Veldverkenners blikt terug op opkomst supermarkten
nieuwsDe fusie tussen Delhaize en Ahold doet Veldverkenners, het publieksmedium van VILT, stilstaan bij de evolutie van de voedselketen sinds de Tweede Wereldoorlog. In 1957 opende Delhaize als eerste supermarkt in ons land een filiaal, gevolgd door GB in 1958. Beide volgden het Amerikaanse model van zelfbediening, wat de manier van winkelen en uiteindelijk ook de manier van koken en eten definitief veranderde. Van schaarste tijdens de 19de eeuw en de oorlogen ging het naar overvloed in de tweede helft van de 20ste eeuw. Maar die overvloed zorgde voor nieuwe problemen, want hoewel het voedingspatroon van de gewone man gevarieerder werd, werd het tegelijkertijd te vet met te veel suiker, te veel vlees en te weinig groenten en fruit.
De tweede helft van de vorige eeuw stond in het teken van massaproductie en -consumptie in Europa. De nog verse herinnering aan honger tijdens de twee wereldoorlogen bracht voedselzekerheid hoog op de agenda van de regeringsleiders. Een eerste Gemeenschappelijk Landbouwbeleid werd ingericht, met als doel een redelijk inkomen voor de boeren en veilig voedsel aan redelijke prijzen voor alle burgers. Mechanisatie, specialisatie en schaalvergroting deden hun intrede, maar op vlak van distributie vormde de komst van de supermarkten de grootste verandering. Delhaize opende in 1957 de eerste supermarkt in ons land, op het Flageyplein te Elsene. GB volgde een jaar later met een filiaal op de Antwerpse Luchtbal.
De opkomst van de supermarkt was al voorzichtig ingezet in de eerste helft van de 20ste eeuw, maar brak pas door na de Tweede Wereldoorlog, onder impuls van evoluties in de Verenigde Staten. Beide filialen waren dan ook supermarkten naar het Amerikaans model: met zelfbediening langs hoge rekken en karretjes om zelf te vullen. Deze nieuwe manier van winkelen zou de manier van consumeren voorgoed veranderen, mede gestimuleerd door de enorme stijging van de koopkracht tussen 1950 en 1973.
Een van de meest frappante veranderingen was de vleesconsumptie. Tussen 1948 en 1978 verdubbelde de Belgische industriearbeider zijn vleesverbruik. Andere voedingsproducten die opvallend meer werden geconsumeerd waren margarine, kaas, deegwaren, gebak, fruit, snoep en dé nieuwkomer op de drankmarkt: frisdrank. De overdaad leidde niet alleen tot nonchalance in de omgang met voeding en tot voedselverspilling, maar ook tot obesitas en diabetes.
Het artikel over de evolutie van de landbouw en de voedselketen na 1950 verscheen in de reeks Uit de oude doos, waarvoor Veldverkenners samenwerkt met het Centrum Agrarische Geschiedenis (CAG). Elke maand wordt in die rubriek een oude foto uit het archief van CAG van onder het stof gehaald, met een verhaal dat telkens toch nog actueel is. Dit keer was het een foto van klanten met hun winkelkarretjes in het (toen) gloednieuwe Delhaizefiliaal in Elsene. Meer over de geschiedenis van de landbouw is trouwens te vinden in het laatste boekje van Veldverkenners: 'Terug in de tijd met Veldverkenners - 200 jaar boeren voor onze dagelijkse kost'. Het boekje is gratis te downloaden of in papieren versie aan te vragen (vanaf 5 exemplaren) via info@veldverkenners.be.
Meer info: lees het volledige artikel op Veldverkenners en het bijbehorende verhaal op Het Virtuele Land van CAG