Aanpassing fosforgehalte bodem is werk van lange adem
nieuwsIn een thematische nieuwsgolf zet ILVO onderzoek op een rij rond het thema bodem, nutriënten en compost. Over fosfor, een nutriënt dat Vlaanderen zorgen baart gelet op de doelstellingen voor de waterkwaliteit, zegt ILVO dat het verlagen van het gehalte in de bodem een werk van lange adem is. Minder bemesten, leidt niet rechtlijnig tot een daling van fosforconcentraties in waterlichamen. Ook wil je de bemesting niet zodanig terugschroeven dat de grond helemaal uitgeput wordt. In dat verband komt onderzoek naar het verhogen van het organische stofgehalte met stalmest en compost in beeld.
Fosfor is een noodzakelijk nutriënt voor gewassen, maar teveel fosforbemesting kan verliezen naar het oppervlaktewater veroorzaken, met algenbloei en een verminderde waterkwaliteit tot gevolg. Ongeveer 35 procent van de fosforverliezen worden toegeschreven aan de landbouwsector. Hoewel fosfor gekend staat als relatief immobiel in de bodem kunnen kleine fosforverliezen – enkele procenten van een doorsnee bemestingsdosis – reeds verantwoordelijk zijn voor overschrijdingen van fosfornormen in grond- en oppervlaktewater.
Volgens het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) bestaat er zoiets als een ‘streefzone’ voor bodemfosforgehaltes waarin milieu- en landbouwkundige belangen verenigd worden. Om bodems met een te laag of te hoog bodemfosforgehalte in deze streefzone te krijgen, zijn verschillende acties mogelijk. Goede bemestingsadviezen en de correcte opvolging ervan zijn in dat kader van belang en de fosforbemestingsdosissen kunnen aangepast worden door middel van wetgeving. ILVO geeft het voorbeeld van Nederland en Ierland, waar de bemestingsnormen nog sterker gedifferentieerd zijn dan bij ons. Daar zijn de normen afhankelijk gemaakt van het gemeten bodemfosforgehalte van het perceel.
Er heerst terughoudendheid voor het terugschroeven van de fosforbemesting. Dat heeft vooreerst te maken met de aanvoer van organische koolstof waar men niet op wil besparen omdat die belangrijk is voor de bodemvruchtbaarheid. Compost zou daar een uitweg kunnen bieden want uit langlopende veldproeven in Vlaanderen en Frankrijk blijkt dat je met compost het best de bodem kan verrijken en tezelfdertijd fosforverlies kan beperken. Op fosforarme percelen lijkt runderstalmest dan weer de betere optie.
Van een verminderde fosforinput worden ook negatieve effecten op de opbrengst gevreesd. “Verschillende lange termijn veldexperimenten met gereduceerde bemesting tonen echter aan dat bodems met een hoog fosforgehalte zeker meerdere jaren tot decennia met een fosforbemesting lager dan de fosforexport kunnen zonder gevolgen voor het gewas”, weerlegt ILVO. “Enkel bij lage bodemfosforgehaltes, en zeker bij fosforbehoeftige gewassen en bij gras (waar het fosforgehalte belangrijk is voor de voederwaarde) kunnen suboptimale toestanden optreden bij verminderde bemesting.”
Veranderingen in bodemfosforgehaltes zijn volgens ILVO een werk van lange adem, van jaren tot decennia. Zelfs bij een sterk gereduceerde fosforbemesting zijn niet altijd (snel) dalingen in fosforconcentraties in waterlichamen waar te nemen door de grote fosforvoorraden in de bodem en de beperkte mobiliteit van fosfor. Fosfor kan bovendien op de route naar waterlichamen tijdelijk accumuleren in andere bodems, biomassa, sedimenten, bufferstroken,… en later kunnen deze voorraden via remobilisatie langdurig (tot meerdere decennia) fosfor vrijgeven.
Meer info: ILVO-mededeling
Bron: ILVO nieuwsgolf
Beeld: Loonwerk Defour