Peeters tevreden met GLB-compromis landbouwministers
nieuwsOp de Europese Raad in Luxemburg hebben de landbouwministers dinsdagnacht een nieuw mandaat toegekend aan het Ierse Voorzitterschap om de laatste fase van de onderhandelingen over de hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) aan te vatten. Vlaams minister-president Kris Peeters hoopte dat op basis van dit compromis snel een akkoord bereikt kon worden met het Parlement. Hij werd op zijn wenken bediend.
In oktober 2011 werd het voorstel van de Europese Commissie over de hervorming van het GLB voor het eerst voorgesteld aan de Europese Raad van landbouwministers en het Europese Parlement. De voorbije jaren en maanden werd er intens onderhandeld tussen de drie instellingen om tot een akkoord te komen dat tegemoetkomt aan ieders ambities.
De laatste fase van de onderhandelingen kan nu worden aangevat, aangezien de Ierse voorzitter Coveney tijdens de Landbouwraad in Luxemburg een aangepast mandaat kreeg van de lidstaten, met de bedoeling om op basis daarvan nog vóór einde juni tot een globaal akkoord te komen met de andere partners. Volgens minister-president Kris Peeters, tevens bevoegd voor Landbouw, biedt het nieuwe onderhandelingsmandaat voldoende mogelijkheden om de Vlaamse landbouwsector voor te bereiden op een duurzame toekomst.
“Ik ben tevreden dat de Europese Commissie nu zwart op wit heeft gegarandeerd dat een volledige regionale toepassing in de toekomst geen probleem meer zal zijn. Ik heb altijd gepleit voor maximale flexibiliteit inzake directe steun en het stimuleren van een betere marktwerking. Eens er een finaal akkoord is met het Europese Parlement – wat mogelijks later deze week al het geval is – zal ik snel overleg plegen over de toepassing van het hervormd gemeenschappelijk landbouwbeleid in Vlaanderen”, aldus Peeters.
De belangrijkste discussiepunten tijdens deze Raad waren dezelfde als bij voorgaande bijeenkomsten van de landbouwministers, met name de mate waarin flexibiliteit geboden wordt aan de lidstaten inzake het realiseren van een meer evenwichtige verdeling van de directe inkomenssteun (interne convergentie) en het respecteren van drie vergroeningseisen. In Luxemburg werd onder meer overeengekomen om van bedrijven met minder dan 15 hectare akkerland niet te eisen dat zij vijf procent – en later mogelijk zeven procent – van hun areaal zouden inrichten als ecologisch focusgebied.
Vanuit Vlaanderen werd ingezet op haalbare doelstellingen inzake interne convergentie en vergroening, zonder daarbij afbreuk te doen aan de bijdrage die de landbouwsector levert inzake de EU-2020 doelstellingen, en zonder de rendabiliteit van de Vlaamse landbouwbedrijven daarbij in het gedrang te brengen. “De Raad is hierop ingegaan, en ook op de vraag van Vlaanderen om een specifiek budget vrij te maken voor de ondersteuning van jongeren in de landbouw”, deelt Kris Peeters mee.
Op het vlak van marktwerking drong Vlaanderen aan op het aanbieden van voldoende en efficiënte instrumenten aan de primaire producenten om zich te verenigen en gezamenlijk te onderhandelen. Minister-president Peeters is dan ook tevreden dat de Raad bereid is om in te gaan op het verzoek om een betere marktwerking te stimuleren, door het versterken van de onderhandelingsmarge voor producenten via producentenorganisaties en brancheorganisaties.
Daarnaast is er ook extra flexibiliteit voorzien bij de uitwerking van maatregelen in het kader van plattelandsontwikkeling. Tot slot is, na de Raad, nu ook de Europese Commissie tegemoet gekomen aan de jarenlange vraag van Vlaanderen en Wallonië om alle keuzes inzake de toepassing van het landbouwbeleid op het regionale niveau en onafhankelijk van elkaar te mogen maken.
De Vlaamse minister-president hoopt dat een akkoord met het Europees Parlement nu snel volgt gelet op de juridische duidelijkheid waar de landbouwsector dringend nood aan heeft. “Het hervormd gemeenschappelijk landbouwbeleid zal geleidelijk ingevoerd worden in 2014 en 2015, aangezien ook de administratieve voorbereiding nog heel wat tijd zal vergen”, kondigt Peeters nog aan.