Mestuitrijding in hogedrukgebied veroorzaakt fijnstof: “Grootste oorzaak deze tijd van het jaar”
nieuwsDankzij het mooie weer zijn de houtkachels goed en wel gedoofd, maar toch is er een fijnstofalarm. De Europese aardobservatiedienst Copernicus waarschuwt de komende dagen voor een hogere concentratie in Noordwest-Europa, ook in ons land. De boosdoener is vooral de combinatie van de uitstoot van ammoniak door het uitrijden van mest en een stabiel weerbeeld. Dit zorgt voor een chemisch proces waarbij fijnstof wordt gecreëerd
Copernicus linkt de huidige verhoogde fijnstofconcentraties met het mestseizoen, wat ook wordt bevestigd door professor Roeland Samson (UAntwerpen), een expert in luchtkwaliteit. Wanneer ammoniak zich mengt met stikstofoxide, uitgestoten door onder meer het wegverkeer, worden er ammoniumzouten gecreëerd. Deze partikels fungeren als fijnstof in de omgeving. Volgens Samson kan dit een argument zijn om het uitrijden van mest onder bepaalde klimatologische omstandigheden te heroverwegen.
Samson deelt fijnstof op volgens twee processen. Enerzijds is er het primair fijnstof: kleine deeltjes die onmiddellijk worden gevormd bij bijvoorbeeld houtstook. Secundair fijnstof is fijnstof dat indirect gevormd wordt. Waar in de wintermaanden het gros van fijnstof primair is, zien we deze periode vooral secundair fijnstof.
Lente is goede mestperiode voor de akkers, maar niet voor de atmosfeer
Volgens Samson zijn de huidige klimatologische omstandigheden zeer slecht als men de creatie van fijnstof wil vermijden. “We zitten in atmosferisch stabiele omstandigheden, wat betekent dat de koudere lucht onderaan zit en de warmere lucht bovenaan, met relatief weinig menging van de luchtlagen. Wat we uitstoten blijft dus hangen in de onderste laag van de atmosfeer, waardoor de concentraties groter worden. Zo vergroot ook de kans dat ammoniak in vermenging komt met de vervuilende uitstoot van het verkeer.”
Die vermenging leidt tot de creatie van ammoniumzouten. “Dit type fijnstofdeeltjes zijn meestal zeer klein”, zegt Samson. “Dat is een probleem, want hoe kleiner een fijnstofdeeltje is, hoe dieper je het kan inademen in je longen en hoe gevaarlijker het wordt. Het deeltje zal makkelijker door de longbarrière gaan en eventueel zelfs in het bloed terechtkomen. In Vlaanderen zijn er jaarlijks ongeveer zesduizend vroegtijdige sterftes te wijten aan luchtverontreiniging, waarvan het merendeel aan fijnstof. Maar toch heb ik het gevoel dat de problematiek in België wordt onderschat.
Volgens Samson zou het nuttig zijn om het uitrijden van mest te vermijden bij klimatologische omstandigheden als deze. “Niet alleen voor de gezondheid van de omgeving, maar ook voor degene die de mest uitrijdt”, zegt hij.
Hoewel ammoniakbronnen zoals koeienstallen net zo goed actief zijn in de winter als in de zomer zorgt het uitrijden van mest, volgens Samson, ervoor dat ammoniak veel feller wordt uitgestoten dan in andere periodes van het jaar.
Traditioneel gezien is het voorjaar dus de ‘ergste’ periode voor ammoniak om onze lucht te betreden, maar dit is nu eenmaal de periode dat er mest wordt uitgereden. In de zomermaanden zou het risico op secundaire fijnstofvorming substantieel lager liggen. “Omdat in die periode de zon de bodem zodanig opwarmt dat de stabiliteit van de luchtlaag doorbroken wordt”, zegt Samson. “Dus hoe verder we zijn in het seizoen, hoe minder ammoniak een rol speelt.”
Ook wind zou een rol spelen. Enerzijds stimuleert wind dat bepaalde partikels met elkaar in contact komen, anderzijds kan het de fijnstofwolk ‘wegblazen’. Dat kan in ons voordeel spelen, maar ook in ons nadeel. “Want we kunnen net zo goed vervuiling over ons heen krijgen van omliggende regio’s”, zegt de professor.
Cumul-effect
Tot slot zal het fijnstof door het stabiele weerbeeld, met koude temperaturen in de ochtend en warmere temperaturen tijdens de dag, ook langer blijven hangen. Daar komt dan nog eens een verwachte stijging in berken- en elzenpollen bovenop. “Geen gezonde combinatie”, zegt Samson. “Luchtvervuiling is ook een van de redenen waarom we in België zoveel mensen hebben met een pollenallergie. Al deze factoren versterken elkaar”, zegt de professor.
Luchtvervuiling kan pollen doen fragmenteren waardoor de deeltjes nog fijner worden. Bovendien komt er een cumul-effect van irritaties door luchtvervuiling en hooikoorts. Copernicus verwacht een slechte luchtkwaliteit in onder andere België, Duitsland, Frankrijk, Ierland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk.
Bron: Eigen berichtgeving