Franse duurzaamheidsregels dreigen Belgische aardappel- en groenteverwerkers uit de markt te duwen
nieuwsDe Belgische groente- en aardappelverwerkende industrie en handel maakt zich zorgen over een nieuwe Franse duurzaamheidswetgeving. “De uitvoering ervan dreigt onbedoelde neveneffecten te veroorzaken binnen de Europese interne markt”, klinkt het. Daarom vraagt belangorganisatie FVPhouse uitstel van de inwerkingtreding van de wetgeving zodat een gelijk speelveld kan gegarandeerd worden. De vraag krijgt steun van Boerenbond, Fevia en Vegaplan.
De geviseerde wetgeving draagt de naam EGAlim. Daarbij hoort ook de milieucertificering HVE niveau 3 (Haute Valeur Environnementale). De EGAlim-wet werd in Frankrijk ontworpen om het inkomen van boeren te verbeteren. De eerste wet dateert van 2018 en intussen zijn de Fransen al aan EGAlim 3. Deze wetgeving bepaalt onder meer dat afnemers minimaal de productiekosten van de boer moeten dekken. Ook de wederverkoop van landbouwproducten met verlies is onderhevig aan strikte regelgeving om zo prijzenoorlogen tussen supermarkten te voorkomen.
Geen erkenning van gelijkwaardige buitenlandse systemen
De wetgeving is op zich niet meteen een probleem, maar wel de bijhorende certificering HVE 3. “We begrijpen de ambities rond duurzaamheid in EGAlim 3, maar vanaf 2027 zullen in de Franse publieke catering enkel nog HVE 3 en een aantal nationale alternatieven aanvaard worden als duurzaamheidslabel”, legt Annelien Gansemans van FVPhouse uit. “Het grote probleem is evenwel dat er vandaag geen operationele procedure is voor de erkenning van gelijkwaardige buitenlandse certificeringssystemen.”
Volgens FvPhouse leidt dit tot een ongelijk speelveld, wat moeilijk te rijmen is met de principes van de Europese interne markt. “Bovendien creëert het rechtsonzekerheid voor bedrijven en landbouwers die al jaren investeren in duurzame productie. Het dreigt ervoor te zorgen dat duurzame producten uit andere Europese lidstaten de facto worden uitgesloten van de Franse markt voor collectieve catering”, verduidelijkt Gansemans.
Onze verwerkers signaleren dat Franse klanten vandaag al anticiperen op 2027 door hun bevoorrading te heroriënteren
Franse afnemers kiezen nu al voor EGAlim-conforme producten
En het gaat ook verder dan dat. In de praktijk geven Franse afnemers aan dat het logistiek en operationeel onhaalbaar is om hun assortiment op te delen in EGAlim-conforme en niet-EGAlim-conforme productstromen. “Hierdoor vragen zij steeds vaker dat hun volledige assortiment aan de EGAlim-vereisten voldoet. Dit leidt tot een abrupte en volledige uitsluiting van leveranciers”, meent FVPhouse. “Onze verwerkers signaleren dat Franse klanten vandaag al anticiperen op 2027 door hun bevoorrading te heroriënteren. Dit dreigt te leiden tot overschotten, marktverstoring en prijsdruk, met directe gevolgen voor de Belgische landbouwers en verwerkers”, meent Gansemans.
Tijd als kritische factor
FVPhouse heeft dit probleem al aangekaart bij de Belgische en Europese beleidsmakers en is blij dat de nodige inspanningen worden geleverd om in dialoog te treden met de Franse autoriteiten. “Maar tijd is een kritische factor. Zolang er geen duidelijke, transparante en werkbare procedure bestaat om buitenlandse certificeringssystemen te erkennen die een equivalent zijn voor HVE niveau 3, blijven bedrijven en landbouwers in onzekerheid en dreigt onomkeerbare economische schade”, waarschuwt FVPhouse.
Concreet vraagt de aardappel- en groenteverwerkende industrie dat er een duidelijke en afdwingbare equivalentieregeling komt voor HVE3. Zolang die er niet is, en zolang er geen gelijk speelveld en rechtszekerheid is voor bedrijven en landbouwers die duurzaam produceren binnen Europa, vraagt de sector een uitstel van de inwerkingtreding van de betrokken EGAlim- en HVE3-vereisten. “Het is de enige manier om onomkeerbare gevolgen te vermijden”, klinkt het.
Bron: Eigen berichtgeving