header.home link

Landbouw ziet omzet met 23% dalen door coronacrisis

23 april 2020
Door de coronacrisis ligt ongeveer een derde van onze economie stil. Dat hebben Piet Vanthemsche en Pierre Wunsch, de voorzitters van de Economic Risk Management Group (ERMG), gezegd in de Kamercommissie Economie. De impact is het grootst in de horeca, de evenementensector en de detailhandel (niet-voeding). Zij zagen hun omzet met meer dan 80 procent dalen. Landbouw en visserij noteerden een omzetdaling van 23 procent. Minder dan 10 procent van de land- en tuinbouwbedrijven geeft aan het risico op faillissement als hoog of zeer hoog in te schatten.

Door de coronacrisis ligt ongeveer een derde van onze economie stil. Dat hebben Piet Vanthemsche en Pierre Wunsch, de voorzitters van de Economic Risk Management Group (ERMG), gezegd in de Kamercommissie Economie. De impact is het grootst in de horeca, de evenementensector en de detailhandel (niet-voeding). Zij zagen hun omzet met meer dan 80 procent dalen. Landbouw en visserij noteerden een omzetdaling van 23 procent. Minder dan 10 procent van de land- en tuinbouwbedrijven geeft aan het risico op faillissement als hoog of zeer hoog in te schatten.

De coronacrisis zal flink wat bedrijven in financiële moeilijkheden brengen en doen omvallen, dat lijdt weinig twijfel. Het effect zal pas zichtbaar worden met vertraging, onder meer omdat minister van Justitie Koen Geens (CD&V) een maatregel heeft genomen die bedrijven die in problemen geraken tijdelijk beschermt tegen inbeslagnames door hun schuldeisers en tegen faillissement. Dat schrijft De Tijd.

Het baseert zich daarvoor onder meer op cijfers van de Economic Risk Management Group en de Nationale Bank waaruit blijkt dat de omzet van de bevraagde ondernemingen, zo’n 5.000 in totaal, de afgelopen drie weken gedaald is met gemiddeld 34 procent. In Vlaanderen en Wallonië loopt de omzetdaling min of meer gelijk, maar in Brussel ligt ze iets lager. Het aandeel ondernemingen dat met liquiditeitsproblemen kampt, ligt ruim boven de 40 procent.

De omzetdaling is met 88 procent het grootst in de horeca. De eventsector spreekt van een daling van 83 procent, net als de detailhandel (niet-voeding). Landbouw en visserij ziet een gemiddelde omzetdaling van 23 procent. Eind maart werd die afname van de omzet nog problematischer gezien (-34%), dan half april het geval was (-11%). De agrarische en voedingsindustrie spreekt van een gemiddelde daling van 18 procent van de omzet, maar hier is het optimisme kleiner de laatste week, dan de weken voordien. De voedingsdetailhandel lijkt het minst getroffen door de coronacrisis met een omzetdaling van gemiddeld vijf procent.

Het percentage van de bevraagde ondernemingen dat het risico op faillissement waarschijnlijk of heel waarschijnlijk inschat, ligt rond de zeven procent. Dit gemiddelde verhult echter grote verschillen tussen de bedrijfstakken. In de kunst-, amusements- en recreatiesector stijgt het aantal bedrijven dat de kans op een faillissement hoog inschat week na week. Vandaag ligt dat boven de 25 procent. De horecasector komt op de tweede plaats met een aandeel van bijna 20 procent. De top drie van sectoren waar een faillissement als waarschijnlijk wordt ingeschat, wordt vervolledigd door landbouw en visserij. Daar schommelt het aandeel om en bij de acht procent.

Over het algemeen schatten kleine ondernemingen de negatieve gevolgen groter in, zowel wat liquiditeitsproblemen, het risico op faillissement, de omzetdaling als de graad van bezorgdheid betreft. DE ERMG ziet ook dat meer dan één op twee van de bevraagde ondernemingen vandaag gebruik maakt van tijdelijke werkloosheid. De horeca valt daar het vaakst op terug.

Bovendien wordt ook de overgrote meerderheid van de investeringen uitgesteld. Voor ongeveer een derde van de bedrijven worden ze uitgesteld naar later dit jaar en een ander derde verdaagt ze voor een onbepaalde tijd. De oorzaak daarvan is vooral de onderliggende onzekerheid. Slechts één op acht ondernemingen in de steekproef houdt vast aan de voorziene investeringsplannen.

Volgens de ERMG is de economische schok tweemaal zo groot als tijdens de bankencrisis van 2008-2009, maar hij is ook tijdelijk. In een puur theoretisch scenario dat de economie na 3 mei geleidelijk weer opgestart wordt, zou ze in negen maanden tijd terug kunnen klimmen naar een niveau dat twee procent lager ligt dan dat van voor de coronacrisis. 

Bron: Eigen verslaggeving/De Tijd

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek