Toeslag melk en varkens is bijna 8% van landbouwinkomen
nieuwsEind augustus slaagden de Belgische landbouworganisaties er in de partners in de voedselketen te overtuigen van de nood aan een éénmalige toeslag voor melkvee- en varkenshouders. Daar kwamen reacties op als zou het niet meer zijn dan een druppel op een hete plaat en het twijfelachtig is dat het geld bij de boer terechtkomt. Tweemaal mis, zo leerden we tijdens de Nazomerontmoeting van Boerenbond. Volgende week ontvangen de melkveehouders een eerste maal de toeslag. Voor de varkenshouders zal een eerste van zes schijven niet lang meer op zich laten wachten. Centen die niet te versmaden zijn want de raming van het landbouwinkomen door Boerenbond toont dat de toeslag bijna acht procent van het landbouwinkomen vormt en het verschil maakt tussen een inkomensdaling met 1 procent en een stijging met 6,4 procent.
De scherpe daling van het landbouwinkomen in 2014 krijgt dit jaar een staartje. Rusland houdt zijn grenzen stevig op slot zodat de markt geen kans kregen om te herstellen. Mocht Vlaanderen één grote boerderij zijn, dan zou de eindproductiewaarde met twee procent dalen. Boerenbond berekende de productiewaarde voor alle deelsectoren, daarover later meer, en maakte de rekenoefening met en zonder toeslag voor melk en varkens vanuit het Belgisch Ketenoverleg. Voor beide sectoren samen gaat het om 76 miljoen euro. Voor Vlaanderen alleen gaat het om een extra bedrag van 56,7 miljoen euro, wat kan tellen in de wetenschap dat het opgetelde inkomen van alle Vlaamse boerderijen blijft steken op 753 miljoen euro. Dat is een derde minder dan het gemiddelde inkomen tijdens de referentieperiode 2003-2007.
De Vlaamse melkveehouders mogen in een periode van zes maanden 27,6 miljoen euro bijschrijven op hun rekening. Voor de Vlaamse varkensboeren gaat het om een bedrag van 29,1 miljoen euro. Dat het economisch zwaartepunt van deze noodlijdende sector in Vlaanderen ligt, bewijst de scheve verdeling tussen beide landsdelen. Die 29,1 miljoen euro gaat namelijk af van een totaalbedrag van 30 miljoen euro. De melkproductie is wat beter verdeeld onder en boven de taalgrens. Rekening houdend met het ondertussen verdwenen melkquotum werd het totaalbedrag van 46 miljoen euro verdeeld.
Economisch adviseur François Huyghe en Boerenbondvoorzitter Piet Vanthemsche rekenen voor dat de toeslag in de melkveehouderij neerkomt op 4 procent van de omzet en in de varkenshouderij met 2,3 procent van de omzet. Door beide toeslagen in rekening te brengen, buigt het verwachte inkomensverlies van één procent in de Vlaamse landbouw om in een inkomensstijging van 6,4 procent. In het jaar dat volgt op een dramatisch 2014 dat 19 procent van het Vlaamse landbouwinkomen deed verdampen, kan dat tellen. Sonja De Becker, ondervoorzitter van Boerenbond, benadrukt het belang van het ketenakkoord door er op te wijzen dat de toeslag voor melk en varkens in Vlaanderen bijna acht procent van het landbouwinkomen uitmaakt.
Voorzitter Vanthemsche hoopt van harte dat zo’n toeslag volgend jaar niet meer nodig zal zijn, maar constateert tezelfdertijd dat hij dit jaar zijn effect niet mist. De omzetdaling 2015 ten opzichte van 2014 wordt er door beperkt tot 19 in plaats van 22 procent. In de varkenshouderij maakt de toeslag het verschil tussen 10 en 12 procent omzetverlies. Inclusief de toeslagen vanuit het Ketenoveleg raamt Boerenbond het globaal Vlaams landbouwinkomen op 809 miljoen euro (+6,4 miljoen euro).
Per capita betekent dit een inkomensstijging met 8,6 procent, tot 22.263 euro, wat nog altijd 6,7 procent minder is dan de referentie (2003-2007). Daarmee is het zware inkomensverlies van 2014 (-19%) dus zeker niet gecompenseerd, klinkt het bij Boerenbond, maar zal de toeslag toch duidelijk voelbaar zijn op de betrokken bedrijven. De voorzitter van Boerenbond spreekt van een licht herstel dankzij de toeslag. Omdat je daarmee de crisis structureel niet oplost, is het voor de lange termijn uitkijken naar de oprichting van stabilisatiefondsen met een solidaire bijdrage van alle ketenpartners.
Beeld: Inagro