Zacht voorjaar bezorgt boeren teeltvoorsprong
nieuwsNet zoals de voorbije winter was ook het voorjaar volgens het KMI uitzonderlijk zacht. Maart en april waren gemiddeld 2,5 en 2 graden warmer dan normaal, en tegelijkertijd ook erg droog. Ook al waren de zaaiomstandigheden daardoor niet overal optimaal, toch zullen vele akkerbouwers tevreden terugblikken op de voorbije maanden: heel wat gewassen vertonen een groeivoorsprong tot meer dan twee weken.
De zachte winter - de tweede warmste winter in Ukkel sinds het begin van de waarnemingen in 1838 - en het warme voorjaar hebben onvermijdelijk een impact op het veld. In de Leemstreek bijvoorbeeld, waar nu vooral de wintergewassen domineren, liggen de waarden van de vegetatie-index (fAPAR) van 1 januari tot 20 april gemiddeld 70 procent boven de normale waarden. De wintergranen lijken daar dus een uitstekend seizoen tegemoet te gaan, aldus de Agrometeorologische Berichten.
Zo kon de wintertarwe- en gerst tijdens de winter zonder onderbreking groeien en zitten verschillende percelen twee weken voor op het gemiddelde groeischema. Ook voor de suikerbieten verloopt het voorjaar uitermate gunstig. Tegen 20 april waren zowat alle bietenvelden ingezaaid, wat de akkerbouwers een gemiddelde voorsprong van één à twee weken opleverde. Ook de aanplant van aardappelen werd vroeger afgerond dan normaal. Nadeel van de milde weersomstandigheden is de verhoogde ziektegevoeligheid.
Bron: Agrometeorologische Berichten
Beeld: Loonwerk Defour