Nieuwe opinie EU-Hof over mutagenesetechnieken
nieuwsIn een nieuwe opinie van de advocaat-generaal van het Europees Hof van Justitie wordt de invulling van de ggo-richtlijn verder verkend en opgehelderd. Dat is onder meer relevant voor de nieuwe mutagenesetechnieken, waarbij kleine wijzigingen aan het genoom van een levend wezen worden doorgevoerd zonder dat er daarbij vreemd DNA wordt geïntroduceerd. Het Hof buigt zich over het dossier op vraag van de Franse Raad van State, waar de kwestie werd aangekaart door de Conféderation paysanne en andere hevige tegenstanders van ggo's. Over enkele maanden volgt een definitieve uitspraak.
Gentechnologie is veel meer dan de gemediatiseerde genetisch gemodificeerde gewassen die via transgenese het genoom van planten (denk aan soja of maïs) of dieren wijzigt door het inbrengen van DNA afkomstig van een ander organisme. Mutagenese bijvoorbeeld is een techniek waarbij kleine wijzigingen aan het erfelijk materiaal worden doorgevoerd zonder dat daarbij soortvreemd DNA wordt geïntroduceerd. Dergelijke mutaties komen ook spontaan in de natuur voor als gevolg van fouten bij het kopiëren van DNA of als gevolg van blootstelling aan natuurlijke fenomenen zoals zonlicht.
De Conféderation Paysanne, een Franse landbouworganisatie die kleinschalige landbouwers vertegenwoordigt, vroeg zich samen met acht andere organisaties af onder welke regels die mutagenesetechniek valt. De vraag of de producten van de nieuwe veredelingstechnieken onder de Europese ggo-regels vallen gaat overigens al een decennium mee, maar Europa heeft tot nu toe nog geen klaarheid geschapen.
Technieken die onder de Europese GGO Richtlijn vallen moeten voldoen aan strenge verplichtingen omtrent traceerbaarheid, etikettering, enzovoort. Binnen de ggo-richtlijn zijn uitzonderingen voorzien voor bepaalde technieken die wel de structuur van het genoom wijzigen, maar daarbij geen vreemd DNA introduceren. Door de vooruitgang van het wetenschappelijk onderzoek zijn er intussen nieuwe mutagenesetechnieken bijgekomen, zoals bijvoorbeeld CRISPR, die het mogelijk maken meer doelgericht en preciezer planten te bewerken zodat ze bijvoorbeeld resistent worden tegen bepaalde ziekten of andere gewenste eigenschappen verkrijgen.
Volgens de organisaties die een klacht neerlegden, zorgen die bewerkte gewassen voor risico’s op “significante schade” aan het milieu en aan de gezondheid van mens en dier. Om daar een uitspraak over te doen, wou de Franse Raad van State van het Europees Hof van Justitie weten hoe het nu juist zit met de reikwijdte van de Europese Richtlijn over ggo’s en vroeg het om opheldering omtrent de uitzondering die mutagenese geniet. Vallen alle mutagenesetechnieken onder die uitzondering? Als eerste aanzet tot een antwoord op die vraag publiceerde de advocaat-generaal van het Europese Hof daarover een opinie.
In zijn opinie zoomt de advocaat-generaal vooral in op de interpretatie van de ggo-richtlijn. Er zijn twee mogelijkheden om niet onder die richtlijn te vallen: ofwel gaat het simpelweg niet over ggo's, ofwel gaat het om ggo's die vrijgesteld zijn, op voorwaarde dat geen andere 'recombinant-nucleïnezuurmoleculen' of ggo’s worden gebruikt. Mutagenesetechnieken vallen volgens die logica niet onder de ggo-richtlijn als ze geen genetische wijzigingen veroorzaken die zich op natuurlijke wijze niet zouden kunnen voordoen. De opinie van het Hof zou in dat opzicht kunnen leiden tot een opening voor specifieke mutagenesetechnieken. Een definitieve uitspraak volgt later dit jaar.
Eerder hadden zowel de Europese biokoepel IFOAM EU en BioForum al laten verstaan dat als het van hen afhangt, de nieuwe gentechnieken onder de ggo-wetgeving zouden moeten vallen. “De biosector wil consumenten ggo-vrije producten kunnen blijven aanbieden en dringt er bij beleidsmakers op aan om het gebruik van ggo’s via nieuwe technieken als CRISPR/Cas9 te reguleren voor ze in het milieu en de voedselketen worden losgelaten”, zo klinkt het bij BioForum.
Vanuit het Vlaams Instituut voor Biotechnologie stelde René Custers eerder al dat het antwoord op de vraag of de producten van nieuwe veredelingstechnieken onder de Europese ggo-regels vallen "geen kwestie van opinie" is. "Er bestaat maar één correcte juridische interpretatie van de Europese ggo-wetgeving, en die wordt noch door het VIB, noch door de bedrijven, noch door de milieubewegingen bepaald. Enkel het Europees Hof van Justitie kan daar een rechtsgeldige uitspraak over doen."
"En stel dat bepaalde producten dan onder of buiten deze regels blijken te vallen, dan is vervolgens de vraag of de regelgeving aangepast moet worden", aldus nog Custers. "Het doel van die regelgeving is duidelijk: het leefmilieu en de Europese consument beschermen tegen potentiële risico’s. Maar zowel oude als nieuwe regelgeving in dit domein moet steunen op een degelijke wetenschappelijke basis en moet proportioneel, niet-discriminerend en voorspelbaar zijn."
De volledige uitspraak lees je hier.
Beeld: Amazone