Derde Fabriek voor de Toekomst zet voeding centraal
nieuwsMet de Fabriek voor de Toekomst Voeding, voegt de Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij (POM) van West-Vlaanderen een derde lid toe aan het rijtje van Fabrieken voor de Toekomst. Dat zijn innovatieplatformen die op een concrete locatie een materiële neerslag vormen voor kennisnetwerken. Bedoeling is om hiermee het Nieuw Industrieel Beleid van de Vlaamse overheid te concretiseren en nieuwe kennis en technieken ingang te laten vinden bij kleinere KMO’s in de voedingsindustrie. De nieuwe Fabriek krijgt een plaatsje in het Vlaamse Huis van de voeding, het Miummm in Roeselare.
“De Fabrieken voor de toekomst zijn een concretisering van het Nieuw Industrieel Beleid van de Vlaamse overheid dat enkele jaren terug werd geformuleerd,” zo vertelt Jean de Bethune, gedeputeerde voor Economie en voorzitter POM West-Vlaanderen, “en waarmee de Vlaamse regering industrie opnieuw een centrale plaats wilde geven in onze economie ter vervanging van de toenmalige diensteneconomie.”
Daarop werden door de provincie vier belangrijke industriële clusters afgelijnd waarin West-Vlaanderen zelfs tot op internationaal niveau toonaangevend is: nieuwe materialen, blue energy (energie opgewekt door water), machinebouw en voeding. Voor elk van deze clusters moet op termijn op een concrete locatie een kennisplatform, een Fabriek, uitgebouwd worden waar partners elkaar kunnen ontmoeten en kennis uitwisselen.
In 2013 opende al de Fabriek voor de Toekomst Nieuwe Materialen in Kortrijk en eerder dit jaar was het de beurt aan de Fabriek voor de Toekomst Blue Energy in Oostende. De derde Fabriek van de Toekomst richt zich nu op de voedingsindustrie. En dat is niet zomaar, West-Vlaanderen stelt namelijk niet minder dan 16.000 mensen tewerk in 900 voedingsbedrijven. Goed voor bijna 30 procent van de voedingsindustrie in Vlaanderen.
De Fabrieken voor de Toekomst zijn bedoeld als “symbolische materialisaties van gebundelde krachten, een concrete plek om een virtueel netwerk aan kennis een plaats te geven en de krachten te bundelen”, zo verduidelijkt Jean de Bethune. Omdat de Fabriek hierdoor een actief kennisplatform is, werd die voor voeding bovendien erg toegankelijk in het hart van de West-Vlaamse voedingsindustrie geplaatst: in het Vlaamse Huis van de voeding, het Miummm, in Roeselaere.
Hier zal worden ingezet op testfaciliteiten en vormingsinitiatieven voor mensen uit de sector, maar ook kleine kinderen kunnen er van jongs af aan kennismaken met de voedingsindustrie en al spelenderwijs ontdekken waar ons voedsel vandaan komt. “Zo moet de Fabriek ook een vitrine zijn voor het grote publiek, waar getoond wordt welke initiatieven er door de industrie en onderzoekscentra genomen worden”. Al is het gebouw wel nog een work in progress, en zal er nog zo’n twee miljoen euro in moeten worden geïnvesteerd.
Het nieuwe strategische innovatieplatform moet vooral een hulp zijn voor KMO’s in de voedingsindustrie. “Grote bedrijven beschikken vaak zelf over een researchafdeling en de nodige middelen om te innoveren en medewerkers op te leiden. Het zijn de kleine bedrijven waar nieuwe kennis moeizamer haar intrede maakt. De Fabrieken zijn dan ook letterlijk een instrument om met nieuwe kennis actief naar die kleinere spelers toe te stappen”, aldus de gedeputeerde.
Als eerste realisatie wordt volgende week de eerste editie van Food@Work Live georganiseerd in het Miummm. Die jobbeurs is er specifiek op gericht om de voedingsindustrie sterker te maken op de arbeidsmarkt. Op donderdag kunnen klasgroepen langskomen om met bedrijven uit de sector kennis te maken. Zaterdag kunnen geïnteresseerden concrete vacatures komen ontdekken.
Voor de laatste cluster, mechatronica of machinebouw, zijn tot nog toe nog geen plannen voor een concrete Fabriek ontwikkeld. “Binnen deze sector zijn al heel wat relevante initiatieven opgestart, ik denk dan aan IMEC, en we willen uiteraard niet concurreren met degelijke projecten als we geen toegevoegde waarde kunnen brengen”, besluit de gedeputeerde.
Meer info: Fabrieken voor de toekomst