Meeste EU-landen geven extra steun aan rundveehouders
nieuwsAan productie gekoppelde steun is terug van geweest in het Europees landbouwbeleid. Dat concluderen we uit het volgende lijstje van de Europese Commissie: 24 lidstaten geven extra inkomenssteun aan vleesvee- en kalverhouders, 21 lidstaten doen dat voor geiten- en schapenhouders, 19 lidstaten voor melkveehouders, eveneens 19 lidstaten voor groente- en fruittelers, 15 lidstaten voor telers van eiwitrijke gewassen en 10 lidstaten voor suikerbietentelers. In ons land is de situatie niet anders: Vlaanderen geeft een premie voor het houden van vleeskoeien en kalveren, Wallonië voor vlees-, melk- en dubbelkoeien én voor schapen en geiten. De Europese Commissie heeft wat vertraging opgelopen bij de beoordeling van de wijze waarop de gekoppelde steun in ons land wordt toegekend, zo leert het antwoord van EU-commissaris Phil Hogan op een vraag van Europarlementslid Bart Staes (Groen).
Hoewel opeenvolgende hervormingen van het Europees landbouwbeleid in het teken hebben gestaan van het loskoppelen van subsidies van landbouwproductie, heeft de EU de deur altijd op een kier laten staan voor gekoppelde steun. Naast de reguliere inkomenssteun die vastgeklonken werd aan grond, mogen de lidstaten boeren nog een financieel extraatje gunnen voor zover die stimulans noodzakelijk is om de productie op peil te houden in specifieke landbouwsectoren en regio’s. Zonder de extra steun moet de betrokken vorm van landbouw het gevaar lopen gedeeltelijk of helemaal te verdwijnen.
In ons land leeft die vrees vooral ten zuiden van de taalgrens. Wallonië wacht namelijk op de goedkeuring van Europa voor vier vormen van gekoppelde steun: een premie voor vleeskoeien (18,5% van het totaal budget voor inkomenssteun), een premie voor dubbeldoel- en melkkoeien voor eenzelfde bedrag (1%) en een premie voor schapen en geiten (0,3% van de enveloppe). Met het idee dat vleesvee- en vleeskalverenbedrijven zonder gekoppelde steun het hoofd niet boven water houden, opteert Vlaanderen voor een zoogkoeienpremie (10% van enveloppe inkomenssteun) en een kalverenpremie (1%).
Alleen Duitsland vindt gekoppelde steun maar niets, de andere lidstaten zijn er in meer of mindere mate van overtuigd dat een deel van de inkomenssteun gereserveerd moet worden voor subsectoren die anders in problemen komen. De rundveehouderij lijkt daarbij het voornaamste zorgenkindje. Vijftien EU-landen verstrekken 13 procent of meer van hun nationale enveloppe voor inkomenssteun aan landbouw in de vorm van gekoppelde steun. Dat is ook in ons land zo omdat Wallonië (20% van het budget voor inkomenssteun) het nationale gemiddelde flink optrekt in de wetenschap dat Vlaanderen 11 procent van de inkomenssteun reserveert voor gekoppelde steun.
Normaal zouden de diensten van de EU-commissaris voor Landbouw hun oordeel al geveld moeten hebben over de systemen van gekoppelde steun die Vlaanderen en Wallonië elk voor zich uitgewerkt hebben. Door de opmerkelijke populariteit van gekoppelde steun heeft men er in Brussel de handen vol mee. Specifiek voor ons land is het zo dat de Commissie, na ontvangst van de uitgewerkte steunregelingen, vooral aan Wallonië maar ook aan Vlaanderen vragen tot verduidelijking en aanvulling gericht heeft. Na een tweede beoordeling wou de Commissie nog bijkomende uitleg, wat momenteel voorbereid wordt door de beide regio’s. Dat zou de Europese Commissie in staat moeten stellen om nog voor het jaareinde zijn goedkeuring aan de zes steunregelingen te hechten.
Ondertussen hopen sommigen er nog op dat één en ander bijgestuurd wordt want Bart Staes grijpt zijn parlementaire vraag aan EU-commissaris Hogan aan om de nieuwe Vlaamse premieregeling voor zoogkoeien onder vuur te nemen. Het Europarlementslid voor Groen vindt het maar niets dat een vleesveebedrijf in regel over 20 afkalvende dieren zal moeten beschikken. Ondanks de bijsturing die er kwam om de instapdrempel voor jonge en kleinschalige vleesveehouders te verlagen, vindt Staes nog steeds dat “de kleintjes worden doodgeknepen”. In zijn antwoord aan het Belgische Europarlementslid laat EU-commissaris Hogan niet in zijn kaarten kijken. Hoewel het dus nog wachten is op groen licht van Europa moeten vleesveehouders hun deelname aan de nieuwe zoogkoeienregeling voor 15 december bevestigen.