moet een incentive voorstellen die voldoende belangrijk is om zoveel mogelijk landbouwers een beroep te zien doen op de maatregel voor vermindering van de productie.”
In hun ‘Warshau-verklaring’ erkennen Duitsland, Frankrijk en Polen de ernst van de landbouwcrisis, specifiek in de varkens- en melkveehouderij en in de fruitteelt. In de zuivelsector blijft de markt uit balans, ondanks de maatregelen die vanuit Brussel uitgevaardigd werden. Deze landen rekenen erop dat de Europese Commissie extra middelen vrijmaakt om de crisis te bekampen.
Opvallend, de drie landen spreken expliciet hun vertrouwen uit in de huidige koers die het gemeenschappelijk landbouwbeleid vaart, namelijk een gemeenschappelijke markt en oriëntatie van de landbouw op een marktgerichte productie. Conform deze principes is het ook aan de marktpartijen zelf om op een verantwoorde manier op de huidige marktsituatie te reageren. Tegen de trend van de laatste maanden in benadrukken ze dat oplossingen voor de crisis vanuit Europa moeten komen. Nationale herstelmaatregelen mogen niet neerkomen op het opnieuw nationaliseren van het landbouwbeleid en ze mogen de marktwerking ook niet verstoren.
Meer info: Warschau statement