De Nederlander Martin Kropff wordt als voorzitter van European Forum On Agricultural Research for Development (EFARD) opgevolgd door professor Patrick Van Damme van de Universiteit Gent. Het forum versterkt de strijd tegen armoede en voedselonzekerheid in het zuiden door landbouwonderzoek dat vanuit Europa gestuurd wordt. Meer samenwerking tussen onderzoeksgroepen in Europa en in het zuiden is een ambitie van het forum, evenals het creëren van een draagvlak voor een strategische dialoog tussen de stakeholders (onderzoek, landbouwuniversiteiten, ngo’s, enz.) in Europa. “Ik ben 36 jaar actief in de tropische landbouw. Nu is het tijd om iets terug te geven”, vindt professor Van Damme.
Professor Patrick Van Damme is onlangs verkozen tot voorzitter van het European Forum On Agricultural Research for Development (EFARD). Hij werkt als hoogleraar van de vakgroep plantaardige productie aan de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van de UGent. Hij is tevens voorzitter van het Centrum voor Duurzame Ontwikkeling (CDO). Het voorzitterschap van EFARD aanvaardde Van Damme voor een periode van twee jaar.
De Gentse professor is gemotiveerd om in het zuiden iets teweeg te brengen. “Mochten de bootvluchtelingen in hun land van oorsprong meer kansen hebben, dan zou het probleem kleiner zijn. We hebben vanuit het noorden veel te lang te weinig aandacht gehad voor hun problemen. Met het Europese forum voor landbouwonderzoek moeten we ervoor zorgen dat vooral tropische voedselteelten op de agenda blijven staan.”
Volgens zijn voorganger, Martin Kropff van Wageningen Universiteit, wacht Van Damme een grote uitdaging. “Europa is een zeer actieve speler op het gebied van internationaal landbouwonderzoek voor ontwikkeling. Ze beschikt bovendien over veel ervaring en specifieke technische expertise om die toe te passen op veranderingen op ontwikkelingsgebied. Europa is dan ook goedgeplaatst om een vooraanstaande rol te spelen in de grootste uitdaging waarvoor wij deze eeuw staan: voedselzekerheid voor de negen miljard mensen waarmee wij binnenkort op aarde zullen zijn.”
Van Damme wil zich met het EFARD dan ook breder profileren dan nu het geval is. “We werken nu vooral rond Afrika. Zo hebben we veel trainingsprogramma’s voor studenten van Afrikaanse universiteiten, omdat die vaak het geld, noch de wetenschappelijke omkadering hebben om mensen te vormen. Wij willen de studenten de kans geven een doctoraat te behalen. Binnenkort worden 150 studenten uit het zuiden bij ons gevormd rond thema’s die Afrika aanbelangen.”
Hetzelfde wil Van Damme ook doen voor andere continenten. “We richten ons te weinig op Latijns-Amerika, Azië en Oceanië. Die continenten willen we ook bij de EFARD-programma’s betrekken. Bovendien is het EFARD binnen Europa vooral een West-Europees verhaal. We willen ook meer input van Oost-Europese landen.”