Boerenbond meent dat Europa beter kan inzake landbouw
nieuwsDe Nazomerontmoeting en daarbij horende resultatenraming voor 2016 werd door Boerenbond aangegrepen om een aantal verwachtingen te formuleren richting beleidsmakers. Vooral van Europa wordt meer verlangd dan het gemeenschappelijk landbouwbeleid vandaag kan voorleggen. “De grillen van de wereldmarkt zijn voelbaar tot op de Vlaamse land- en tuinbouwbedrijven omdat Europa de oude marktinstrumenten losliet en het ontbreekt aan nieuwe beleidsinstrumenten die zorgen voor marktstabiliteit en risicobeheersing”, analyseert Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker. “Bovendien worden boeren geconfronteerd met een toenemende machtsconcentratie voor en na hen in de keten.”
2016 wordt het jaar waarin zowel het weer als de markt de Vlaamse land- en tuinbouwers de das hebben omgedaan. Boerenbond raamt een omzetdaling op sectorniveau met vijf procent, en dit zowel in de plantaardige als in de dierlijke sector. De rendabiliteit van landbouwbedrijven staat onder druk omdat de kosten sneller stijgen dan de omzet. Niet alleen staat de marge onder druk, ze kan ook nog eens sterk verschillen van het ene tot het andere jaar.
Boerenbond wil zich niet neerleggen bij de vaststelling dat Vlaamse boeren en tuinders hoe langer hoe meer overgeleverd worden aan de grillen van de wereldmarkt. Europa heeft zijn marktbeleid afgebouwd omdat het een aantal onwenselijke effecten had (o.a. productieoverschotten), maar er kwam weinig of niets in de plaats. Dat breekt de landbouwsector nu zuur op, en doet Boerenbond vragen om een beleidsbijsturing.
Voorzitter Sonja De Becker: “Ten eerste moet Europa inzetten op marktinstrumenten die het landbouwinkomen kunnen stabiliseren. Ten tweede heeft de sector nood aan tools voor risicobeheer, bijvoorbeeld risico’s verbonden aan prijsvorming of extreme weersomstandigheden. Ook zijn er crisisinstrumenten nodig voor het geval een markt ontwricht wordt. Het vierde voorstel volgt uit de vaststelling dat Europa te weinig inzet op de positie van de boer in de agrovoedingsketen. Europa laat landbouwers toe om zich te verenigen in producentenorganisaties, maar dat is onvoldoende zolang Europa wetgevend niet ingrijpt zodat PO’s meer marktmacht kunnen verwerven.”
Een weg terug naar de oude marktbescherming is er niet want die werkte marktverstorend. Hoe je op een andere manier tot een stabiel landbouwinkomen kan komen, denkt de voorzitter van Boerenbond te weten: “Van de Europese beleidsmakers verwachten we dat ze een maatregelenpakket aanbieden naar het voorbeeld van de Farm Bill in de Verenigde Staten. Het Amerikaanse landbouwbeleid laat boeren de keuze of ze zich indekken tegen weer- en marktrisico’s, en tot op welk niveau.”
Kortom, Boerenbond dringt aan op een Europees landbouwbeleid dat opnieuw de focus legt op het economisch aspect en de weerbaarheid van producenten versterkt. De ruimte die Boerenbond vraagt voor “sectorspecifieke en regionale aspecten”, mag niet geïnterpreteerd worden als een hernationalisering van het beleid. “Dat doet zich de laatste tijd al te vaak voor, bijvoorbeeld op vlak van ggo’s, gebruik van glyfosaat of oorsprongsetikettering. Dit gaat regelrecht in tegen de gedachte en realiteit van een ééngemaakte Europese markt.
Van overheidsingrijpen in de handelsrelaties in de agrovoedingsketen is Boerenbond altijd een koel minnaar geweest, zelfs wanneer het Britse voorbeeld van een ombudsman bejubeld wordt. Liever blijft de organisatie geloven in het Ketenoverleg. Dat geloof in de dialoog is er nog altijd, wat maakt dat Boerenbondvoorzitter De Becker geen vragende partij is voor een wettelijk keurslijf. Een wettelijk kader inzake faire handelsrelaties staat daarentegen wél hoog op het verlanglijstje.