nieuws

Hulporganisatie Care is Amerikaanse voedselhulp beu

nieuws
Een van 's werelds grootste hulporganisaties, het Amerikaanse Care, weigert 45 miljoen dollar aan voedselhulp van de Amerikaanse regering. De manier waarop de hulp wordt georganiseerd spekt de Amerikaanse landbouw en houdt de Afrikanen - voor wie de hulp is bedoeld - bewust arm, stelt Care. "Onze ngo's zijn kritiekloze onderaannemers van de regering geworden", klinkt het in De Morgen.
20 augustus 2007  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 14:39
Een van 's werelds grootste hulporganisaties, het Amerikaanse Care, weigert 45 miljoen dollar aan voedselhulp van de Amerikaanse regering. De manier waarop de hulp wordt georganiseerd spekt de Amerikaanse landbouw en houdt de Afrikanen - voor wie de hulp is bedoeld - bewust arm, stelt Care. Care boycot zo het controversiële maar al jarenlang toegepaste Amerikaanse beleid om binnenlandse voedseloverschotten in derdewereldlanden lokaal te verkopen. "Onze ngo's zijn kritiekloze onderaannemers van de regering geworden", klinkt het in De Morgen.

Het gerespecteerde Care staat bekend om zijn emotionele oproepen om medemensen die honger lijden te helpen. Dat de organisatie nu de zowat 45 miljoen dollar aan overheidshulp weigert, lijkt dan ook contradictorisch. Maar Care wijst erop dat in de overheidshulp zelf een tegenstelling schuilt, die, wat de organisatie betreft, niet langer te dulden is.

Voor jaarlijks ongeveer 280 miljoen dollar koopt de Amerikaanse overheid landbouwoverschotten op. Dat wordt dan op Amerikaanse schepen naar behoeftige landen gebracht. Ngo's moeten het daar verkopen om hun kas te spekken en hun hulpprogramma's te financieren. "Monetization", heet dat. Experts en ook het Amerikaanse Rekenhof bestempelen die methode, die al een tiental jaar in zwang is, als 'inefficiënt'. Omdat het daarenboven de lokale economie verstoort, stapt Care eruit. "Ik denk niet dat de Amerikanen die genereus geld storten willen dat mensen in derdewereldlanden daardoor honger lijden", zo formuleert Carewoordvoerster Alina Labrada het.

De Keniaanse boer Walter Otieno is een van hen, zo schrijft The New York Times. Vier van zijn twaalf ondervoede kinderen zijn de afgelopen jaren gestorven. Otieno kon met hulp van Care zonnebloemen kweken en de oogst verkopen aan een lokale olieraffinaderij. Die koopt jaarlijks echter ook tonnen Amerikaanse sojaolie op. Het betreft overschotten van een Amerikaanse sojagigant, door de overheid opgekocht als ontwikkelingshulp en verscheept naar Kenia, waar Amerikaanse ngo's dus genoodzaakt zijn ze op de lokale markt te verkopen.

Omdat sojaolie een concurrentieproduct is voor Otieno's zonnebloemolie, en omdat de Amerikaanse olie in grote hoeveelheden en goedkoop kan worden aangekocht, blijft de kleine onderneming van Otieno zeer kwetsbaar en in het beste geval ter plaatse trappelen. Door de lokale markten zo te overspoelen, ondermijnen de VS op lange termijn het werk van de kleine boeren die de kern van een stabiele economie zouden kunnen vormen, zo stelt Care.

Daarnaast is het systeem risicovol, omdat er verhandeld moet worden door tussenpersonen. Direct geld geven aan de ngo's zou beter zijn, zo klinkt het. "Dat is wat Europa, na een strijd aangevoerd door de ngo's, wél doet", reageert Bodgan Vanden Berghe van 11.11.11. "Het Amerikaanse systeem heeft perverse effecten. De hoeveelheid hulp hangt af van de Amerikaanse oogsten. Als de lokale oogsten groot zijn, zitten Afrikanen die allerlei andere vormen van hulp zouden kunnen gebruiken met voedsel dat niemand wil en dat op de zwarte markt wordt verkocht, waardoor boeren hun eigen oogst niet kwijt raken. Het is een moedig en belangrijk politiek signaal van Care daar uit te stappen. Het zal nu toch al lastiger worden voor de VS om de overschotten te slijten".

Vorige pogingen om de wetgeving daarover te veranderen zijn in het Congres mislukt, grotendeels onder druk van de machtige landbouw- en scheepslobby's, zo klinkt het. Jaarlijks strijken beide sectoren dan ook vele dollars op dankzij de monetization. In de Doha-ronde eist de EU dat de VS in ruil voor de afschaffing van de exportrestituties tegen 2013 hun voedselhulp hervormen. Tot hiertoe hebben de Amerikanen dwars gelegen, met het argument dat rechtstreekse financiële steun aan regimes in ontwikkelingslanden kunnen verdwijnen in de zakken van malafide bewindvoerders.(KS)

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek