Zorgen over financiering op biodiversiteitsconferentie
nieuwsSteeds meer dieren en planten worden met uitsterven bedreigd. Twee jaar geleden besliste de internationale gemeenschap het verlies van de biologische diversiteit tegen 2020 een halt toe te roepen. Tot op vandaag is de financiering daarvoor nog niet rond. Dat verontrust de milieuorganisaties op de elfde conferentie van de partijen bij het Verdrag inzake biologische diversiteit in het Indiase Hyderabad.
Tweeduizend onderhandelaars uit alle delen van de wereld discussiëren sinds maandag over de redding van met uitsterven bedreigde soorten. Onder leiding van de Verenigde Naties willen de verdragsstaten tijdens de twaalf dagen durende conferentie de doelstellingen hardmaken die ze twee jaar geleden in het Japanse Nagoya hebben vastgelegd. Toen waren ze overeengekomen tegen 2020 het voortschrijdende verlies van de dieren- en plantensoorten te stoppen.
Milieuorganisaties schatten dat wereldwijd minstens 50 miljard euro per jaar nodig zal zijn. Momenteel schommelen de uitgaven voor de bescherming van de biodiversiteit rond de 30 miljard euro. De natuurbeschermingsorganisatie NABU roept de regeringen op tot bindende afspraken. "Vooral de industrielanden moeten in Hyderabad verantwoording afleggen. Hun hulp voor de natuurbescherming aan de ontwikkelingslanden moet minstens verdubbeld worden", zei NABU-voorzitter Olaf Tschimpke.
"Alle deelnemers zijn zeer bezorgd over hoe de situatie er vandaag uit ziet", vatte Peter Pueschel van het internationaal dierenbeschermingsfonds de teneur van de openingstoespraken samen. Er is "grote bezorgdheid over de financiële bronnen". Momenteel wordt meer geld uitgegeven voor de vernietiging van de natuur dan voor haar redding, hekelde Pueschel. Zo ontvangen vissersvloten subsidies voor schepenbouw, goedkopere diesel, financiële steun bij de verwerving van visserijrechten en steun bij de verwerking en handel van vis. "Deze enorme eenheden, die 1.000 ton vis per dag verwerken, kunnen hoegenaamd niet ecologisch werken."
Milieuorganisaties wezen ook op de gevolgen van de kosten die bij een onomkeerbaar verlies van soorten ontstaan. De NABU sprak van meerdere biljoenen. Daartoe behoren ook verliezen door het wegvallen van ecosysteemdiensten die de natuur tot nog toe gratis tot stand brengt: het opslaan en de zuivering van drinkwater door venen, de zuivering van broeikasgassen in wouden en bossen of de bestuiving door insecten in de fruitteelt.
"In Nagoya zijn we het eens geworden over een masterplan met ambitieuze, maar realistische doelen om de biodiversiteit van de planeet te redden", zei Julia Marton-Lefèvre, algemeen voorzitster van de International Union for Conservation of Nature (IUCN). De tijd is volgens haar rijp voor een ernstig onderzoek naar de omzetting van dat grote plan.
Bron: Belga