nieuws

Plan voor Boven-Zeeschelde gaat MER-fase in

nieuws
In de Scheldevallei tussen Gentbrugge en Wetteren staat een integraal inrichtingsplan in de steigers dat veiligheid, bevaarbaarheid, natuurontwikkeling, landbouw, erfgoed en recreatie moet bevorderen en verzoenen. Voor de betrokken projectgebieden wordt momenteel een gezamenlijk MER opgesteld. De projecten passen binnen het Sigmaplan, dat de gemeenten langs de Zeeschelde moet beschermen tegen overstromingen.
13 november 2012  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:20
Lees meer over:

In de Scheldevallei tussen Gentbrugge en Wetteren staat een integraal inrichtingsplan in de steigers dat veiligheid, bevaarbaarheid, natuurontwikkeling, landbouw, erfgoed en recreatie moet bevorderen en verzoenen. Voor de betrokken projectgebieden wordt momenteel een gezamenlijk MER opgesteld. De projecten passen binnen het Sigmaplan, dat de gemeenten langs de Zeeschelde moet beschermen tegen overstromingen.

Het inrichtingsplan betreft twee projectgebieden in de Boven-Zeeschelde tussen Gentbrugge en Melle. Het gebied Bastenakkers-Ham zal worden ingericht als gecontroleerd overstromingsgebied (GOG). Het krijgt met andere woorden een waterbergende functie, maar niet zonder aandacht voor de aanwezige landbouwers.

Via een landbouweffectenrapport (LER) werd uitgezocht hoe zij het minste schade lijden. De resultaten van dat LER werden vervolgens geraadpleegd om de oorspronkelijke plannen aan te passen. Zo maakt het noordoostelijke deel van Bastenakkers niet langer deel uit van het geplande overstromingsgebied, maar werd Ham in de plaats toegevoegd. Voor landbouwers die alsnog getroffen worden, wordt nog een oplossing uitgewerkt.

Het tweede projectgebied omvat de Zeeschelde tussen Gentbrugge en Melle. Die is aan een opknapbeurt toe, die de gemeenten rondom beter moet beschermen tegen overstromingen. Het opgestelde inrichtingsplan moet de rivier haar oorspronkelijke karakter teruggeven, inclusief vaarroutes. Daarenboven wordt het knijtenprobleem grondig aangepakt.

Concreet wordt in Heusden een nieuwe sluis geïnstalleerd, die een scheiding zal maken met de getijdenschelde, en worden in Melle onderhoudsbaggerwerken uitgevoerd. Dit moet het dichtgeslibde deel van de Zeeschelde opnieuw toegankelijk maken voor de passagiers- en pleziervaart. Stroomopwaarts van de sluis naar Gent op, zal het waterpeil in de toekomst bijna constant blijven, waardoor het risico op overstromingen fel zal verminderen.

Nog in Melle en in Ham worden de slikken en schorren gecompenseerd. “Ham wacht met zijn oude Scheldemeander een mooie toekomst als uniek en toegankelijk Scheldenatuurgebied”, klinkt het. In Melle wordt de getijdennatuur dan weer behouden in een voormalige zandwinningsput, en het eiland tussen de sluis en de stuw van Gentbrugge wordt omgevormd tot “unieke groene oase”.

Aan het inrichtingsplan ging een jarenlange discussie vooraf, over de vraag of de Zeeschelde tussen Gentbrugge en Melle verder mocht verzanden of gebaggerd moest worden. “Vanuit een minderheidsstandpunt werd uiteindelijk toch een consensus bereikt, namelijk dat pleziervaart en natuurontwikkeling verder uitgewerkt moeten worden”, aldus Oost-Vlaams gouverneur André Denys.

Het plan werd opgesteld door waterwegbeheerder Waterwegen & Zeekanaal (W&Z), in samenwerking en nauw overleg met het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB), de provincie Oost- Vlaanderen, de stad Gent, de gemeenten Destelbergen, Melle en Wetteren, pleziervaartorganisaties, waterbeheerders, natuurorganisaties en toeristische diensten.

“Dat brede overlegplatform was noodzakelijk om alle functie van de rivier in de regio op een evenwichtige manier te ontwikkelen. Hierdoor kunnen we, naast het verhogen van de veiligheid tegen overstromingen, zonder meerkosten ook een mooi project realiseren waarbij natuur en recreatie geïntegreerd worden. Het project biedt alle perspectieven voor een robuuste rivier, waar het veilig en aangenaam wonen is, waar pleziervaarders, wandelaars en fietsers aan hun trekken komen, en dat alles in harmonie met de natuur. Een echt voorbeeld van slim investeren”, stelt minister voor Openbare Werken Hilde Crevits.

Op basis van het inrichtingsplan worden momenteel de milieueffecten bestudeerd. Omdat de twee projecten in de regio zo nauw met elkaar verbonden zijn, wordt slechts één milieueffectenrapport (MER) opgesteld. Als dat wordt goedgekeurd, stelt de Vlaamse overheid een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) op. Daarna moeten nog stedenbouwkundige vergunningen en aanbestedingen volgen. De totale vergunningsprocedure zal allicht 3 tot 4 jaar duren. In totaal kost het project Vlaanderen 13,7 miljoen euro.

Meer info: Sigmaplan

Bron: eigen verslaggeving/Belga

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek