nieuws

Interreg-project onderzoekt algenvorming in de Noordzee

nieuws
Vlaamse, Nederlandse, Franse en Britse wetenschappers hebben zich verenigd in een Interreg IV-project, ISECA, rond het fenomeen van eutrofiëring in de Noordzee en het Engelse kanaal. De partners, waaronder de Vlaamse instituten VITO en VLIZ, hopen op die manier hun kennis rond het onderwerp efficiënter te delen en publiek bewustzijn te creëren.
9 januari 2013  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:20

Vlaamse, Nederlandse, Franse en Britse wetenschappers hebben zich verenigd in een Interreg IV-project, ISECA, rond het fenomeen van eutrofiëring in de Noordzee en het Engelse kanaal. De partners, waaronder de Vlaamse instituten VITO en VLIZ, hopen op die manier hun kennis rond het onderwerp efficiënter te delen en publiek bewustzijn te creëren.

Eutrofiëring is een fenomeen waarbij zuurstof al dan niet tijdelijk onttrokken wordt uit het water van zeeën of oceanen, en zo een toxische omging wordt gecreëerd voor het leven in dat water. Dit is het gevolg van zogenaamde algenbloei, op zijn beurt veroorzaakt door een teveel aan nutriënten zoals nitraten en fosfaten, die de groei van algen bevorderen.

Het fenomeen wordt meestal waargenomen als schuim of als groen tij op het strand, afhankelijk van de omgeving en het type algen. Het is mede verantwoordelijk voor de achteruitgang van de waterkwaliteit in de Noordzee en in het Engelse kanaal, en is zelf voornamelijk te wijten aan de industrie en de landbouw. Volgens de partners van ISECA, dat staat voor ‘Informatie Systeem rond Eutrofiëring van onze kustgebieden’, heeft het niet alleen gevolgen voor het milieu, maar ook voor de economische activiteiten gerelateerd aan de zee, zoals toerisme, recreatie en visserij.

De ontwikkeling van algen aan de kust wordt al sinds vele jaren geobserveerd door wetenschappers uit verschillende disciplines en verschillende regio’s. Door hun samenwerking in ISECA, hopen zij hun kennis op een meer efficiënte manier te kunnen aanwenden. Alles wordt gebundeld in een databank, waardoor beter kan worden geanticipeerd op de evolutie van het fenomeen eutrofiëring. Verder willen de partners andere belanghebbenden, zoals de betrokken autoriteiten, landbouw, industrie, toerisme en het grote publiek informeren over de gevolgen.

Uit een enquête uitgevoerd bij 300 personen in België en Frankrijk blijkt immers dat de publieke kennis over het fenomeen zeer beperkt is. De meerderheid van de Belgen (76%) is zich bijvoorbeeld wel bewust van het fenomeen, maar weet niet of het gevaarlijk is (81%) en wat de precieze oorzaak is.

Het project wordt gecoördineerd door de Franse Association pour le Développement de la Recherche et de l’Innovation dans le Nord-Pas de Calais (Adrinord). De andere partners zijn de Vlaamse instelling voor technologisch onderzoek (VITO), het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ), de Franse Nausicaá, het Nederlands instituut voor Ecologie (NIOO) en de Engelse Plymouth Marine Laboratory (PML), universiteit van Greenwich en Centre for the Economics and Management of Aquatic Resources (CEMARE).

Communiceren doen de partners via hun portaalsite www.iseca.eu en via een zesdelige nieuwsbrief, die verstuurd wordt tot en met 2014.

Bron: Nieuwsbrief ISECA

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek