Boerenbond verbindt landbouw en sociale sector met maatwerkgids
ReportageConsulent coöperatief ondernemen bij Boerenbond Anne-Marie Vangeenberghe heeft een inspiratiegids ontwikkeld voor land- en tuinbouwers die willen samenwerken met de sociale sector. Dit moet landbouwbedrijven helpen om samenwerkingen aan te gaan met mensen die moeilijk terecht kunnen op de gewone arbeidsmarkt. Zowel landbouwer als maatwerker kunnen hierbij winnen. "Wat voor de ene een therapeutische dagbesteding is, is voor de ander een welkom paar handen", klinkt het.
Vangeenberghe portretteert in haar gids samenwerkingen tussen landbouwers, zorginstellingen en maatwerkbedrijven. De sociale sector kan voor buitenstaanders een ingewikkeld kluwen lijken, wat kan afschrikken om een samenwerking aan te gaan. Toch zijn er volgens Vangeenberghe voor alle partijen kansen te rapen.
Verschil zorg en maatwerk
Een eerste belangrijk onderscheid vindt men tussen zorginstellingen en maatwerkbedrijven. Maatwerkers hebben een profiel dat hen mindere toegang biedt tot de reguliere arbeidsmarkt, maar ze hebben wel hun vaardigheden. Wanneer een maatwerkploeg aan de slag gaat op een landbouwbedrijf, is dat met een begeleider die hen helpt om als team de kwaliteit, precisie en snelheid van een ‘gewone’ werknemer te bieden. “Zij werken dus ook voor een loon”, zegt Vangeenberghe.
Bij zorggasten, afkomstig van een instelling, staat ‘zorg’ dan weer centraal. Deze mensen komen in de eerste plaats voor een dagbesteding, niet voor een job met een loon. “Vaak moet men vanuit hun zorgbudget betalen om aan dagbesteding te doen, dat is een heel andere logica", zegt Vangeenberghe.
Hoewel zorggasten wel geschikt kunnen zijn voor creatieve of zeer eenvoudige taken, liggen de capaciteiten algemeen lager en is er dus vaak nood aan intensievere begeleiding. “Maatwerk gaat dus om arbeid met loon, bij zorgvoorzieningen is het zonder loon”, vat Vangeenberghe samen.
Ze neemt ons mee naar twee bedrijven, Het Nijswolkje in Rillaar en Fruit Vanhellemont in Meensel-Kiezegem. Vanhellemont kiest voor een mix met zorggasten en vooral maatwerk. Die laatste zijn mensen die om een medische of psychosociale reden die niet terecht kunnen in het reguliere arbeidscircuit, maar die tegen een vergoeding een waardevolle bijdrage kunnen leveren in het fruitbedrijf. Het Nijswolkje kiest voluit voor een samenwerking met zorggasten.
Beter dan verwacht
Met een winkel, een sorteerbedrijf en een kleine vijftig hectare aan boomgaarden, hoeft Mario Vanhellemont uit Rillaer zich zelden te vervelen. Werk is er genoeg. Het sorteerbedrijf vraagt een bezetting van 13 tot 14 man. Voor de rest van het bedrijf heeft Vanhellemont hulp van twee vaste werknemers, met 50 tot 60 seizoenarbeiders voor de piekperiodes.
Maar, zoals de sector al langer aanvoelt, zijn goede seizoenkrachten steeds moeilijker te vinden. Dankzij samenwerking met maatwerkbedrijf Entiris kan hij zich toch door de drukke periodes ook een weg banen.
Vanhellemont was best nerveus voor zijn eerste samenwerking met een maatwerkbedrijf, al was de sociale sector hem niet onbekend. “We hadden al langer een zorggast die telkens een halve dag kwam meehelpen met het sorteren, en een andere zorggast die op zaterdagen de papieren klaarlegt in de fruitkistjes. Dat doet hij al meer dan 20 jaar”, zegt de fruitteler.
Een samenwerking met een maatwerkbedrijf is echter andere koek. Een hele ploeg van werkkrachten die niet terecht kunnen in het reguliere circuit: kan dat wel goedkomen? “In het begin is er natuurlijk die bezorgdheid. Gaan ze de nodige snelheid halen? Gaan ze voldoende kwaliteit leveren? En ik moet zeggen: het is geweldig meegevallen. En dus werken we nu al voor het vierde jaar op rij samen met maatwerkers, aangevuld met seizoenarbeiders. Iedereen hier is welkom, als ze maar willen werken.”
Voordelen versus seizoenarbeid
Maatwerk biedt bovendien flexibiliteit die je niet altijd hebt bij seizoenarbeid. Maatwerkers kan je voor enkele weken inzetten, terwijl seizoenarbeiders liever voor meerdere maanden komen. Vanhellemont werkt met maatwerkers om onder meer zijn Sweet Sensation en Doyenné-peren te plukken. Bij deze taak is snelheid minder belangrijk, zolang ze kwalitatief geplukt worden. Dat is voor maatwerkers op het lijf geschreven.
Nog een niet te onderschatten voordeel aan maatwerkers versus seizoenarbeiders, is dat de nood aan huisvesting wegvalt. Ook de prijs van maatwerkers is best competitief. “Dikwijls maakt men de vergelijking enkel op basis van uurloon, maar bij seizoenarbeid heb je ook een heel deel administratieve kosten zoals verzekeringen", zegt Vangeenberghe. “Bij een ploeg van een maatwerkbedrijf heb je één factuur en één betaling. Als je dat vergelijkt met de optelsom die je hebt bij seizoensarbeid, dan is dat zeer vergelijkbaar. Afhankelijk van sector tot sector, natuurlijk.”
Nog een voordeel is dat de taalbarrière wegvalt, maar de psychosociale eigenschappen van maatwerkers zijn natuurlijk ook een aandachtspunt. “Zo hadden we een maatwerker met autisme die alleen opdrachten aanvaardde van één persoon, en anderzijds zelf opdrachten begon te geven aan het ander personeel”, zegt Vanhellemont. “Zulke zaken moet je dus wel uitklaren.”
“Ik geloof nooit dat maatwerk seizoensarbeid helemaal zal vervangen: het wordt een combinatie”, zegt Vangeenberghe nog.
Sectoren leren van elkaar
Volgens Vangeenberghe hebben niet alleen landbouwbedrijven, maar ook de maatwerkbedrijven baat bij de gids. Want net zoals de modale landbouwer niet thuis is in de sociale sector, is de sociale sector niet altijd thuis in de landbouw. “We zijn nu eenmaal een atypische sector wat betreft het uur, locatie en weerafhankelijkheid”, zegt Vangeenberghe. “Bij de inloopperiode is het handig om ook de begeleider op te leiden, zodat hij weet wat er komt kijken bij een landbouwbedrijf, wat de aandachtspunten zijn en wat er van zijn ploeg wordt verwacht.”
Volgens Stef De Cock van koepelorganisatie Groep Maatwerk biedt de landbouwsector kansen voor een breed spectrum aan arbeidsprofielen. “Ons doel is niet winstmaximalisatie, maar zoveel mogelijk mensen met een beperking tewerkstellen. Wij zoeken de match tussen hun talenten en een geschikte job. En we merken dat heel veel van onze mensen graag buiten werken en precisiewerk doen."
De Cock raadt landbouwers aan om zeker geen schroom te hebben om maatwerkbedrijven te contacteren. “Ik denk dat we veel meer vragen positief dan negatief beantwoorden”, zegt hij. “Onze mensen hebben een zekere wendbaarheid. Dus stel je vraag, en we denken er mee over na.”
“Ik hoor van begeleiders dat vele maatwerkers al in juni ongeduldig vragen wanneer ze eindelijk mogen komen plukken”, zegt Vanhellemont.
Vangeenberghe wil met haar gids land- en tuinbouwers aan het denken zetten welke boerderij-jobs door de sociale sector kunnen worden ingevuld. “Klusjes die er al maanden of jaren liggen. Een schuurpoort verven bijvoorbeeld. Ik denk dat er 101 jobs zijn op land- en tuinbouwbedrijven waar we nu totaal niet aan denken”, zegt Vangeenberghe. “Iemand van de REO-veiling vertelde me hoe ze vroeger samenwerkten met maatwerkbedrijven om de kistjes te plooien en te wassen. Vandaag is dat allemaal geautomatiseerd, maar wat is het verschil? Het duurt soms zeer lang tot de loods wordt uitgeborsteld. Een maatwerker zal tussen het plooien door soms een borstel pakken om de boel bijeen te vegen, een machine niet. Het zijn zulke ‘vergeten’ taakjes die we opnieuw naar boven moeten halen.”
Zorg op de schapenboerderij
In melkschapenbedrijf Het Nijswolkje in Rillaar hebben Tom Nijs en Ann Geys samen 80 melkschapen. Eigenlijk ietsje meer, want op de dag van ons bezoek zijn er net twee lammetjes geboren. Daarnaast doen ze in niet-alledaagse teelten zoals quinoa en pompoen, met de hulp van een 45-tal zorggasten. “Waarom 45? Omdat ik moeilijk ‘neen’ kan zeggen”, zegt Geys met een lachje.
De capaciteiten van zorggasten mogen volgens Vangeenberghe niet worden onderschat. “Vaak ligt het tempo van maatwerkers een stuk lager, maar dat is niet altijd zo. Je hebt bijvoorbeeld mensen in psychiatrie die een issue hebben, maar die volledig valide zijn in hun motoriek .”
De formule verschilt van maatwerk, in de zin dat Nijs en Geys een (beperkte) vergoeding krijgen voor het aanbieden van een dagbesteding. Gratis arbeid, dus? Zo simpel is het niet, legt Geys uit. Een, zorgboerderij heeft bepaalde plichten en verantwoordelijkheden tegenover zijn gasten. Bovendien is er nood aan grondige coaching om zorggasten hun werk te laten doen.
Economische afwegingen
Een voorbeeld is het afwegen van yoghurtpotten. “Ik heb een meisje die niet kan lezen en schrijven, toch is haar taak om potten te vullen tot 500 gram. Hoewel ze getallen kan herkennen, wist ze in het begin niet in welke mate 490 minder is dan 500 gram.”
“Maar wat mijn gasten keigraag doen, is stickers plakken op de potten chocomousse. Niet altijd even gemakkelijk, want al het werk met voedsel vraagt aandacht voor hygiëne, dus je moet de zaken goed in het oog houden.”
De opvang van zorggasten en het aanbieden van dagbesteding is een extra taak voor Het Nijswolkje, en daar staat ook een kleine vergoeding tegenover. “Van Groene Zorg krijg je 20 euro per dagdeel of 40 euro per dag voor een iemand die je opvangt die noch op de gewone arbeidsmarkt, noch op een maatwerkbedrijf terecht kan. Dat zijn dus mensen waar je veel energie in steekt. Het kan dat je er op termijn een win-win uithaalt, maar een lucratief verhaal zal het niet worden. Daar moet je wel balans in zoeken, want uiteindelijk zijn we geen vzw. Als er enkel zorg is en we krijgen er niets voor terug, dan is dat niet duurzaam.”
Telkens weer moeten Nijs en Geys dus afwegen of hun zorggasten de taken aankunnen. Maar anderzijds zijn ze een welgekomen hulp om de vele taakjes op dit kleinschalig en sterk gediversifieerde bedrijf tot een goed einde te brengen. Het planten en oogsten van pompoenen, de pitten drogen en verpakken, quinoa afwegen, schapen voederen, enzovoort.
Zelfontplooiing
“Je moet het doen vanuit een sociaal engagement”, zegt Geys. “Zo hadden we een zorggast met een heel zware vorm van autisme. Hij heeft hier eerst stage gedaan vanuit het buitengewoon onderwijs. Daarna is hij even gaan werken in andere bedrijven, maar hij liep overal vast. Hij heeft het ook heel moeilijk als je onvriendelijk bent met dieren. Zo werkte hij op een varkensbedrijf – geen bedrijf dat volgens mij iets verkeerd deed – maar varkens krijsen snel en daar had hij het moeilijk mee.”
Ook overprikkeling is voor mensen met autisme een probleem. “Maar nu, zeven jaar later kan hij hier schapen melken terwijl er zestig schoolkinderen door de stal lopen en volwassenen op zijn vingers kijken. Hij kan nu dingen die andere mensen niet kunnen, en daar mag hij trots op zijn.”
Volgens Geys heeft het harde werk ook een heilzaam effect. “Elke mens heeft het nodig om zijn talenten in de verf te kunnen zetten”, zegt ze.
“En rust, dat biedt een boerderij ook”, zegt Geys tot slot. “Op elke boerderij is het hard werken, maar elke boer die er niet aan onderdoor wil gaan, kent ook het belang van rust. En dan heb ik het niet over drie weken naar Spanje gaan, maar op zoek gaan naar de rustige plekjes op de boerderij. Tijd maken om te eten met het gezin. Dat is voor iedereen belangrijk om er niet onderdoor te gaan.”
Vangeenberghe hoopt dat de succesverhalen binnen het sociaal werk ook andere landbouwers kan overtuigen om de link te maken met de maatwerk- en zorgsectoren. “We zullen onze bevindingen blijven delen via verschillende fora en communicatiekanalen”, zegt Vangeenberghe. “En we hopen dat we binnen enkele jaren nog veel meer getuigenissen kunnen uitdragen.”
De inspiratiegids valt gratis te downloaden op de website van Boerenbond.
Bron: Eigen berichtgeving