nieuws

Switch in EU-biobrandstofbeleid doet investeerders pijn

nieuws
De Europese landbouwkoepel Copa-Cogeca kan zich moeilijk neerleggen bij de beperkingen die de EU wil opleggen aan biobrandstoffen van de eerste generatie. De Europese Commissie halveerde haar ambitie wat het aandeel biobrandstoffen voor transport in 2020 betreft. Het Europees Parlement blijft, ook in zijn nieuwe samenstelling, voorstander van biobrandstoffen van de tweede generatie en bepleit daarom een plafond van zes procent voor de conventionele biobrandstoffen die gemaakt worden van voedselgewassen zoals koolzaad en graan.
21 januari 2015  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:19

De Europese landbouwkoepel Copa-Cogeca kan zich moeilijk neerleggen bij de beperkingen die de EU wil opleggen aan biobrandstoffen van de eerste generatie. De Europese Commissie halveerde haar ambitie wat het aandeel biobrandstoffen voor transport in 2020 betreft. Het Europees Parlement blijft, ook in zijn nieuwe samenstelling, voorstander van biobrandstoffen van de tweede generatie en bepleit daarom een plafond van zes procent voor de conventionele biobrandstoffen die gemaakt worden van voedselgewassen zoals koolzaad en graan.

In 2009 verbond de EU zich ertoe om biobrandstoffen te ondersteunen zodat ze tegen 2020 tien procent van de brandstoffen in voertuigen zouden uitmaken. Voor de landbouw en aanverwante sectoren was dat het sein om te investeren in biobrandstoffen zodat het nu niet geapprecieerd wordt dat Europa zijn kar keert. In plaats van vijf of zes procent bepleit landbouwkoepel Copa-Cogeca een plafond van acht procent voor biobrandstoffen van de eerste generatie en twee procent voor de meer geavanceerde biobrandstoffen. De organisatie vindt het ook jammer dat een engagement voor de periode na 2020 ontbreekt.

Volgens Copa-Cogeca heeft de Commissie geen afdoend wetenschappelijk advies om de bijsturing in het beleid op te baseren. Rapporten over de veranderingen in landgebruik door biobrandstoffen en de bijbehorende broeikasgasuitstoot vindt de landbouwkoepel niet overtuigend vanwege de weinig transparante wetenschappelijke methode en de ernstige problemen die er zijn met de methodiek.

De Universiteit Utrecht publiceerde recent nog een syntheserapport met als voornaamste conclusie dat het verbouwen van biomassa voor biobrandstoffen niet noodzakelijk gepaard hoeft te gaan met veranderingen in landgebruik (ontbossing van regenwoud, e.d.) die resulteren in een hogere uitstoot van broeikasgassen. Casestudies wezen uit dat zes procent van alle landbouwgrond in de EU in 2020 kan voorzien in genoeg biobrandstof om aan de oude EU-doelstelling (10%) te voldoen. Het komt erop aan om onbenutte grond in te schakelen en landbouw duurzaam te intensiveren.

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek