Crisisfonds is te klein volgens Europese boerenkoepel
nieuwsDe crisismaatregelen die de EU aankondigde voor bederfbare land- en tuinbouwproducten worden met open armen verwelkomd door de Europese landbouwkoepel Copa-Cogeca. Voorzitter Albert Jan Maat vraagt de EU om haast te maken met de implementatie ervan zodat de markt niet verder in elkaar stuikt als gevolg van de Russische boycot. De Europese boerenfederatie vraagt om niet alleen het met landbouwsteun gespekt crisisfonds aan te boren. Buiten zijn wil om wordt de landbouwsector het hardst getroffen door de handelsoorlog zodat de EU ook andere fondsen dient aan te spreken en erop moet toezien dat ook de lidstaten hun duit in het zakje doen.
De Russische importban weegt zwaar op de prijs van bederfbare producten zoals groenten, fruit en verse zuivelproducten. Copa-Cogeca constateert dat ook de prijzen van andere land- en tuinbouwproducten sterk onder druk komen te staan. De financiële gevolgen voor land- en tuinbouwbedrijven zullen zich meer dan één jaar laten voelen.
De Europese landbouwkoepel was dan ook vragende partij voor uitzonderlijke marktmaatregelen en is blij dat die er nu ook komen. De Europese Unie opteert voor steun aan telers die groen of niet oogsten en voor het uit de markt nemen van producten om ze vervolgens gratis te verdelen voor het goede doel. Copa-Cogeca ijvert nog voor een vervroegde uitbetaling van de directe inkomenssteun, meer promotiecampagnes en een tempoversnelling in het overleg over vrijhandelsakkoorden met derde landen.
Over de centen die de EU uittrekt om de crisis te bezweren, maakt Copa-Cogeca zich zorgen. In een eerste fase wordt 125 miljoen euro aan de kant gelegd. Het crisisfonds uit het gemeenschappelijk landbouwbeleid beschikt in totaal over 400 miljoen euro. Te weinig, vreest de boerenkoepel, gelet op de eerste ramingen van de schade. Copa-Cogeca kijkt net zoals Boerenbond naar andere EU-fondsen om de economische schade in land- en tuinbouw solidair te dragen. Vrijdag wordt de mogelijkheid van extra steunmaatregelen besproken op een overleg tussen experten van de lidstaten en het Europees Parlement.
Beeld: Loonwerk Defour