Wat is de sociale impact van landbouwtransitie op boeren?
nieuwsDe transitie naar een duurzamere vorm van landbouw heeft niet alleen op financieel vlak grote gevolgen voor landbouwers, het heeft ook een grote en brede sociale impact. Dat wijst nieuw onderzoek van Wageningen University & Research uit. “Het is belangrijk om hier meer oog voor te hebben in de huidige aanpak van de landbouwtransitie”, aldus de WUR-onderzoekers.
Het onderzoek richtte zich op vijf dimensies waaruit sociale impact bestaat: de existentiële dimensie, de psychologische dimensie, de gedragsmatige dimensie, de fysieke omgeving en de procesmatige dimensie. In de zogenaamde existentiële dimensie keken de WUR-onderzoekers naar de impact van de transitie op de identiteit van landbouwers en de manier waarop zij hun leven inrichten. Het onderzoek concludeerde dat landbouwers op existentieel vlak worden overheerst door onzekerheid en het ontbreken van een aantrekkelijk perspectief. Niet alleen individuele boeren en gezinnen, maar ook de boerengemeenschap als geheel ervaren dat hun existentie en invloed op het platteland en de samenleving worden bedreigd.
Mentale klachten
De existentiële twijfels kunnen gevolgen hebben voor het psychologisch welzijn. De vormen die de psychologische impact kan aannemen, variëren van lamgeslagenheid tot zelfmoord. Mentale klachten worden volgens de respondenten vaak veroorzaakt door het moeten nemen van harde keuzes voor de bedrijfsvoering en financiële onzekerheid. Daarnaast blijkt uit de studie dat koplopers in de transitie eerder burn-outklachten ontwikkelen omdat zij te veel kansen willen pakken en ook zij te maken hebben met onzekerheid over de toekomst.
Ook volgens Boeren Op Een Kruispunt zijn financiële onzekerheid en bedrijfskeuzes maken zonder rechtszekerheid oorzaken van mentale klachten bij Vlaamse boeren. “Landbouwers staan niet weigerachtig tegenover het maken van harde bedrijfskeuzes, zolang die gefundeerd zijn”, vertelt Els Verté van de hulporganisatie. “Maar het is voor hen wel moeilijk als ze zo'n keuze moeten maken zonder rechtszeker kader. De stress rond die keuzes zien we nu toch meer en meer.”
Wat volgens het onderzoek wel positief veranderd is ten opzichte van vroeger is dat men onderling meer open is over mentale klachten en vooral jonge boeren sneller een coach inschakelen om met psychologische, existentiële en bedrijfsmatige uitdagingen om te gaan. “Hier in Vlaanderen merken we vooral dat vrouwen rapper mentale problemen aankaarten”, aldus Verté. “Zij durven meestal als eerste de stap te zetten om hulp of coaching in te schakelen. We bereiken vaak ook mannen via hun vrouwen.”
Het is van groot belang om bij de landbouwtransitie de positie van de boer te herwaarderen, beleidsrichtingen te toetsen aan praktijkervaringen en een langetermijnvisie te bieden
Verwachte gedragsverandering als dwingend ervaren
“Landbouwers zijn gewend om hun handelingen aan te passen aan veranderde wetgeving. Maar tegenwoordig ervaart de meerderheid deze verwachte gedragsverandering echter als dwang om te voldoen aan onsamenhangende regels die onvoldoende inspelen op de boerenpraktijk”, aldus de onderzoekers. Daarnaast stelt het onderzoek dat er in toenemende mate polarisatie ontstaat tussen groepen van gelijkgestemde boeren, waardoor sommige boeren zich soms niet meer prettig of veilig voelen in hun lokale gemeenschap.
Polarisatie binnenin de gemeenschap merkt Verté bij de adviesvragers niet in toenemende mate op. “We hebben wel al eens een landbouwer gehad die vanuit de gangbare landbouw overging naar gemeenschapslandbouw en hierbij druk voelde dat hij de gangbare sector in de steek liet. Maar dit was een alleenstaande gebeurtenis.”

Omgeving in transitie
Voor veel landbouwers is het nog niet duidelijk hoe hun fysieke omgeving door de landbouwtransitie zal veranderen. Wordt er ingezet op schaalvergroting, extensivering of moet het landelijk gebied plaatsmaken voor stedelijke belangen? Daardoor is het moeilijk voor boeren om te besluiten hoe ze hun terrein moeten aanpassen en op welke aanpassingen van hun leefomgeving ze kunnen anticiperen.
“Een belangrijke bevinding hierbij is dat de leefomgeving van boeren essentieel is in hun bestaan en de keuze om boer te zijn”, stelt het onderzoek. Zo uitten de respondenten zorgen om de regionale identiteit of om de identiteit en de betekenis van het boer zijn; beide identiteiten zijn gekoppeld aan het landschap. De regionale identiteit is namelijk afhankelijk van welke waarden er op het platteland worden gecreëerd, wat de samenstelling van de bevolking is en wat de relaties zijn tussen bewoners, boeren en de algehele voedselomgeving.
Proces zwaar bekritiseerd
Ook op procesmatig vlak heeft de transitie impact volgens het onderzoek. Voor veel respondenten voelt het beleid aan als ‘opgelegd’ waarbij de overheid geen oog heeft voor het vakmanschap en dicteert hoe landbouwers moeten boeren. “De landbouwtransitie wordt zwaar bekritiseerd en zowel het beleid als de manier van communiceren sluiten onvoldoende aan bij de belevingswereld van boeren”, duiden de onderzoekers. Landbouwers vinden dat er te veel naar hen wordt gekeken voor oplossingen van meerdere crisissen en te weinig naar andere sectoren, de keten of consumenten. Vooral boeren uit de gangbare landbouw hebben moeite met de snelheid waarmee veranderingen uitgevoerd moeten worden. Veel koplopers daarentegen vinden het proces juist te langzaam gaan uit zorg om natuur, klimaat en milieu.
Impact verschilt per individu
De bevindingen wijzen uit dat boeren een sterke sociale impact ervaren ten gevolge van de landbouwtransitie. Deze impact kent verschillende vormen zowel positief als negatieve en is ook per individu verschillend. In het algemeen gaven boeren aan zich onvoldoende gewaardeerd te voelen, gebrek aan toekomstperspectief en een verlies van controle te ervaren. Het merendeel van de respondenten ziet in de boerengemeenschap lamgeslagenheid, onverschilligheid en onmacht. Volgens het onderzoek is het van groot belang om bij de landbouwtransitie de positie van de boer te herwaarderen, (gebieds)processen in te richten, beleidsrichtingen te toetsen aan praktijkervaringen en een langetermijnvisie te bieden.
Winnaars en verliezers
Het onderzoek concludeert dat land- en tuinbouwers zowel positieve als negatieve impact ervaren door de landbouwtransitie, oftewel dat er winnaars en verliezers van de transitie zijn. Over het algemeen zien de respondenten dat veel boeren zich verliezers voelen, hierbij komen termen als onzekerheid, angst, dwang, bedreiging en identiteitscrisis naar boven die de landbouwtransitie voor hen kenmerkt. Slechts de koplopers ervaren een positieve impact en zijn blij met het momentum van de transitie, maar plaatsen ook kanttekeningen over het proces. Zo vinden ze onder meer dat het te traag gaat. Ook vrezen zij dat de politieke koers onvoldoende fundamentele verandering teweegbrengt. “De groep koplopers is daarom ook niet te karakteriseren als winnaar van de landbouwtransitie”, aldus de WUR-onderzoekers.

Bron: Eigen berichtgeving
Beeld: Colruyt Group