Proefcentrum Kruishoutem beproeft faagtherapie
nieuwsOp het Proefcentrum voor de Groenteteelt (PCG) in Kruishoutem onderzoekt men in het kader van een IWT-project of bacteriofagen ingezet kunnen worden als een innovatieve biologische gewasbescherming tegen bacterieziekten in kolen en prei. Fagen zijn kleine – voor de mens veilige – virussen die specifieke bacteriën infecteren. Ze gebruiken de replicatiemechanismen van hun gastheer om zich te vermenigvuldigen. Op laboschaal werd de werkzaamheid van fagen duidelijk aangetoond. Door een geslaagde veldproef durft PCG ‘faagtherapie’ potentieel toedichten als biologische gewasbescherming tegen bladziekte bij prei.
Beheersing van plantenziekten veroorzaakt door bacteriën is een frustrerende aangelegenheid. Een mislukking is meestal het gevolg van de genetische diversiteit binnen een bepaalde bacteriesoort. Landbouwgewassen zijn niet duurzaam resistent. Bovendien groeien de bacteriecellen onder optimale omgevingscondities snel aan en ontbreekt een bacteriedodende behandeling.
Het onderzoek bij PCG richtte zich voornamelijk op twee door bacteriën veroorzaakte bladziekten, één in prei en één in kool. Het proefcentrum voerde het afgelopen jaar een veldproef met prei uit om te testen of bacteriofagen, dat zijn kleine virussen die de bacteriën belagen, hun succesvolle bestrijding in het labo kunnen herhalen in de praktijk.
Zowel de bacteriën als de fagen werden over het gewas gespoten. De faagbehandeling werd vier keer toegepast, met een interval van twee weken. Het object dat enkel geïnfecteerd werd met bacteriën en geen faagbehandelingen kreeg, was het zwaarst aangetast. Tot 84 procent van de planten vertoonden de typische bladvlekken. De bacteriofagen konden het aantal aangetaste planten met 39 procent doen dalen bij beoordeling eind oktober. Een maand na de laatste faagtoepassing konden de fagen het aantal aangetaste planten nog met een kwart doen dalen bij beoordeling eind november.
Het Oost-Vlaamse proefcentrum besluit daaruit dat faagtherapie potentieel heeft. Er is weliswaar nog onderzoek nodig om er een praktijkwaardige biologische gewasbescherming van te maken. Nathalie Cap, onderzoekster openluchtgroenten op het PCG, zet de resterende uitdagingen op een rij: “De fagen moeten op een efficiënte manier – op een voldoende grote schaal – gekweekt worden. Een toepassing in open lucht is voor elke natuurlijke bestrijding van ziekten of plagen een extra obstakel zodat we voor de fagen nog op zoek zijn naar een professionele toedieningswijze. Voor de veldproef zaten de fagen in een vloeistofoplossing die op het gewas gespoten werd. Daar een stabiliserende component aan toevoegen, is de moeite van het onderzoeken waard. Een zaadcoating met fagen kan een alternatief zijn.”
Het IWT-project ‘Beheersing van bacteriële pathogenen bij de opkweek van kolen en prei’ is een samenwerking tussen KU Leuven, het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek en de drie proefcentra die toegepast onderzoek verrichten in de teelt van openluchtgroenten: de proefcentra in Kruishoutem en Sint-Katelijne-Waver en Inagro in Rumbeke-Beitem.
Beeld: PCG