Tok Tok Kod’eitje: Hoe je met 900 kippen de kost kunt verdienen
ReportageMet een klein gemengd bedrijf van 14 hectare in de rand van Brussel zag de landbouwtoekomst van Tom Baert er somber uit. Na de aanschaf van een mobiele kippenstal, enkele jaren geleden, heeft hij zichzelf en zijn vrouw toch een toekomst in de landbouw kunnen bezorgen. Inmiddels heeft het echtpaar drie mobiele kippenstallen, verkoopt het eieren en verwerkte producten via een boerderijautomaat en lokale winkels, en ontvangt het schoolklassen voor landbouweducatie.
Om 12.00 uur wisselt Daniëlle Van der Speeten haar man Tom Baert af op het korteketenbedrijf Tok Tok Kod’eitje in Affligem. We bevinden ons op een steenworp van Brussel, in een regio waar ooit de hopteelt domineerde. Daniëlle heeft dan al een dienst in de thuiszorg achter de rug, terwijl Tom vertrekt naar Tectura technische school in Oostakker, waar hij landbouwmechanisatie doceert.
“Sinds we het bedrijf in 2020 van mijn ouders hebben overgenomen, zijn we erin geslaagd één volwaardig inkomen uit het bedrijf te halen, een inkomen dat we nu delen”, vertelt Tom. Het waren zijn ouders die een gemengd bedrijf uitbaatten op 14 hectare. “Zij hadden een kleine akkerbouwtak, hielden varkens en teelden daarnaast hop en groenten”, aldus Baert.
Oude landbouwmodel was niet levensvatbaar
Door de hoge arbeidskosten en het lage verdienmodel is de hopteelt nagenoeg verdwenen uit de regio. Wat rest, is de herinnering eraan die opduikt in de talrijke reclame van het lokale biermerk Affligem. “En een gemengd bedrijf van 14 hectare was niet levensvatbaar”, aldus Baert, die door de hoge grondprijzen in de rand rond Brussel ook geen uitbreidingsmogelijkheden zag.
Na zijn opleiding in landbouwtechniek in Gent ging hij daarom als servicemonteur aan de slag bij een landbouwmachinebouwer: Pöttinger en Deutz - Fahr . Tijdens die job werd de kiem gelegd voor zijn huidige landbouwtoekomst. “Tijdens een opdracht in Wallonië kwam ik voor het eerst in aanraking met een mobiele kippenstal, en dat leek ons ook interessant.”
Extra valorisatie kleine eieren in pasta en advocaat
Nadat het echtpaar het ouderlijke bedrijf had overgenomen, kochten ze in 2021 hun eerste mobiele kippenstal. “Dat liep zo goed dat we na een jaar besloten een tweede te kopen”, vertelt Daniëlle. Door de stijgende vraag groeide het bedrijf opnieuw uit zijn jasje. Dit voorjaar volgde een derde mobiele kippenstal, waardoor het aantal kippen opliep tot 900. Het voer, mais, gras en granen, winnen de korteketenboeren zo veel mogelijk van eigen grond. Daarnaast telen ze ook de aardappelen die ze in de hoeveautomaat verkopen.
De eieren worden eigenhandig geselecteerd, gestempeld en verpakt. Ongeveer 30 procent van de eieren vindt via de hoeveautomaat zijn weg naar de consument. De rest verkopen ze aan lokale winkels en collega’s in de korte keten. “In de automaat bieden we naast eieren ook eigen aardappelen aan, evenals honing en fruitsap van collega-korteketenboeren. Hoe uitgebreider het aanbod, hoe groter de afzet”, klinkt het.
Sinds enkele jaren verkoopt het echtpaar ook pasta en advocaat op basis van eigen eieren. Het idee voor advocaat deed de korteketenboer eveneens op in Wallonië. “We zochten een alternatieve afzetmarkt voor de kleine eitjes. Wanneer de kippen nog jong zijn, zijn de eieren te klein voor verkoop aan consumenten. Daarom laten we die verwerken tot advocaat en verschillende soorten pasta, die we onder eigen label en in eigen verpakking verkopen”, vertelt Tom.
Grenzen aan groei: focus op boerderij-educatie
Omdat de vraag naar eieren blijft stijgen, zouden de boeren graag uitbreiden, maar daarbij botsen ze op de beperkingen van het businessmodel met mobiele kippenstallen. “Je mag niet meer dan 999 kippen houden in een mobiele stalomgeving, anders val je onder het industriële landbouwmodel", legt de boer uit.
Toch zien beiden nog mogelijkheden om hun activiteiten verder uit te breiden, zodat op termijn iemand de huidige nevenjob kan opzeggen. Recent startte het bedrijf ook met hoeve-educatie. Kort voor ons bezoek kregen 26 Brusselse schoolkinderen uitleg over de herkomst en productie van eieren. “Veel kinderen in Brussel weten niet dat eieren van kippen komen”, vertelt Tom.
Het echtpaar is onder meer in gesprek met de provincie Oost-Vlaanderen (Affligem ligt pal op de grens tussen Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant, red.) en wordt binnenkort geaccrediteerd als erkende educatiehoeve. “Op termijn hopen we zo meer klassen naar hier te halen en ons inkomen verder uit te breiden”, vertelt Daniëlle, die overeenkomsten ziet tussen haar job in de thuiszorg en de kippenhouderij. “In beide gevallen moet je voor anderen zorgen, met dat verschil dat kippen niet zagen”, besluit ze met een knipoog.
Om deze activiteit verder uit te bouwen, zou het echtpaar graag een nieuwe loods bouwen. “Wegens ruimtegebrek moeten we de eieren nu op een andere locatie verpakken. We zouden alle boerderij-activiteiten graag op één locatie uitvoeren en daarbij ook een professionele ontvangstruimte voor klassen inrichten”, klinkt het. Voorlopig vangen de ondernemers bakzeil bij de gemeente. “Men spreekt van zonevreemde activiteiten, maar wij dragen juist bij aan de verkleining van de kloof tussen consument en landbouwer”, verzucht Tom.