nieuws

WTO-deal roept gemengde reacties op

nieuws
Tijdens de WTO-top in Bali die begin december plaatsvond, bereikten de 159 lidstaten voor het eerst sinds 1995 een gemeenschappelijke overeenkomst. Voor de landbouw lijken de belangrijkste afspraken te gaan over het aanleggen van voedselvoorraden, verbetering van markttoegang voor de minst-ontwikkelde landen en het faciliteren van de wereldwijde handel.
17 december 2013  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:24
Lees meer over:

Tijdens de WTO-top in Bali die begin december plaatsvond, bereikten de 159 lidstaten voor het eerst sinds 1995 een gemeenschappelijke overeenkomst. Voor de landbouw lijken de belangrijkste afspraken te gaan over het aanleggen van voedselvoorraden, verbetering van markttoegang voor de minst-ontwikkelde landen en het faciliteren van de wereldwijde handel.

In Bali kwamen de 159 WTO-leden tot een “historisch” akkoord. Ontwikkelingslanden krijgen dankzij het akkoord de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden voedselvoorraden aan te leggen met het doel de voedselzekerheid in hun land te vergroten. Vooral India was vragende partij voor dit deelakkoord; de vastberadenheid van de Indiërs wekte vooral bij de Amerikanen de nodige frustratie op. De Verenigde Staten zijn bang dat dit leidt tot handelsverstoring en dat het eerdere afspraken over maximale steunniveaus aan de landbouwsector ondergraaft.

Om de markttoegang voor de minst ontwikkelde landen (MOLs) te verbeteren, is afgesproken om de import van goederen uit deze landen vrij te stellen van heffingen en volumebeperkingen (‘duty-free’ en ‘quota-free’). Om de wereldhandel te stimuleren, werden verschillende grensprocedures gestroomlijnd en transactie- en douanekosten afgebouwd. Een comité dat opgericht werd binnen de WTO zal toezien op de implementatie van de afspraken. Ontwikkelingslanden krijgen meer tijd voor het uitvoeren van de afspraken en krijgen hierbij hulp van zogenoemde donorlanden.

Europees landbouwcommissaris Dacian Ciolos toonde zich tevreden met het akkoord. Hij benadrukt dat de zogenaamde Tariff Rate Quotas, die bepalen in hoeverre en hoeveel de Europese markt importeert uit onder meer de derdewereldlanden, op een transparante manier in praktijk moeten worden gebracht en dat alle partijen de afspraken hierrond moeten naleven. Over het recht op het aanleggen van voedselvoorraden zegt Ciolos: “Niemand, en zeker de EU niet, stelt het recht op voedselvoorziening in vraag.”

Speciaal VN-rapporteur voor het Recht op Voedsel, Olivier De Schutter, had eerder al laten weten dat ontwikkelingslanden de vrijheid moeten hebben om voedselvoorraden te gebruiken om het recht op voedsel te verzekeren zonder een dreiging van WTO-sancties. “Als de ontwikkelende landen jaarlijks 400 miljard dollar mogen uitgeven aan landbouwsubsidies, mogen ook ontwikkelingslanden hun kleine boeren steun geven.”

Dat de voorzitters van de Vlaamse landbouworganisaties allebei aandacht besteden aan dit WTO-akkoord in het voorwoord van hun ledenblad, bewijst dat het ook voor de Vlaamse landbouw van belang is. Boerenbond is voorzichtig positief. “Dit multilaterale akkoord heeft het voordeel van de duidelijkheid en de algemene geldigheid in tegenstelling tot de bilaterale akkoorden die her en der worden afgesloten”, zegt Piet Vanthemsche. “Maar de dreiging van bilaterale akkoorden blijft. De Doha-ronde is met dit akkoord gereanimeerd, maar ze ligt nog steeds op intensieve zorgen met onzekere overlevingskansen”, klinkt het.

Vanthemsche is vooral verheugd dat “de pure vrijhandelsagenda ook ruimte kan creëren voor essentiële belangen zoals voedselzekerheid”. Volgens hem kan de Doha-ronde ook tot bijkomende resultaten komen over elementen die vroeger als niet bediscussieerbaar werden afgedaan. “Dat opent perspectieven om op termijn de negatieve balans voor landbouw enigszins bij te sturen”, aldus de Boerenbondvoorzitter.

Ook bij ABS overheerst een afwachtende houding. “Voedselzekerheid was het grote thema op de vergaderingen in Bali. Er werd beslist dat landen stocks mogen aanleggen voor de eigen bevolking op voorwaarde dat de landbouwers in andere landen er geen nadelen van ondervinden. Toch blijft het afwachten of de Europese Unie en haar boeren hier ongehavend uitkomen”, zegt voorzitter Hendrik Vandamme. Van de zogenaamde Tariff Rate Quotas (producten die zonder douanerechten de EU kunnen binnenkomen) vermoedt hij dat ze toch kunnen zorgen voor een zekere druk op de Europese markt als de voorwaarden bij ons gunstiger zijn dan op de wereldmarkt. “Een recent voorbeeld daarvan is de suikermarkt”, klinkt het.

De voorbije bilaterale akkoorden met onder meer Canada en de onderhandelingen met bijvoorbeeld de Verenigde Staten laten op dat vlak weinig goeds verwachten, meent Vandamme. “We merken bijvoorbeeld dat het importeren van met chloor ontsmette kippen, van met zuur behandelde karkassen en met synthetische hormonen behandelde runderen op de vergadertafel liggen. Dat zijn stuk voor stuk onaanvaardbare technieken die in Europa verboden zijn en een breekpunt moeten worden voor de Europese onderhandelaars. Het minste wat we mogen verwachten, is dat wet met gelijke wapens de strijd kunnen aangaan op de wereldmarkt.”

Bron: WUR/WereldMorgen/Boer&Tuinder/Drietandmagazine

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek