Vetsmelters moeten schade door dioxinecrisis vergoeden
nieuwsDe vetsmelters Jan en Lucien Verkest moeten meer dan één miljoen euro schadevergoeding betalen aan een veevoederbedrijf en een 40-tal slagers die zich burgerlijke partij stelden na de dioxinecrisis. Dat heeft de Gentse correctionele rechtbank beslist. Veevoederbedrijf De Brabander uit Roeselare getuigt in Het Laatste Nieuws over de lange procedureslag. Vader en zoon Verkest werden al veroordeeld door de strafrechter.
Het gesjoemel van vader en zoon Verkest veroorzaakte in het voorjaar van 1999 een groot voedselschandaal in ons land. Vlees en zuivel werd preventief uit de rekken gehaald omdat met dioxine vervuilde vetten verwerkt werden in veevoeder en zo in de voedselketen terechtkwamen. De vetsmelters schreven op hun factuur dat ze de mengvoederfabrikanten gesmolten dierlijk vet leverden, terwijl het om een mengsel van dierlijk en technisch vet ging
Eén van de gedupeerden, De Brabander Voeders uit Roeselare, getuigt in het Laatste Nieuws. "Eind jaren '90 kloegen klanten dat er van alles misging met hun dieren. Toen de bom barstte, incasseerde het bedrijf zware klappen. Het cliënteel was woedend en de schadeclaims stroomden binnen. Gelukkig bleek na een tijdje dat ook wij slachtoffer waren en er niet veel aan konden doen", doet zaakvoerder Philippe Debaillie het relaas. "We zijn blijven procederen omdat we onze schade vergoed willen zien. Tegelijk stonden we van bij de start recht in onze schoenen. En je moet altijd je rechten en je goede naam blijven verdedigen."
In 2010 werden vader en zoon Verkest op strafrechtelijk gebied schuldig bevonden aan valsheid in geschrifte, gebruik van valse stukken en bedrog in koopwaar. Voor hun gesjoemel met vet kreeg het duo toen twee jaar cel, waarvan de helft met uitstel, en een geldboete van 124.000 euro. De vetsmelters moesten ook 3,5 miljoen euro aan illegale inkomsten terugbetalen.
Veertien jaar na het uitbreken van de dioxinecrisis heeft de rechter nu ook de schadeclaims tegen Jan en Lucien Verkest behandeld. Zij moeten de meer dan 50 burgelijke partijen alles samen meer dan één miljoen euro betalen. Het overgrote deel van dat bedrag, ongeveer één miljoen euro, gaat naar het veevoederbedrijf De Brabander uit Roeselare.
Een tweede veevoederbedrijf, De Brabandere uit Wingene, kreeg niets. De rechtbank vond dat het bedrijf zijn schade niet genoeg bewezen had. Zesenveertig kleine zelfstandigen, voornamelijk slagers, krijgen vergoedingen van enkele tientallen euro tot maximaal 4.000 euro. De Belgische staat die 400 miljoen euro wou claimen, wist niet dat er een procedure liep en moet dus nog een aanvraag tot schadevergoeding doen. De verdediging kan nog in beroep gaan en de verschuldigde betalingen op die manier op de lange baan schuiven.
Bron: Het Laatste Nieuws / Het Nieuwsblad