Witloofareaal is op zijn retour
nieuwsGisteren vestigde VILT de aandacht op de start van het grondwitloofseizoen. Witloof, althans grondwitloof, wordt beschouwd als een typisch Vlaamse groente. Toch staat het witloofareaal onder druk. Vlaams volksvertegenwoordiger Francesco Vanderjeugd (Open Vld) vroeg bij minister Schauvliege de areaalcijfers op om te kunnen inschatten of de teelt zal standhouden in eigen regio. De statistieken van Eurostat maken geen onderscheid tussen hydrocultuur en witloofteelt voor forcerie in volle grond. Het totale areaal in ons land bedroeg vorig jaar 2.100 hectare. Dat is inderdaad fors minder dan tien jaar geleden toen er nog 3.600 hectare witloof geteeld werd, maar het is niet zo dat we platgewalst worden door de buurlanden. Frankrijk en Nederland zien hun witloofareaal eveneens afnemen.
De schriftelijke vraag van Open Vld’er Francesco Vanderjeugd is zorgelijk van toon. Hij informeerde bij minister Schauvliege naar het witloofareaal in eigen land, de evolutie van het marktaandeel en de prijsvorming de jongste tien jaar. Zijn vermoeden dat de teelt onder druk staat, klopt. Van 3.600 hectare witloofteelt in 2006 is het areaal in tien jaar tijd teruggevallen tot 2.100 hectare. Schauvliege deelt aan Vanderjeugd ook de gemiddelde veilingprijzen van witloof mee. Die varieerden van minder dan 80 eurocent per kilo in zwarte jaren voor witlooftelers, en die waren er nogal wat (2007, 2008, 2009, 2013), tot een meer lonende prijs tussen 1,02 en 1,08 euro per kilo witloof.
De achteruitgang van het witloofareaal in eigen land gaat niet gepaard met een grote opmars van witloof in de buurlanden. De productie in het Verenigd Koninkrijk en Luxemburg is verwaarloosbaar. Frankrijk is onze grootste concurrent met een areaal van 9.130 hectare, maar dat bedroeg in 2006 nog 13.400 hectare. In Nederland – een producent van onze slag – gaat de witloofteelt er ook op achteruit, meer bepaald van 3.590 hectare naar 2.950 hectare. Duitsland is groot in vele teelten maar niet in witloof. Het areaal schommelt er rond de 300 hectare, al steeg het in 2015 wel naar 580 hectare.
In Vlaanderen zijn er een 300-tal witlooftelers actief. Terwijl de algemene trend in de landbouw er één is van stijgende bedrijfsarealen doet zich bij witlooftelers precies het tegenovergestelde voor. In 2003 waren er nog 603 witlooftelers die gemiddeld elk 22,9 hectare witloof teelden. Hun aantal viel terug tot 318 in 2013, en het gemiddelde bedrijfsareaal tot 13,5 hectare.
Het Belgische witloof is bestemd voor de binnenlandse markt – waar de consument duidelijk los witloof verkiest, met zo weinig mogelijk verpakking – en voor export. Frankrijk is met voorsprong de grootste buitenlandse afzetmarkt (8.970 ton in 2015), gevolgd door Duitsland (2.022 ton) en de Verenigde Staten (1.649 ton). Zwitserland is weggedeemsterd als exportbestemming, wat te wijten is aan een stijgende binnenlandse witloofproductie. De Zwitsers beperken de invoer in perioden dat er voldoende eigen productie is.
Vanderjeugd informeerde tot slot nog naar de inspanningen die VLAM levert om de afzet in binnen- en buitenland te bevorderen. “Met het programma ‘Taste of Europe’ richt VLAM zijn pijlen op nieuwe markten. Ook op Europese beurzen wordt witloof als Flandria-product in de kijkers gezet. Dit voorjaar diende VLAM een promotiecampagne bij Europa in voor witloof, paprika en prei in Canada. De focus ligt op degustatieacties in de verkooppunten. Indien de campagne groen licht krijgt van de EU kan ze volgend jaar van start gaan.
In eigen land blijken gepensioneerden de grootste liefhebbers van witloof. Een bevraging van de online community leerde VLAM dat jongeren minder snel gewonnen zijn voor de bittere smaak van witloof. Op latere leeftijd begint men makkelijker witloof te appreciëren. Reeds in 2014 startte het promotieorgaan een campagne rond witloof die gericht is op ouders en kinderen.