Suggesties welkom voor milieueffectrapport MAP5
nieuwsTer bescherming van het oppervlakte- en grondwater tegen nitraatverliezen bereidt de Vlaamse overheid het vijfde mestactieplan (MAP5) voor. Om de mogelijke effecten van MAP5 op mens en milieu in kaart te kunnen brengen, komt er een plan-milieueffectrapport (plan-MER). De publicatie van een kennisgevingsnota, onder andere op de website van de Vlaamse milieuadministratie, is een eerste stap. Met MAP5 zal Vlaanderen nog sterker inzetten op een gebiedsgerichte aanpak, waarbij strengere maatregelen gelden in (focus)gebieden met een ontoereikende waterkwaliteit.
De kennisgevingsnota over het plan-MER van het vijfde mestactieplan geeft iedereen 30 dagen de tijd om opmerkingen en suggesties op de nota te delen met de dienst Milieueffectrapportagebeheer van het Departement Leefmilieu. Nuttige reacties zijn bijvoorbeeld mogelijke alternatieven voor MAP5 die volgens jou onderzocht moeten worden of bepaalde aandachtspunten die niet vernoemd worden in de nota. Reacties zoals "ik ben tegen het plan" of "ik wil niet dat mestactieplan doorgaat” zijn begrijpelijk maar bieden inhoudelijk geen meerwaarde voor het milieu-onderzoek.
Wie de nota erbij neemt, merkt dat die vrij bondig weergeeft waar het naar toe gaat met MAP5. Met het vijfde mestactieplan wil Vlaanderen in de periode 2015-2018 de Europese Nitraatrichtlijn verder realiseren door nutriëntenverliezen naar grond- en oppervlaktewater te minimaliseren. Dat gebeurt via een gebiedsgerichte aanpak met de focus op een oordeelkundige en evenwichtige bemesting, stimulering van goede landbouwpraktijken, gerichte controles en begeleiding op maat van land- en tuinbouwers.
Tijdens de vorige legislatuur werden resultaten geboekt met een gebiedsgerichte aanpak. De focus in MAP 5 zal nog sterker liggen op de gebieden met een zwakke waterkwaliteit. Aan alle landbouwbedrijven in de focusgebieden worden naast de algemene mestregeltjes bijkomende maatregelen opgelegd om het risico op nitraatuitspoeling tot een minimum te beperken. Voor bedrijven in focusgebied die kunnen aantonen dat hun bedrijfsbeheer geen milieuproblemen veroorzaakt, is een uitzondering voorzien. Omgekeerd zullen de bijkomende maatregelen ook gelden voor landbouwers in niet-focusgebied wanneer het nitraatresidu op hun percelen herhaaldelijk en sterk overschreden wordt.
De opeenvolgende mestactieplannen, die de bemestingsnormen steeds verder aanscherpten, maakten het landbouwers zeker niet makkelijker om de bodemvruchtbaarheid op peil te houden. Daar lijken de beleidsmakers nu rekening mee te houden. In de kennisgevingsnota lezen we: “MAP5 mikt ook op het stimuleren van mestsoorten zoals stalmest en compost, die substantieel bijdragen aan het verhogen van het organische stofgehalte in de bodem en tegelijk een laag risico op ongewenste stikstof- en fosforverliezen hebben.
Verder wordt de valorisatie van mestverwerkingsproducten een belangrijk item. In plaats van nutriënten te verwijderen wil men naar een situatie waarin nutriënten gerecupereerd worden met maximaal behoud van organische stof. Er zijn ook plannen om de bemestingsvrije zones langs waterlopen te herzien in functie van de toegepaste bemestingstechnieken. Gelet op de voortschrijdende techniek is dat een maatregel waar landbouwers zelf het nut sterk van inzien.
Beeld: Loonwerk Defour