Coloradokever massaal aanwezig door het warme weer
nieuwsDe Vlaamse overheid krijgt recent een aantal vragen van burgers die belaagd worden door coloradokevers. De kever die zich voornamelijk voedt met de blaadjes van aardappelplanten is door de hoge temperatuur in juni zo massaal aanwezig dat hij ook opduikt in de woonomgeving. “Hun verblijf nabij huizen is van korte duur, hoogstens een paar weken”, stellen Vlaamse landbouwonderzoekers gerust. Wie de kevers hinderlijk vindt, kan ze samen vegen en fysiek verwijderen. In de landbouw geldt een bestrijdingsplicht voor de coloradokever, maar burgers wordt het gebruik van insecticiden afgeraden.
Door het droge en warme weer zijn coloradokevers massaal aanwezig. Lokaal duiken ze zelfs op in de buurt van woningen en ‘bezetten’ ze hele woninggevels. Landbouwspecialisten schrijven dat toe aan de droge en relatief zachte winter die voor meer kevers in het voorjaar zorgde. De warme junimaand heeft hun voortplantingscyclus versneld. De kevers die lokaal migreren naar woningen worden aangetrokken tot prominente en heldere structuren in het landschap, vooral wanneer het daar warm is. Lang blijven ze daar niet want ze zijn op zoek naar aardappelplanten om zich te voeden.
De voorbije 20 jaar waren weinig winters streng genoeg om de keverpopulatie in te dijken. Een coloradokever kruipt tot 40 cm diep in de grond en kan op die manier strenge vorst overleven. Ze sterven pas wanneer de bodemtemperatuur onder de min zeven graden daalt. Warm weer zoals we dit voorjaar kennen, versnelt hun ontwikkelingscyclus. Hans Casteels, entomoloog bij landbouwonderzoeksinstituut ILVO, acht de kans groot dat er dit jaar twee generaties coloradokevers opgroeien. Pascal Braekman van het Departement Landbouw en Visserij vreest zelfs voor drie cycli indien het warme weer aanhoudt in juli en augustus. “Dat wil dan zeggen dat één kever die overwinterde in één seizoen voor 600 nakomelingen kan zorgen.”
Zowel de volwassen kever als de larve kunnen een aardappelplant in een mum van tijd kaalvreten. Daarom geldt er in de landbouw een bestrijdingsplicht. Landbouwers kunnen die goed naleven met behulp van specifieke insecticiden. De inzet van meer selectieve insecticiden in de aardappelteelt remt de ontwikkeling van de coloradokever nu minder dan vroeger. Een spuitmiddel tegen bladluis bijvoorbeeld spaart de lieveheersbeestjes, en veelal ook de coloradokever.
Opslag van aardappelplanten die in andere teelten aan de onkruidbestrijding ontsnapt zijn, is een voedselbron voor de kevers omdat de beestjes op die percelen niet bestreden worden. Marc Goeminne, onderzoeker op het Proefcentrum voor de Aardappelteelt (PCA), bevestigt dat opslag van aardappelplanten vooral in voorjaarsgewassen (bieten, groenten, maïs, ajuin, enz.) moeilijk of niet chemisch te bestrijden is.
Meer nog dan de enkele burgers die momenteel opgeschrikt worden door de massale aanwezigheid van coloradokevers dienen landbouwers uit te kijken voor opbrengstderving door de kever. Door het warme weer ontwikkelt hij zich veel sneller dan andere jaren. “Een reden tot paniek is dit vooralsnog niet”, klinkt het in de hoek van de landbouwonderzoekers en -voorlichters. “We volgen het probleem op via veldonderzoek.”