header.home link

Crevits: "De kracht van onze Vlaamse landbouw zit niet in de eenheidsworst"

17 mei 2021

De hele stikstofproblematiek wordt volgens Vlaams landbouwminister Hilde Crevits (CD&V) een ontzettend belangrijke en loodzware evenwichtsoefening. “Het gaat om een complex dossier dat mij ook echt wakker houdt. Voor mij is het duidelijk dat de kracht van onze Vlaamse landbouw niet in de eenheidsworst zit. Voldoende diversiteit, innovatie en samenwerking moeten de sleutelwoorden voor de toekomst zijn”, antwoordde Crevits op een parlementaire vraag van Stefaan Sintobin (Vlaams Belang) in de Commissie Landbouw.

Lees meer over:
weekKK-crevits-smaakttest-aardbei-1250

Landbouw als grote schuldige?

Vlaams parlementslid Stefaan Sintobin wou van Crevits weten hoe zij erover denkt dat “er met twee maten en gewichten” wordt gewerkt voor in het tijdelijk stikstofkader, daarmee doelend op de verschillende aanpak voor landbouw en industrie. “Met dat onderscheid geeft de Vlaamse regering ook toe aan het beeld dat door bepaalde partijen al een tijdje wordt geschapen: het is allemaal de schuld van de landbouw”, stelt hij. Nochtans heeft de sector de afgelopen jaren volgens hem al heel wat zware financiële inspanningen gedaan.

“We kunnen hier elke week spreken over de toekomst van onze land- en tuinbouwsector, maar wat als we een minister of partij hebben die absoluut niet geïnteresseerd is in de toekomst van de landbouw? Wat dan?”, vraagt hij zich af. Sintobin vroeg de minister dan ook wat haar impact is geweest op de tijdelijke regeling voor stikstof en hoe het verder moet na de tijdelijke regeling. “En hoe verhoudt deze tijdelijke regeling zich ten opzichte van uw visie op landbouw in Vlaanderen?”, wou het Vlaams Belang-parlementslid weten.

We kunnen hier elke week spreken over de toekomst van onze landbouw, maar wat met een minister of partij hebben die absoluut niet geïnteresseerd is in de toekomst van de landbouw?

Stefaan Sintobin - Vlaams parlementslid (Vlaams Belang)

“Elke sector draagt verantwoordelijkheid”

De minister erkende dat de stikstofproblematiek haar slapeloze nachten bezorgt. “Stikstof is afkomstig van verschillende actoren, zoals het buitenland, de industrie, de mobiliteit, de huishoudens en de landbouw. Al die sectoren moeten dus een stuk van de verantwoordelijkheid opnemen, ook in relatie tot hun bijdrage aan de problematiek”, zo stak Crevits van wal. Volgens haar moet de aanpak ervan objectief, evenwichtig, efficiënt, redelijk en effectief zijn. “Dat zijn heel mooie woorden die ook de basis hebben gevormd voor de PAS-afspraken (Programmatische Aanpak Stikstof) in 2014 en 2016.”

Wel moeten deze theoretische principes volgens de minister gecombineerd worden met een zeer doordachte vergunningsverlening. “En die principes onderschrijf ik absoluut. Elke vergunningsverlening moet doordacht zijn en op maat van het bedrijf. Je hebt het theoretisch kader, maar je moet altijd ruimte hebben om te kiezen en beslissingen te nemen op maat van het bedrijf.” Het komt er voor de minister op aan om nu te kijken hoe de vergunningsaanvragen van landbouwers beoordeeld zullen worden door de vergunningsverlenende overheden. Zij dragen volgens haar een grote verantwoordelijkheid.

“In de voorlopige regeling is ervoor gekozen om voor elke vergunningsaanvraag van een veehouderij of een mestverwerkingsinstallatie na te gaan of er een mogelijke impact is op de Europees beschermde natuur. Er moet dus op gemotiveerde wijze aangetoond worden of zo’n natuurgebied al dan niet betekenisvol kan worden aangetast door een bepaalde activiteit. Dat maakt een beslissing over die vergunning eigenlijk meer rechtszeker. En in die zin vind ik het te verantwoordelijk dat voor de landbouwsector gekozen wordt om die passende beoordeling toe te passen”, legt Crevits uit.

Vergunningenstop?

Ze benadrukt dat de tijdelijke regeling niet leidt tot een vergunningenstop. “Dat is belangrijk, want zo blijven productiviteitsverbetering, innovatie en investeringen in duurzame technieken op onze landbouwbedrijven mogelijk.” Wel meent Crevits dat de periode van de tijdelijke regeling zo kort mogelijk moet gehouden worden. “We hebben echt een definitief kader nodig dat de toekomst vastlegt om het vergunningenbeleid in Vlaanderen bestendig te maken.”

De minister wil dat dit definitief stikstofkader er komt op basis van berekeningen en een wetenschappelijke onderbouwing rond de effectiviteit van de maatregelen. “Daarbij moeten ook socio-economische impactanalyses gemaakt worden zodat het juiste flankerende beleid kan worden uitgestippeld en er de juiste keuzes kunnen gemaakt worden.” Een flankerend en stimulerend beleid zijn cruciaal voor bedrijven die door mogelijk verdergaande maatregelen getroffen worden, zo stelt de minister. Ze waarschuwt ook dat er voor zo’n beleid voldoende budgetten moeten voorzien worden die kunnen ingezet worden op maat van elk bedrijf.

Problematische Aanpak Stikstof?

“Een stikstofaanpak die programmatisch is, geeft ademruimte aan al onze economische sectoren”, verduidelijk Crevits. “Als dat niet het geval is, wordt de aanpak problematisch, en daar pas ik voor. Voor mij is een definitieve stikstofregeling die geen kansen geeft aan onze boeren, absoluut onaanvaardbaar. Een Vlaanderen zonder boeren, dat is als een bos zonder bomen.”

Een stikstofaanpak die programmatisch is, geeft ademruimte aan al onze economische sectoren. Als dat niet het geval is, wordt de aanpak problematisch en daar pas ik voor

Hilde Crevits - Vlaams landbouwminister (CD&V)

Over de toekomst van de Vlaamse landbouw wil de minister de discussie aangaan. “De stikstofproblematiek, de waterkwaliteit die moet verbeteren, maken deel uit van die discussie.” Wel zegt Crevits dat ze ervan overtuigd is dat de kracht van de Vlaamse landbouw niet zit in eenheidsworst. “Voldoende diversiteit, innovatie en samenwerking moeten de sleutelwoorden voor de toekomst zijn. Onze boeren zijn innovatief en inventief, maar ze kunnen dit niet alleen. De uitdagingen waar we voor staan zijn zo omvangrijk dat we heel doordacht te werken moeten gaan”, klinkt het.

Toch behoedt ze zich ervoor om de landbouw “opnieuw uit te vinden”, reageert ze op een vraag van Groen-parlementslid Mieke Schauvliege om een visie en toekomst voor de sector naar voor te schuiven. “Ik wil een grote diversiteit aan bedrijfsmodellen, maar ik ga de keuze niet in de plaats van de boeren maken. Zij moeten goed geïnformeerd worden en we moeten hen een rechtszeker kader aanbieden. Dan is het aan hen om innovatief en mee met de tijd te zijn en te bekijken wel bedrijfsmodel bij hen past.”

Landbouwers als mede-oplosser van herstel natuurwaarden

Ze wijst erop dat boeren de afgelopen jaren bewezen hebben wat voor een sterke speler de landbouwsector is. “Ook in coronatijden heeft de sector keihard doorgewerkt. Landbouw is een deel van de oplossing, ook als het gaat over het herstel van natuurwaarden. Landbouwers zijn ook landschapsbouwers. We moeten dus binnen een duurzaam toekomstkader werken, maar we kunnen dat pas doen als de individuele boer en boerin ook een toekomstperspectief en rechtszekerheid krijgen in Vlaanderen”, aldus Crevits.  

Dat rechtszeker kader is ook voor N-VA-parlementslid Joris Nachtergaele cruciaal. “Als we de landbouwsector één ding verschuldigd zijn, dan is het wel die rechtszekerheid en eensgezindheid”, stelt hij. “Het gaat over gezinnen, over investeringen, over familiebedrijven, over mensen die heel passioneel bezig zijn en heel moeilijke beslissingen moeten nemen over de toekomst.” Tegelijk waarschuwt hij ervoor dat opnieuw kiezen voor halfslachtige oplossingen het slechtste is wat voor de sector kan gebeuren.  

Er wordt een beeld geschapen dat boeren de oorzaak zijn van alle problemen. Dat is één van de redenen waarom landbouwers vandaag zo in paniek zijn

Hilde Crevits - Vlaams landbouwminister (CD&V)

Minister Crevits is het met Stefaan Sintobin eens dat het niet kan dat een beeld wordt geschapen dat de boeren de oorzaak zijn van alle problemen. “Daar ben ik het compleet mee oneens. Dat is één van de redenen waarom de landbouwers vandaag zo in paniek zijn. Het is net alsof alles wat er misloopt in Vlaanderen de schuld is van de boeren. Ik ben dat zelf ook kotsbeu, want dat is niet zo”, maakt ze zich boos. “Rijd eens rond in Vlaanderen, het is spectaculair wat ze allemaal doen om ervoor te zorgen dat we aangenaam kunnen wandelen. Dus voor zover nodig wil ik hier toch wel mijn diepste en mijn grootste appreciatie uitdrukken voor de manier waarop onze boeren zich dag in, dag uit inzetten”, besluit Crevits.

Aandacht voor continuïteit vergunningen

Commissievoorzitter Bart Dochy (CD&V) vroeg ook extra aandacht voor de landbouwbedrijven wiens vergunning komt te vervallen in de periode dat het tijdelijk stikstofkader van kracht is. “We mogen niet in een situatie komen waarbij die mensen hun rechtszekerheid kwijt zijn. Het kan niet dat zij hun bedrijven dienen te sluiten. Want het sluiten van een veebedrijf betekent het afmaken en afvoeren van het vee, het faillissement en een donkere periode voor de landbouwer”, stelt hij. “Ik denk dat we vanuit deze commissie een duidelijk signaal moeten geven dat de continuïteit van deze bedrijven gegarandeerd moet blijven.” Minister Crevits benadrukte dat haar collega-minister Demir daar ook gevoelig voor is. “Ik ga ervan uit dat ook alle vergunningsverlenende overheden en adviesdiensten pragmatisch zullen omgegaan met deze ‘hervergunningen’.”

Bekijk hier de discussie in de Commissie Landbouw van het Vlaams Parlement (vanaf 01:44:00):

Bron: Eigen verslaggeving

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek