Factcheck: Komt er in Vlaanderen 165.000 hectare landbouwgrond bij?
FactcheckUit een analyse van De Standaard zou er in Vlaanderen 165.000 hectare landbouwgrond moeten bijkomen als het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen wordt uitgevoerd zoals Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns (cd&v) het heeft uitgetekend. Dat levert de minister kritiek op van zijn coalitiepartners. De minister verdedigt zich en wijst op het verschil tussen planologische bestemming en feitelijk gebruik. “De Standaard vermengt beide. Dat levert geen eerlijk debat op”, klinkt het. Welke cijfers kloppen nu en welke niet? VILT zocht het uit.
Het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen blijft voor beroering zorgen, ook al is het nog niet goedgekeurd door de Vlaamse regering. Dinsdagochtend pakte De Standaard op de voorpagina uit met de titel ‘Brouns wil dat landbouw nog met 165.000 hectare kan groeien’. De krant kon het voorstel inkijken dat minister Brouns voor het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) op tafel heeft gelegd. Op basis van dat voorstel concluderen de journalisten dat de minister tegen 2040 765.000 hectare grond exclusief wil reserveren voor landbouwgebruik.
Hoe komt de krant tot dat cijfer? Van de 1,36 miljoen hectare Vlaamse grond is 783.500 hectare officieel voor landbouwgebruik bestemd. Dat cijfer is echter volledig virtueel, luidt het. In realiteit wordt maar 600.000 hectare effectief gebruikt als landbouwgrond. De resterende 183.500 hectare heeft een andere bestemming, zoals zonevreemde villa's en tuinen, maar ook wegen, waterlopen, natuur, bos of recreatie.
“Brouns geeft aan dat dit virtuele cijfer van 783.000 hectare eigenlijk te veel is”, zo staat te lezen in de krant, “want in zijn openingsbod (zijn voorstel voor BRV, red.) wil hij tegen 2040 765.000 hectare landbouwgrond. Dat lijkt een inkrimping, maar in realiteit is het een forse uitbreiding van 165.000 hectare meer dan vandaag. Het is bovendien ook meer dan in het vorige beleidsplan, het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV), dat nog dateert van 1997. Toen afgeklopt op 750.000 hectare.”
Kritiek uit diverse hoeken
Voor de coalitiepartners in de Vlaamse regering is die extra ruimte voor landbouw een brug te ver. Vlaams minister voor Klimaat Melissa Depraetere (Vooruit) reageerde afgelopen weekend al fors in De Zondag op de conceptnota van Brouns. Haar uitspraak dat er te veel landbouwgrond is in Vlaanderen, wekte de nodige consternatie op in landbouwmiddens. In De Standaard zegt N-VA dan weer dat cd&v “moet afstappen van haar fetisj” en “planologische fictie”.
Eerder was er al de protestactie ‘Sluit de natuur niet op’ van Natuurpunt tegen de beslissing van de Vlaamse regering om landbouwers voorkooprecht te geven, wanneer met Vlaamse subsidies landbouwgrond wordt aangekocht voor de realisatie van natuur en bos. Zowel de natuurorganisaties als minister Brouns kwamen vervolgens met allerlei cijfers om de proppen. Natuurpunt wou aantonen dat natuur niet de grote concurrent is van landbouw als het op grond aankomt, en dat er deze legislatuur veel minder geld gaat naar de aankoop van natuur. Terwijl de minister er op hamerde dat het budget voor natuur, inclusief beheer, nog nooit zo hoog is geweest.
“Oneerlijk debat”
De recente berichtgeving over het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen stuit het kabinet-Brouns serieus tegen de borst. “De Standaard gaat uit van een volledig foutieve interpretatie”, zegt woordvoerder Tom De Meyer. “Planologische bestemming en feitelijk gebruik worden hier door elkaar gebruikt, maar als je dat gaat vermengen, zoals De Standaard doet, dan krijg je geen eerlijk debat.”
Volgens hem gaat het om 750.000 hectare die planologisch bestemd is voor landbouw in het vorige beleidsplan, dat de naam Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen draagt en dateert uit 1997. Daar bovenop komt nog 30.000 hectare die een harde bestemming heeft, maar waarop nog niet gebouwd is. “De regering heeft al beslist dat de helft daarvan wordt toegewezen aan natuur en de andere helft aan landbouw”, stelt hij. Vandaar die 15.000 hectare extra, wat maakt dat er in het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen sprake is van 765.000 hectare planologische landbouwgrond.
De planologische bestemming is niet hetzelfde als het feitelijk gebruik, benadrukt hij nog eens. “Van de huidige 750.000 hectare wordt maar een goede 600.000 hectare gebruikt door landbouw. In landbouwgebied liggen bijvoorbeeld ook voor 40.000 hectare woningen, 45.000 hectare aan wegen en waterlopen, 30.000 hectare bosjes enzovoort. We hebben niet de bedoeling om daar aan te raken. Maar we gaan die ook niet herbestemmen zodat zonevreemde bewoning wordt omgezet in woongebied”, aldus De Meyer.
De conceptnota zelf
Maar wat staat er nu in de conceptnota van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen? Volgens deze nota bedraagt de totale oppervlakte bestemd agrarisch gebied momenteel 781.500 hectare. Het volledige landbouwgebruik binnen agrarisch gebied, zowel professioneel als niet-professioneel, wordt eerder ingeschat op 645.000 hectare. De overige oppervlakte, ongeveer 136.500 hectare, kent geen enkele vorm van landbouwgebruik. 45.000 hectare is toe te wijzen aan infrastructuur, ongeveer 40.000 hectare aan residentieel gebruik en ongeveer 12.000 hectare als niet-landbouw bedrijvigheid en 35.000 hectare aan bos(jes).
Tegelijk geeft de nota ook aan dat een deel van het landbouwgebruik in de bestemmingen natuur en bos terug te vinden is, goed voor ongeveer 20.000 hectare. Daar moet in de toekomst ook komaf mee worden gemaakt, klinkt het. “Dit landbouwgebruik dient bij voorkeur uit te doven of onder passend beheer te komen. Er kan in tweede instantie gekeken worden waar dit planologisch uitgeruild kan worden. De landbouwer kan er dus wel een rol als landschapsbouwer opnemen”, staat er letterlijk.
We streven naar een groter aandeel professioneel gebruik van landbouwgrond. Dat moet gerealiseerd worden door de inname van agrarisch gebied door zonevreemde activiteiten en bebouwing te vermijden
30.000 harde bestemming naar open ruimte
Vervolgens is er een verwijzing naar een eerdere passage uit de nota waarin staat dat het bijkomend dagelijks ruimtebeslag tegen 2040 tot nul hectare per dag moet herleid worden. Om dat te realiseren zullen gronden die vandaag nog niet zijn ontwikkeld of bebouwd, maar wel een planologisch harde bestemming hebben, moeten herbestemd worden naar natuur, bos of agrarisch gebied. Het gaat dan om gronden die slecht gelegen zijn en die tegelijk een hoge waarde hebben op vlak van bodem, ecologie of open ruimte.
Het zou gaan om ongeveer 30.000 hectare die ter versterking van de open ruimte kan herbestemd worden naar natuur, bos of agrarisch gebied. “Dit maakt het nieuwe saldo voor natuur en bos: minimum 218.000 hectare (in plaats van 203.000 hectare in het RSV) en agrarisch gebied: minimum 765.000 hectare (in plaats van 750.000 hectare in het RSV)”, staat te lezen in het voorstel. Daarnaast wordt er ook gesproken over gronden die nu planologisch geen harde bestemming hebben, maar die wel kunnen krijgen. Het zou dan gaan op gronden die kernen kunnen versterken of die een beperkte waarde hebben voor bodem of open ruimte.
“We behouden een planologisch bestemde oppervlakte van 765.000 hectare agrarisch gebied”, luidt één van de conclusies. Wel moeten er binnen dat gebied gestreefd worden naar een groter aandeel professioneel gebruik van grond ten opzichte van 2015. Dat moet gerealiseerd worden door de inname van agrarisch gebied door zonevreemde activiteiten en bebouwing te vermijden. “Dit zonevreemd gebruik krijgt een beperkt ontwikkelingsperspectief zodat verdere inname van ruimte actief wordt teruggedrongen (sloop van bijgebouwen, vermindering van volume en verharding, enz.)… Vrijgekomen landbouwbedrijven worden prioritair ingeschakeld binnen de professionele landbouw”, luidt het. Er wordt wel nog op gewezen dat niet-professionele landbouwactiviteiten als zone-eigen gezien worden, ook in het agrarisch gebied.
Conclusie?
De vraag die rest op basis van de gegevens uit de conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen is dan ook of de conclusie van De Standaard correct is: komt er effectief 165.000 hectare landbouwgrond bij? De conclusie uit de conceptnota lijkt de stelling van het kabinet van minister Brouns te ondersteunen. Planologische bestemming lijkt inderdaad verward te worden met feitelijk gebruik. Al geeft de conceptnota ook aan dat zonevreemde activiteiten in landbouwgebied moeten worden teruggedrongen zodat die minder ruimte innemen.
In 2025 was 176.300 hectare in natuurgebruik. Dat betekent dat er een nieuw openstaand saldo van 41.700 hectare is dat versneld dient bestemd te worden
En wat met natuur?
Er zijn ook parallellen te trekken met de ruimte die is voorzien voor natuur. Ook hier spreekt de conceptnota dat er opnieuw wordt vertrokken van de oppervlakte aan natuurbestemmingen die in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen staat: 203.000 hectare. Dat moet verhoogd worden met de 15.000 hectare aan planologisch harde bestemmingen met bodem- of ecologische waarde die een herbestemming nodig heeft, zoals hierboven besproken. Daarmee komt het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen uit op een totale oppervlakte aan bos- en natuurbestemmingen van 218.000 hectare.
In 2025 was 176.300 hectare in natuurgebruik. “Er is dus een nieuw openstaand saldo van 41.700 hectare dat versneld dient bestemd te worden. Bij opmaak van het nationaal natuurherstelplan of openruimtepact wordt geëvalueerd of deze oppervlakte volstaat dan wel dient verhoogd te worden”, aldus het voorstel. Vervolgens wordt erop gewezen dat natuur en biodiversiteit een wezenlijk onderdeel zijn van een veerkrachtige, gezonde en kwalitatieve omgeving. “Daarom beperkt de doelstelling inzake feitelijk landgebruik voor natuur zich niet tot de daartoe bestemde gebieden”, klinkt het nog. “We streven namelijk een dubbele beweging na: meer planologisch bestemde natuur alsook meer verweven natuur in andere bestemmingen en landgebruikscategorieën.”