Producentenorganisaties op het voorplan in zuivelsector
nieuwsTijdens de seminaries op de Agridagen kwam de rol van producentenorganisaties in de melkveehouderij aan bod, net zoals de zin of onzin van de termijnmarkt en van productiebeperking. Over dat laatste was Renaat Debergh van de Belgische Confederatie van de Zuivelindustrie (BCZ) formeel: “De medeverantwoordelijkheidsheffing heeft indertijd niet gewerkt. En als we terug quota willen, dan moeten we veel meer zaken terugdraaien aangezien Europa aanknoping zocht bij de wereldmarkt.” Het lijkt erop dat de sector de crisis moet uitzweten en terwijl moed kan putten uit de positieve marktvooruitzichten op langere termijn. De vraag is wat producentenorganisaties in tussentijd kunnen betekenen en wat de termijnmarkt te bieden heeft.
De melkveehouderij in Vlaanderen zit middenin een woelige periode. De leveranciers van FrieslandCampina maakten al twee herstructureringen mee waarbij een belangrijk deel van de melkplas moest ‘afvloeien’. Zelfde verhaal bij Danone, waar vanuit het Franse hoofdkwartier beslist werd om de melkophaling beter af te stemmen op de noden van de fabriek in Rotselaar. Een hoge melkprijs maakte een jaar later veel goed maar in 2015 nam de melkprijs een diepe duik. Geen enkele zuivelexpert belooft op korte termijn beterschap en ondertussen wordt er ook gemord over de grote Belgische zuivelcoöperatie die onderaan de Europese melkprijsrangschikking bengelt.
Niet meteen een ideale uitgangspositie voor een seminarie over de toekomst van de melkveehouderij zou je denken, toch kwamen er op de Agridagen meer dan 150 geïnteresseerden opdagen. Bijna de helft van hen waren melkveehouders. Zij hoorden hoe het panel vrank en vrij nadacht over producentenorganisaties enerzijds en de termijnmarkt anderzijds. In Vlaanderen lijkt het alsof de producentenorganisaties (PO's) onder een slecht gesternte gestart zijn. Zowel bij FrieslandCampina als bij Danone vond er immers kort na hun oprichting een herstructurering plaats die boven hun hoofden werd beslist. Melkveehouder François Achten meent dat ze hun rol toch hebben kunnen spelen door betere vertrekvoorwaarden af te dwingen bij de Nederlandse zuivelcoöperatie. Bij Danone ging de producentenorganisatie het gesprek aan over leveringscontracten.
Producentenorganisaties ‘Beste melk’ (leveranciers Danone) en ‘Dairycam’ (leveranciers FrieslandCampina) hadden zich hun beginfase ongetwijfeld anders voorgesteld, maar zij hebben dat niet voor het kiezen. Als algemene raad geeft Ingeborg Van Wonterghem, werkzaam bij de afdeling Market Advisory Services van DLV, producentenorganisaties mee om van start te gaan in een goede verstandhouding met de afnemer. “Door stemmingmakerij loop je als PO marktinformatie mis die je aan je leden ter beschikking wil stellen.” Een producentenorganisatie oprichten, doe je volgens de DLV-adviseur niet om marktmacht te verwerven. In een mondiale zuivelmarkt is dat wishful thinking. Kennisvergaring is het doel en via een omwegje resulteert ook dat in een sterkere positie van de boer.
Door de huidige malaise merk je bij een deel van de melkveehouders heimwee naar de quota. Melkveehouder François Achten en belangenverdediger Renaat Debergh (zuivelindustrie) delen dat sentiment niét. De één herinnert eraan dat melkquota de boer een flinke duit hebben gekost, de ander merkt op dat een systeem van productiebeperking zonder het beschermend Europees marktbeleid van weleer niets vermag tegen volatiele prijzen. Hoe kan het landbouwinkomen dan wel beschermd worden tegen de wispelturige markten? De aversie bij Vlaamse boeren jegens melklevering op contract tegen een vooraf afgesproken prijs lijkt weg te ebben zodat deze piste ter sprake kwam in het panel. Daar lees je meer over in het eerste VILT-verslag van dit seminarie. En wat zijn de mogelijkheden op de veelbesproken maar immer onbekende termijnmarkt?
Die zijn eerder beperkt, zo leert de uiteenzetting door marktadviesdienst DLV Mas. De Europese termijnmarkt voor zuivel is niet liquide zodat Van Wonterghem adviseert om de termijnmarkt vooral als een bron van informatie te zien. “Heel wat boeren volgen de grondstoffenprijs via de termijnmarkt op en gebruiken die informatie om goede afspraken te maken met hun voederleverancier.” Niet zozeer de individuele melkveehouder maar wel de zuivelindustrie zou volgens de specialiste positie kunnen innemen op de termijnmarkt. In de praktijk gebeurt dat al gelet op de specifieke software die aangeschaft is door bedrijven uit de sector. Voorlopig bestaat er geen ander instrument voor risicobeheersing dan de termijnmarkt zodat het kan dat vroeg of laat landbouwers er ook mee moeten leren werken. Wie zijn eerste stappen op de termijnmarkt zet, moet twee zaken onthouden: “Ken je kostprijs en wees tevreden met de vastgelegde marge ook al stijgt de melkprijs.”
Verlies ten opzichte van de actuele prijsnotering uitzweten, is niet vanzelfsprekend volgens Marcel Christiaenen van AVEVE Veevoeding. Als goede raad voegt hij er nog aan toe om niet alle aan- en verkopen af te dekken via de termijnmarkt. Een melkveehouder die enkel aan de termijnmarkt denkt in verband met de grondstoffen voor krachtvoeder dient te beseffen dat de melkprijs een veel grotere hefboom is. Verder uit Christiaenen vooral praktische bezwaren, hij verwijst bijvoorbeeld naar de grote omvang van een graancontract op de termijnmarkten van Parijs (50 ton) en Chicago (100 ton). Bij de Vlaamse veevoederfabrikanten zou er volgens Christiaenen weinig animo zijn voor de termijnmarkt als instrument voor margeafdekking. In Frankrijk en Duitsland maakt de toelevering er wel courant gebruik van.