Koud voorjaar vertraagt de groei van landbouwgewassen
nieuwsEen update van de 'Agrometeorologische Berichten', waar voortaan ook het KMI aan meewerkt, beschrijft de ontwikkeling van de landbouwgewassen in ons land. Door het tekort aan zonneschijn begin 2013, de relatief koude februarimaand en de zeer koude maand maart vertonen de wintergranen momenteel een aanzienlijke achterstand in hun ontwikkeling. Veel suikerbietpercelen zijn dit jaar wat later ingezaaid.
Uit het bulletin leren we dat de zeer lage gemiddelde temperatuur tijdens de maand maart het meest opmerkelijke weerfenomeen van 2013 tot hiertoe is. Zo'n lage temperatuur, vier graden lager dan normaal, wordt in Ukkel maar één keer in 100 jaar gemeten. Dit heeft zeker een impact gehad op de ontwikkeling van de wintergranen en waarschijnlijk ook op de zaai van de zomergewassen. Verder werden er ook een uitzonderlijk groot aantal sneeuwdagen geteld in maart (11 ten opzichte van een gemiddelde van 3 in Ukkel), waardoor het wintergevoel erg lang bleef aanhouden.
De lente is pas echt begonnen in april. Observaties vanuit de ruimte tonen dat de plantengroei zowat overal vertraagd is. Volgens de satellietbeelden is de achterstand het grootst in het noordwesten van het land. In grote delen van West-Vlaanderen loopt de vertraging op tot meer dan 30 dagen.
Ondanks het positief effect van enkele warme dagen in april hebben de wintergewassen hun achterstand niet ingehaald. Die bedraagt nog steeds een tweetal weken. Het duurde tot half april voordat 95 procent van het verwachte suikerbietenareaal ingezaaid was. De vrieskou en de talrijke sneeuwbuien in maart vertraagden op veel plaatsen de zaai. Eind april zorgde zacht en droog weer voor uitstekende omstandigheden voor het planten van aardappelen.
Meer info: Agrometeorologische Berichten
Bron: Agrometeorologische Berichten
Beeld: Loonwerk Defour