Toekomst tabaksteelt in gedrang bij hervorming GLB
nieuwsMet de geplande hervorming van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) naar een uniform bedrag van inkomenssteun per hectare, dreigt de rendabiliteit van de tabaksteelt in België nog meer in het gedrang te komen dan bij de bijsturing in 2004, naar aanleiding van de Midterm Review. Zo reageert minister voor Landbouw Kris Peeters op een parlementaire vraag van volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V).
In 2004 besliste Europa tot een geleidelijke ontkoppeling van steun en productie. Tegen 2006 moest die ontkoppeling voor minstens 60 procent worden doorgevoerd, om na 2010 helemaal te zijn afgerond. In de periode 2006 tot 2009 bleef de directe steun-enveloppe behouden, maar voor de periode 2010 en 2013 werd ze gehalveerd.
Onder meer omwille van de grote maatschappelijke druk op de tabaksteelt, besliste Vlaanderen in overleg met de sector echter om steun en productie al vanaf 2006 volledig te ontkoppelen, en over te schakelen op een oppervlaktesteun (bedrijfstoeslag). Hoewel het steunbedrag aanvankelijk hetzelfde bleef, schakelden verschillende tabakstelers over op andere teelten. Van de ongeveer 380 hectare tabak bij 204 telers in België vóór 2006, blijven vandaag nog ongeveer 49 hectare tabak bij 72 telers over, met een concentratie in Vlaanderen (46 hectare bij 66 telers).
“Met de geplande evolutie naar een uniform bedrag van inkomenssteun per hectare, de zogenaamde ‘regional flat rate’, dreigt de sector het nog harder te verduren te krijgen”, stelt Peeters. “In de overgangsperiode (2014-2019) zullen landbouwers met hoge historische rechten, zoals tabakstelers, een ‘top-up’ krijgen op de flat rate, die stapsgewijs afgebouwd zal worden. Die overgang zal voor de tabakstelers erg ingrijpend zijn, temeer omdat 30 procent van het budget voor de inkomenssteun naar vergroening moet gaan, die extra verplichtingen oplegt en kosten met zich meebrengt.”
Peeters zegt zich bewust te zijn van de situatie van de tabakstelers en pleit voor een langere overgangsperiode en meer flexibiliteit inzake vergroening. “Een bijkomend knelpunt voor de sector is dat er geen mogelijkheid bestaat voor gekoppelde steun”, voegt hij toe. “Dit zou immers leiden tot een tegenstrijdig Europees beleid, waarbij enerzijds de consumptie van tabak ontmoedigd wordt, terwijl anderzijds de productie wordt gestimuleerd.”
Volgens Peeters heeft de sector echter wel een kans om in aanmerking te komen voor steun bij het oprichten van een producentengroepering. “Mijn administratie heeft de vertegenwoordigers van de sector hierover ingelicht en plant nog opvolgvergaderingen om hen te begeleiden doorheen het eventuele erkenningsproces.”