header.home link

Bomen voor het klimaat: (g)een oplossing?

9 november 2020

De krant De Standaard onderzoekt de impact van de klimaatopwarming op de Europese natuur. Zo wordt de impact van bos en bomen onder de loep genomen. Kunnen we wel op bomen rekenen om de CO2-uitstoot te compenseren? “Door de toenemende hitte en droogte slaan veel bomen ook in onze streken steeds minder CO2 op”, waarschuwen onderzoekers. “En als bomen sterven of in vlammen opgaan, komt alle CO2 weer vrij.”

Lees meer over:

De toenemende droogte bedreigt niet alleen onze watervoorraden, maar ook de CO2-opslag in de natuur. De zomer van 2018 was een echte wake-up call. “Door de droogte van 2018 verminderde de CO2-opname in de natuur in Noordwest-Europa tijdens de zomer met ongeveer dezelfde hoeveelheid als wat België en Nederland jaarlijks uitstoten,” berekende Wouter Peters, die aan de Nederlandse Wageningen Universiteit de koolstofkringloop bestudeert.

Klimaatwetenschapper Ana Bastos van het Max Planckinstituut voor Biogeochemie in het Duitse Jena, formuleert de vergelijking nog anders. “De negatieve impact van de zomer van 2018 op de CO2-opslag in de natuur was in Noordwest-Europa ongeveer even groot als de positieve impact van de eerste lockdown op de CO2-uitstoot door de mens.”

Droogte en CO2-opslag hangen dus duidelijk samen. “Als het beschikbare water in de bodem onder een bepaalde waarde zakt, zien we in bijna alle bossen de opname van CO 2 dalen”, legt milieufysicus Bernard Longdoz van de universiteit van Luik uit. “Dat komt omdat bomen wanneer het droog is, de openingen waarlangs hun bladeren CO2 opnemen, zo veel mogelijk sluiten om vochtverlies tegen te gaan.” Maar er is meer aan de hand. “Onze berekeningen suggereren dat de droogte de fotosynthese ook op andere manieren afremt. Bomen passen zich minder goed aan dan we hadden verwacht. Dat is geen goed nieuws.”

In Wallonië hebben we de voorbije twee jaar zo’n twee miljoen kubieke meter hout verloren

Caroline Vincke - UCL

In Europa houdt het International Carbon Observation System (ICOS), een netwerk van meer dan 140 meetpunten in heel Europa, bij hoeveel CO2 en andere broeikasgassen de natuur opneemt en uitstoot. Eén bos in de dataset, bij Vielsalm in de Ardennen, lijkt in 2018 veel minder last te hebben gehad van de droogte. “Nochtans waren de bovenste bodemlagen ook hier erg droog”, zegt bosecologe Caroline Vincke van de Université Catholique de Louvain. “Maar de lemige kleibodem houdt meer water vast dan bijvoorbeeld een zandige bodem en ik denk dat de bomen hier dieper wortelen.”

Maar ook zij maakt zich zorgen over de gevolgen van de opeenvolgende droge zomers. “In Wallonië hebben we de voorbije twee jaar zo’n twee miljoen kubieke meter hout verloren. Vooral fijnsparren die ten prooi zijn gevallen aan de schorskever, die vooral verzwakte bomen aanvalt.” Bovendien reiken de wortels van fijnsparren slechts 20 centimeter diep, wat hen kwetsbaar maakt voor droogte.

Ook in het zuiden van Zweden, waar vooral fijnsparren worden aangeplant, gaf de droogte veel ellende. Dat verergerde problemen die er voorheen zeldzaam waren. Ook hier is de schorskever in opmars, en er zijn ook steeds meer bosbranden. “Ik heb zelf fijnsparren in mijn tuin”, zegt Anders Lindroth, professor emeritus aan de Universiteit van Lund, die deze bossen al jaren opvolgt, “en die gaan denk ik allemaal dood. Als het nog vaak zo droog is, vrees ik voor de plantages hetzelfde.” Hij twijfelt er echter niet aan dat de eigenaars van deze gronden dan opnieuw sparren zullen planten. “Dat is hier al vele jaren het verdienmodel, en ik zie niet meteen beterschap op dat vlak.”

Dat Europa zo verslingerd is aan sparren is, kan verklaard worden vanuit een economisch standpunt. Als je zo snel mogelijk hout wil, is deze snelgroeiende soort een aantrekkelijke optie. In Zuid-Europa komt dan vaak eucalyptus in beeld. Ook voor projecten die grote aantallen bomen willen planten om koolstof op te slaan, lijken deze soorten op het eerste gezicht aantrekkelijk, maar dat blijkt dus een hoogst riskante keuze.

Laten we ook de bestaande bossen niet uit het oog verliezen

Marilyn Roland - Universiteit Antwerpen

De kwetsbaarheid van bossen voor klimaatverandering maakt dat massale herbebossingsprojecten absoluut geen wondermiddel zijn tegen klimaatverandering. Als een boom afsterft, dan verdwijnt de opgeslagen CO2 weer in de atmosfeer. Wordt hij gekapt voor de houtindustrie, dan blijft alleen de koolstof in de stam opgeslagen, en dan nog op voorwaarde dat het hout voor lange tijd in bijvoorbeeld meubels of gebouwen wordt gebruikt, en niet in houtsnippers of papier.

De sleutel? Herbebos met bomen en planten die van nature voorkomen in een bepaalde regio, of eventueel in iets zuidelijker streken, gezien de opwarming die eraan komt. “De klimaatverandering leidt tot veel onzekerheid, maar deze soorten zullen het hier naar alle waarschijnlijkheid beter doen dan snelgroeiende exotische soorten”, reageert zegt Caroline Vincke (UCL). “De CO2-opslag zal dan misschien langzamer verlopen, ze zal vaak wel duurzamer zijn.”

“Maar laten we ook de bestaande bossen niet uit het oog verliezen”, zegt Marilyn Roland, verbonden aan de Universiteit Antwerpen. “Oude bossen zijn eigenlijk onvervangbaar. Je kunt een gekapt bos niet zomaar elders opnieuw aanleggen.” Al wil dat niet zeggen dat het altijd verkeerd is om bomen te kappen. “Zeker nu het droger wordt, staan bossen op plekken waar er vroeger heide, venen of graslanden waren, niet altijd op hun plaats. Over het algemeen gebeurt de duurzaamste koolstofopslag in oorspronkelijke, natuurlijke vegetatie.”

Droge zomers op tijd voorspellen

Het 'Integrated Carbon Observation System' (ICOS), is een netwerk van meer dan 140 meetstations dat zorgvuldig bijhoudt hoe warm en droog het is, hoe de vegetatie daarop reageert, en hoeveel broeikasgassen daardoor vrijkomen. Het netwerk stelt wetenschappers in staat om te testen hoe goed dat model nog werkt als het abnormaal droog is, en het verder verfijnen. “Dat is belangrijk, want betere voorspellingen helpen ons betere beslissingen te nemen, niet alleen om de klimaatverandering af te remmen, maar ook om ons eraan aan te passen”, zegt Wouter Peters (Universiteit Wageningen).

“Op termijn zou het haalbaar moeten zijn om een heel droge zomer enkele maanden op voorhand te voorspellen, zodat de boeren daar hun timing en teelten op kunnen afstemmen”, aldus Wouter Peters. “In Spanje teelt en oogst men al in de lente, omdat het daar in de zomer vaak echt te warm en te droog is. Misschien zullen we dat ooit in het noorden ook doen.”

Bron: De Standaard

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek