Kievit opvallende afwezige bij compensatieregeling nestbescherming
nieuwsHet Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) lanceert dit jaar opnieuw compensatiesteun voor nestbescherming op landbouwpercelen, maar er is een opvallende afwezige op de lijst: de kievit. Het aantal kieviten in Vlaanderen is de voorbije jaar 20 met maar liefst 75 procent afgenomen. Volgens ANB zijn de middelen echter beperkt, en zijn er andere soorten waarbij de noodzaak tot bescherming groter is.
De compensatieregeling nestbescherming geldt voor negen vogelsoorten: bruine kiekendief, blauwe kiekendief, grauwe kiekendief, steppekiekendief, velduil, kwartelkoning, grutto, wulp en grauwe gors. Elke landbouwer die inspanningen neemt om broedparen of nesten van deze vogels te beschermen, wordt daarvoor door ANB beloond.
De kievit is een opmerkelijke afwezige op deze lijst. Volgens Jeroen Denaeghel van ANB zijn de middelen beperkt. “Nestbescherming en de daarmee gepaard gaande nestprospectie, coördinatie en onderhandelingen met landbouwers zijn zeer arbeidsintensieve elementen waardoor we de focus en energie, van vaak al druk bevraagde vrijwilligers, in het veld richten op een beperkt aantal soorten”, zegt hij aan VILT. “Het zijn soorten met een zeer beperkte populatie die in functie van populatiebehoud of -groei enorm gebaat zijn bij een succesvolle reproductie. Het beschermen van één nest of perceel in relatie tot die beperkte Vlaamse broedpopulatie mag als zeer zinvol en betekenisvol beschouwd worden.”
“Kortom, de noodzaak om de reproductie van die negen soorten te beschermen is toch iets groter dan bij de kievit”, zegt hij.
10.000 broedparen versus een vijftigtal
Hoewel de kievit zeldzaam is, zijn er soorten die het slechter stellen. “Om het in perspectief te plaatsen: de Vlaamse populatie kievit bedraagt nog zo'n 10.000 broedparen, heel vaak op landbouwpercelen, en de soort broedt nog relatief verspreid over gans Vlaanderen”, illustreert Denaeghel. “De soorten die opgenomen zijn in de compensatieregeling stellen het veel slechter: bij de grutto gaat het slechts om 700 broedparen en bij de wulp om 350. Van de andere soorten opgenomen in de compensatieregeling zijn er dat nòg minder, bijvoorbeeld 50 bij de grauwe gors. Die negen soorten zijn ook relatief plaatstrouw, of voorspelbaar, wat helpt bij het focussen op een beperkt aantal aandachtzones.”
Hoe dan ook pleit ANB om ook de nesten van de kievit te beschermen. “Nestbescherming bij kievit is zeker nuttig, maar is bij voorkeur ook deel van een bredere aanpak waarbij vooral ingezet wordt op de overleving van de kuikens”, zegt Denaeghel. “Dit door te zorgen voor dekking, voedsel en water in de onmiddellijke omgeving van de nesten, bijvoorbeeld door het aanleggen van vluchtstroken of het aanhouden van braakpercelen tot de jongen vliegvlug zijn.”
Andere instanties helpen mee
Denaeghel wijst er nog op dat er lokaal heel wat initiatieven zijn waarbij vrijwilligers de nestbescherming van kievit op zich nemen, en waarbij ook een subsidie voorzien is voor de landbouwers. Die initiatieven worden vaak aangestuurd vanuit de provincie, Regionale Landschappen of Natuurpunt.
Ook sommige lokale besturen helpen mee. Een voorbeeld is de gemeente Zemst. Daar geeft men 500 euro per hectare aan landbouwers die tijdelijk geen gebruik maken van stukken grond waar kieviten zitten.
Bron: Eigen berichtgeving