VLM roept veehouders op om NER te controleren voor eindejaar
nieuwsDe kerstperiode komt eraan: de periode om te controleren of er geen os of ezel te veel in je stallen staat. VLM waarschuwt landbouwers om op tijd te evalueren of hun veestapel conform is met hun nutriëntemissierechten of NER. Wie dieren te veel heeft, staat voor een keuze. Dieren verkopen, NER bijkopen of een NER-boete betalen.
De Vlaamse Landmaatschappij of VLM lanceert met zijn oproep een overzicht met rekentool voor wie zijn NER wil controleren. Volgens het laatste Mestrapport zijn er steeds minder landbouwers met een overschrijding van NER.
Maar hoe werken deze NER precies? Elk veebedrijf produceert dierlijke mest. Hoeveel dat maximaal mag zijn, wordt weergegeven in NER. Een melkkoe bijvoorbeeld is goed voor 127 NER. Een vleesvarken vertegenwoordigt 18,33 NER, enzovoort. Als een bedrijf beschikt over 12.700 NER, mag het dus 100 melkkoeien houden.
Maar in praktijk is het niet altijd eenvoudig deze praktische limiet te behouden, stelt Eddy Vandycke, stafmedewerker mestverwerking bij Boerenbond. “Als je bijvoorbeeld uitzonderlijk veel kalvingen hebt”, zegt hij. “Bovendien worden NER op jaarbasis bekeken. Als in november blijkt dat je een melkkoe te veel hebt, dan kom je er niet van af door die ene koe weg te doen. Je moet er dan meteen zes wegdoen, om het teveel in de andere tien maanden te compenseren.”
Ook relevant is dat elk dier over zijn eigen type NER beschikt. Je kan een melkkoe dus niet zomaar vervangen door zeven NER van vleesvarkens. “Tenzij je historisch gezien over een gemengd bedrijf beschikt. Dan kan je een overschot bij de ene diersoort compenseren met een andere diersoort.”
Wat bij overschrijding?
Wie zijn NER overschrijdt, betaalt een boete. Bij een eerste overschrijding is dat één euro per NER. Bij een herhaaldelijke inbreuk is dat twee euro per NER. “Voor één melkkoe betaal je dus 127 of 254 euro”, zegt Vandycke.
In 2023 overschreden 709 landbouwers hun NER, samen goed voor 0,63 miljoen NER. Zowel het aantal landbouwers met een NER-overschrijding als de totale overschrijding is de afgelopen tien jaar sterk gedaald: sinds 2013 is de overschrijding ongeveer gehalveerd. Op Vlaams niveau is er voldoende NER beschikbaar, maar op bedrijfsniveau blijven tekorten voorkomen.
Boetes vermijden
De boete vermijden kan op verschillende manieren. “Omdat je op het einde van het jaar veel dieren moet weg doen als je een eerdere overschrijding wil compenseren, kiezen veel landbouwers ervoor om hun NER-boete pas het jaar nadien te compenseren. Als je bijvoorbeeld één melkkoe te veel hebt, dan kan je je boete vermijden als je het jaar nadien één koe minder houdt dan je recht op hebt. Dat is een optie waar veel veehouders voor kiezen, omdat dit bij lichte overschrijdingen een relatief eenvoudige oplossing is. In het jaar 2023 hebben een150-tal landbouwers ervoor gekozen het jaar nadien te compenseren. Voor kleine overschrijdingen is dat op zich een goed systeem.”
Een andere optie is om NER bij te kopen. In tegenstelling tot de boetes, liggen de prijzen hiervoor niet vast. “Bij varkens en runderen spreek je over vier à vijf euro per NER”, zegt Vandycke. “Bij pluimvee is dat al snel 25 euro. Waarom? De wet van vraag en aanbod. Er is veel meer vraag naar extra rechten voor pluimvee dan voor runderen of varkens.”
Steeds minder NER
Aan de aanbodzijde zijn er steeds minder NER beschikbaar. De Vlaamse overheid roomt de NER af binnen de Programmatische Aanpak Stikstof of PAS. Slapende NER zijn de afgelopen jaren geschrapt, en bij een niet-familiale bedrijfsoverdracht wordt 25 procent van de overgedragen NER geannuleerd. De familiale bedrijfsoverdracht moet voor de duidelijkheid wel in rechte lijn gebeuren, bijvoorbeeld van vader op zoon. Met alle kopzorgen van dien bij jonge starters die een bedrijf overnemen dat gedeeltelijk of volledig in handen van een neef of nonkel is.
“Het komt erop neer dat er steeds minder NER beschikbaar zijn voor de sector”, zegt Vandycke. “Bovendien worden de beschikbare NER vandaag ten volle gebruikt, wat ook zijn impact op de prijzen heeft. NER koop je van andere landbouwers. Als ik de mijne gebruik, kan je ze niet van me kopen.”
Om problemen te vermijden, raadt VLM veehouders aan om hun NER-bezetting tijdig te controleren. Rundveehouders kunnen hun veebezetting eenvoudig opvolgen via het Mestbankloket. Landbouwers met andere diersoorten kunnen de NER voor hun gemiddelde veebezetting berekenen met het rekenprogramma op de website van VLM.
Bron: Eigen berichtgeving