Duitsland stelt doelen voor landbouw- en voedselbeleid
nieuwsChristian Schmidt, de Duitse minister van Landbouw, pakte de voorbije dagen uit met de resultaten van een enquête naar voedselconsumptiegedrag en met een groenboek dat de grote lijnen bevat voor het landbouw- en voedselbeleid. De Duitse consument zegt bij voedingsaankopen vooral te letten op smaak, regionale herkomst, productinformatie en prijs. Negen op de tien bevraagden vinden dat (gezonde) voeding een vak moet zijn op school. Met het groenboek wil minister Schmidt het maatschappelijk en politiek debat op gang brengen. Eén van zijn actiepunten is de toegang tot grond verzekeren voor Duitse boeren, en omgekeerd dat moeilijker maken voor buitenlandse investeerders en mensen met andere plannen dan landbouw.
In Duitsland zijn in korte tijd twee interessante rapporten verschenen, enerzijds een voedselrapport op basis van een enquête bij 1.000 Duitsers over hun aankoop- en eetgedrag en anderzijds een groenboek dat de krijtlijnen uitzet voor toekomstig landbouw- en voedselbeleid. Het Departement Landbouw en Visserij, dat recent zelf een Landbouwrapport publiceerde met de consument als vertrekpunt, is dat niet ontgaan. De studiedienst van de landbouwadministratie resumeert voor VILT de belangrijkste bevindingen uit Duitsland: “De belangrijke aankoopcriteria voor voeding zijn smaak (97%), regionale herkomst (73%), productinformatie en prijs (elk 57%), merken (45%), labels (35%) en reclame (31%).”
Nog volgens dezelfde enquête letten meer consumenten (47%) dan in 2015 op een label voor dierenwelzijn. Dierenwelzijn is ook de belangrijkste verwachting tegenover de landbouw (70%), nog voor productkwaliteit (69%). Daarna volgen een eerlijke prijs voor de boer (57%), milieuvriendelijke productiemethoden (57%), zorg voor het platteland (46%) en openheid en transparantie (45%). Bijna negen op de tien respondenten zouden ook bereid zijn meer te betalen voor dierenwelzijn (gemiddeld 13,60 euro in plaats van 10 euro per kg vlees). Bijna twee derde (62%) van de Duitsers koopt zijn voedingswaren grotendeels in de supermarkt. De discounter scoort ook heel goed (43%). Daarna volgen de buurtwinkel (30%), de markt (8%), de biowinkel (6%) en rechtstreeks bij de landbouwer (5%), die stuk voor stuk terrein verliezen ten voordele van de supermarkt en de discounter.
Deze enquête naar het voedselconsumptiegedrag wordt ieder jaar uitgevoerd in Duitsland. Landbouwminister Christian Schmidt noemt het “een spiegel van de Duitse samenleving”. Hij onthoudt vooral dat de bevolking dierenwelzijn hoog in het vaandel draagt – daarom introduceert hij binnenkort een nationaal welzijnslabel – en vragende partij is voor een vak ‘voeding’ op school. Negen op de tien Duitsers vinden dat kinderen op school voedingsvoorlichting moeten krijgen, net zoals ze er wiskunde of Engels leren. Schmidt is zinnens van de voedingsvoorlichting in het algemeen te reorganiseren. Een federaal voedingscentrum zal wetenschappelijk onderbouwde voedingsadviezen verstrekken. Verder neemt hij uit de enquête mee dat de houdbaarheidsdatum zoals die nu op het etiket vermeld wordt niet voor iedereen duidelijk is. In plaats van ‘ten minste houdbaar tot’ lezen consumenten op het etiket liever de datum waarop het product weggegooid moet worden omdat het vervallen is.
Rond de jaarwisseling had minister Schmidt reeds een ‘groenboek voeding, landbouw en platteland’ gepresenteerd waarin hij beleidsvoornemens maakt. Zo wil hij tegen 2030 de Duitse samenleving beter beschermen tegen voedingsgerelateerde ziekten zoals obesitas. De voedselveiligheid kan nog verbeteren als autoriteiten beter samenwerken. De verspilling van voedsel moet richting 2030 halveren. Inzake landbouw wordt met termen als efficiëntie en concurrentiekracht gegoocheld, en erbij gezegd dat de sector oog moet hebben voor maatschappelijke eisen.
Negen op de tien Duitse boerderijen zijn familiale bedrijven en dat wil Schmidt zo houden. Landbouwbedrijven moeten weerbaarder worden en minder lastig gevallen worden met bureaucratie. De tweepijlerstructuur van het Europees landbouwbeleid blijven de Duitsers genegen, want ook na 2020 willen ze de rechtstreekse inkomenssteun niet afschaffen. Wél hervormen zodat lokale en extensieve landbouw evenals jonge boeren er meer van kunnen profiteren. Met de aan productie gekoppelde steun moet volledig komaf gemaakt worden. Inzake dierenwelzijn wil Duitsland vooroplopen met een nationale strategie en bijbehorend label. Het 50 pagina’s tellende rapport is bedoeld om het maatschappelijk en politiek debat op gang te brengen, maar wordt bij momenten best concreet in zijn voorstellen.
Meer info: voedselrapport & groenboek landbouwbeleid
Beeld: WikiCommons - Frank Vincentz