Gloednieuwe serre wacht op bestellingen van industriegroentetelers
ReportageEnkele weken geleden namen Jolien Nollet en Thomas Spruytte een gloednieuwe serre in gebruik in het West-Vlaamse Westrozebeke . De nieuwe serre van een hectare komt bovenop de bestaande serre van vier hectare waar de ondernemers plantgoed kweken voor groentetelers. Door de kwakkelende markt en het uitblijven van contracten in de industriegroenten is de serre minder goed gevuld dan gepland. “Het zal vermoedelijk een minder jaar worden, maar uiteindelijk zal de markt aantrekken”, zijn ze vol vertrouwen.
Jolien Nollet en Thomas Spruytte zijn beiden van landbouwafkomst. Vijf jaar geleden namen ze plantenkwekerij D'Hondt-Willaert over in Westrozebeke, een deelgemeente van Staden. Het bedrijf, dat zich specialiseert in de plantenkweek voor de groentesector, telde aanvankelijk vier hectare.
Vorig jaar bouwden de ondernemers er een hectare bij. De nieuwe serre, die begin februari in productie ging, is uitgerust met een grote loods waar een gloednieuwe trayplantlijn staat. De serre zelf is inmiddels voor de helft gevuld met overwegend bloemkoolplanten en slaplanten in verschillende groeifases. In een normaal scenario had de serre al voller gestaan. Dit jaar is er echter geen sprake van een normaal scenario. “Door het uitblijven van contracten in de industriegroenten is er onzekerheid onder de telers over wat te telen en hebben wij minder bestellingen gekregen”, klinkt het.
De jonge plantenkwekers ervaren zo de kwakkelende markt in de industriegroenten aan den lijve. Door een overtollige productie in West-Vlaanderen en in onze buurlanden zitten de stocks van de verwerkers overvol. De voorbije weken zijn er stevige prijsonderhandelingen gevoerd met telersvereniging Ingro, waarbij telers prijsdalingen tot tien procent moesten slikken. Behalve een lagere prijs contracteren de fabrieken ook een kleinere hoeveelheid. Sommige fabrieken talmen daarnaast met het afsluiten van contracten.
Teeltplanning is puzzel door uitblijven contracten
D'Hondt-Willaert, dat werkt op bestelling, heeft hierdoor tot de helft minder bloemkoolplanten opgezet. “Telers hebben bestellingen afgezegd of verminderd omdat contracten met de fabrieken uitbleven”, vertelt Jolien. Momenteel doet een soortgelijke situatie zich voor bij spruiten en knolselder, die vanaf medio april geleverd moeten worden en nu dus opgekweekt moeten worden. “Wij moeten de zaden bestellen en vervolgens nog zes weken kweken”, aldus Thomas, voor wie de teeltplanning zo een hele uitdating vormt.
Omdat de contractonderhandelingen met een aantal resterende fabrieken in een afrondende fase zitten, verwachten de kwekers dat de terugval over de hele groentelijn minder groot zal zijn dan in de bloemkool. “Maar het ziet er wel naar uit dat we een minder jaar of zelfs twee mindere jaren tegemoet gaan”, vervolgt Thomas.
Ook de versmarkt loopt stroever dan andere jaren door de matige prijsvorming, vertelt hij. 60 procent van de afzet van D'Hondt-Willaert gaat naar de industriegroentetelers en 40 procent naar de versmarkt. De plantenkweker is Vlaams marktleider in de slaplanten en levert ook aan Nederlandse en Noord-Franse groentetelers.
West-Vlaanderen als bakermat
Het bedrijf in Westrozebeke is één van de acht plantenkwekers voor de tuinbouw in Vlaanderen. Het verbaast niet dat vijf van deze acht plantenkwekers gevestigd zijn in West-Vlaanderen, in de regio Roeselare. De regio staat bekend als de groentetuin van Europa en huisvest alle grote diepvriesgroenteverwerkers, zoals Horafrost en Ardo, maar ook REO, de coöperatieve veiling die zich specialiseert in groenten.
De groenteplantenkwekers zijn een aantal decennia geleden opgekomen. “Vroeger zaaiden de tuinders zelf, maar dan is de opkomst veel kleiner en dat is bij het dure zaaigoed niet voordelig”, verklaart Jolien. Onder geconditioneerde omstandigheden behalen de plantenkwekers een opkomst van 90 procent. De afgeleverde planten hebben een slaagkans bij de boer van bijna 100 procent. “De akkerbouwmatige (industrie)groenten, zoals wortelen, erwten en spinazie, worden nog door de boeren zelf gezaaid, de rest wordt geplant”, vult Thomas aan.
Vooraan aan de productielijn worden potgrond en kisten aangeleverd. De kisten worden gereinigd en trays of perspotten met potgrond gevuld. Waarna er een zaadje wordt ingelegd en een pers de grond aandrukt. De potjes gaan vervolgens voor enkele dagen de donkere kiemkamer in. Daarna worden de potjes en trays in de serres uitgezet. Na zes weken (in de zomer) tot zeven weken (in de winter) wordt het plantgoed in trays uitgeleverd aan de telers.
Slatelers denken aan stoppen nu Movento-tijdperk ten einde loopt
31 oktober 2025Verdwijning gewasbeschermingsmiddelen
Net zoals bij de kwakkelende vraag naar groenten, voelen plantenkwekers het eerst trends en uitdagingen in de groenteteelt. Zo kreeg het bedrijf dit jaar veel extra vraag naar planten met een phytodrip-behandeling. Deze behandeling is ingebouwd in de productielijn. Nadat de zaadjes in de potjes zijn gedrukt, worden ze bedruppeld met een phytoproduct. “Dat is een soort coating die ervoor zorgt dat de plantjes in het begin van de groei beschermd zijn tegen plagen zoals luizen”, vertellen ze.
Het verdwijnen van gewasbeschermingsmiddelen is volgens hen één van de belangrijkste uitdagingen voor de groenteteelt in Vlaanderen. In de slateelt constateren ze daarnaast dat er beperkte opvolging is. Waar veel andere telers bedrijfsopvolging kennen, ligt dat moeilijker in de slateelt. Mogelijk heeft dat te maken met de overstap naar hydroteelt. “De investeringskosten hiervoor zijn torenhoog en veel jongeren hebben door de grote risico’s geen zin meer om die stap te zetten.”
Met een nieuwe serre hebben Jolien en Thomas de sprong zelf wel gewaagd. “Misschien dat we nu een moeilijke periode tegemoet gaan, maar uiteindelijk trekt de vraag aan. Mensen blijven groenten eten, de consumptie van plantaardige producten zal vermoedelijk zelfs stijgen in de toekomst”, klinkt het.
Bron: groen