nieuws

Debat over EU-meerjarenbegroting 2 mei van start

nieuws
Hoe zal de Europese begroting er na 2020 uitzien? De Commissie stelt op woensdag 2 mei haar voorstel voor het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2021-2027 voor. Door de brexit moet Europa het jaarlijks met 12 tot 13 miljard euro minder doen, een tekort dat de Commissie wil dichten met de helft besparingen en de helft vers geld. Als het van de Commissie afhangt stijgt de bijdrage van de lidstaten lichtjes. Aan besparingszijde wordt onder meer naar het landbouwbeleid gekeken, waar er flink gesneden zal worden in de directe steun via een plafond van 60.000 euro.
30 april 2018  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:45
Lees meer over:

Hoe zal de Europese begroting er na 2020 uitzien? De Commissie stelt op woensdag 2 mei haar voorstel voor het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2021-2027 voor. Door de brexit moet Europa het jaarlijks met 12 tot 13 miljard euro minder doen, een tekort dat de Commissie wil dichten met de helft besparingen en de helft vers geld. Als het van de Commissie afhangt stijgt de bijdrage van de lidstaten lichtjes. Aan besparingszijde wordt onder meer naar het landbouwbeleid gekeken, waar er flink gesneden zal worden in de directe steun via een plafond van 60.000 euro. 

Het begrotingsvoorstel van de Commissie is het startschot van de onderhandelingen over de meerjarenbegroting (2021-2027). Als het van de Commissie afhangt wordt het brexit-begrotingsgat deels gedicht door een licht verhoogde bijdrage van de lidstaten. De Europese begroting is in de lopende periode 2014-2020 goed voor 1.026 miljard euro of 1,03 procent van het bruto nationaal inkomen (GNI) van de 28 EU-lidstaten. De Commissie wil dat optrekken tot 1,13 tot 1,18 procent en wil daarnaast ook meer eigen inkomsten genereren via onder meer een belasting op de emissie van CO2 of de productie van plastic.

De Duitse Begrotingscommissaris Günther Oettinger heeft alvast laten weten dat het landbouwbudget, goed voor 408 miljard of 38 procent van de huidige Europese begroting, zal krimpen. Ook het regionaal beleid, dat bedoeld is om de economische verschillen tussen lidstaten en/of regio's te verkleinen, vertegenwoordigt 367 miljard euro (34%) en zal moeten inboeten. Voor een akkoord is er unanimiteit nodig onder de lidstaten. Bedoeling is dat er een akkoord is voor de Europese verkiezingen die volgend jaar plaatsvinden.

Duitsland en Frankrijk hebben al laten weten dat ze meer willen betalen aan de Europese begroting. Maar Nederland, Zweden, Finland, Denemarken en Oostenrijk staan op de rem. Mark Rutte, de Nederlandse premier, beloofde dat hij zijn uiterste best zal doen om te voorkomen dat er extra geld uit Den Haag naar de EU vloeit. Oostenrijk, dat in de tweede helft van 2018 EU-voorzitter is, stelt zich het hardst op: Wenen wil niet meer betalen dan het nu doet en vindt dat het uitgavenniveau op 1 procent moet blijven. De landen uit Centraal- en Oost-Europa zullen zich van hun kant naar alle verwachting met hand en tand verzetten tegen een eventuele koppeling tussen Europese cohesiefondsen en het respect voor de rechtsstaat of Europese solidariteit inzake migratie.

De Commissie probeert de lidstaten met cijfers en statistieken ervan te overtuigen dat ze het klassieke debat tussen nettobetalers en netto-ontvangers moeten overstijgen en dat iedereen ervan profiteert als het goed gaat met Europa. Zo leverde de eenheidsmarkt Duitsland in 2014 110 miljard euro extra inkomsten op, België ruim 30 miljard en Oostenrijk 20 miljard. En cohesiefondsen voor de armere landen vloeien in grote mate terug naar de rijkere landen in de vorm van bedrijfsorders.

Dat de Commissie meer geld vraagt, is niet nieuw. Dat vele regeringen ook effectief meer willen betalen, is dan weer wel een situatie die eurowatchers nog niet vaak hebben meegemaakt. "Door de opeenstapeling van crisissen is in vele lidstaten het verpletterende besef doorgedrongen dat er een aantal uitdagingen bestaan die gemeenschappelijk aangepakt moeten worden, en daar hangt nu eenmaal een prijskaartje aan", aldus professor Hendrik Vos (UGent). "Dat zal echter verzoend moeten worden met de traditionele mantra, die ook leeft bij de publieke opinie, dat Europa niet te veel geld mag kosten."

Dat de lidstaten uit het zuiden en oosten een grotere begroting genegen zijn, hoeft niet te verrassen. Zij ontvangen meer uit de Europese pot dan ze erin stoppen. Het verwondert ook niet dat het Frankrijk van president Emmanuel Macron de daad bij het woord wil voegen. Het is vooral de Duitse generositeit die volgens Vos "toch wel bijzonder" is. Duitsland, de grootste sponsor van de begroting, staat van oudsher op de rem voor hogere uitgaven. “Het Duitse standpunt heeft de toon gezet. Zo kan het debat in een minder giftig klimaat van start gaan.” 

Bron: De Standaard / Belga

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek